Jump to ratings and reviews
Rate this book

De bouwput (De kleine Russische bibliotheek)

Rate this book
De bouwput vertelt het absurde verhaal van de collectivisatie van de landbouw in de Sovjet-Unie. Het laat zien hoe de boeren hun eigen vee slachten en opeten, en hun boompjes uit de grond trekken om ze niet te hoeven afstaan. Intussen werkt de arbeidersklasse aan de bouw van een communistisch gemeenschapshuis, een project dat gedoemd is totaal te mislukken.

169 pages, Kindle Edition

First published January 1, 1930

Loading...
Loading...

About the author

Ratings & Reviews

What do you think?
Rate this book

Friends & Following

Create a free account to discover what your friends think of this book!

Community Reviews

5 stars
5 (16%)
4 stars
11 (35%)
3 stars
13 (41%)
2 stars
2 (6%)
1 star
0 (0%)
Displaying 1 - 10 of 10 reviews
Profile Image for Charlotte.
432 reviews133 followers
April 9, 2025
Meer (of iets anders?) van Platonov verwacht, heb er nog twee liggen, dus oei

Was me beetje kwijt halverwege en toen er een arbeidersbeer ten tonele kwam. Zal wel een goed symbool zijn, vast wel, maar ja
Profile Image for Sini.
601 reviews180 followers
May 4, 2025
In 2023 verschenen alle romans van de geniale Rus Andrej Platonov (1899-1951) in één band. Groot nieuws, want vooral "Tsjevengoer" en "De Bouwput" worden gerekend tot de ultieme toppen van de Slavische letteren. Topvertaler Aai Prins vertaalde Platonovs adembenemend bijzondere proza bovendien in een adembenemend bijzonder Nederlands. En nu is De bouwput, volgens sommigen Platonovs mooiste, ook afzonderlijk gepubliceerd. Dat prachtboek las ik al twee keer met rode oren, dankzij de aanstekelijke vertalingen van Kees Verheul uit 1976 en 1990. Maar in de vertaling van Aai Prins swingt het echt totaal de pan uit.

De stijl van "De bouwput" is volkomen uniek. Platonovs zinnen lijken mis te tasten, onbeholpen naar betekenis te zoeken, vaak zelfs de fout in te gaan. Wat fascinerend vreemde formuleringen oplevert als: “zijn verdorde mond, waarlangs een baard van afmatting maar zwak groeide”. Of: “Anderen stonden zich voorovergebogen op de borst te slaan om daaruit een gedachte te horen komen, maar hun hart klopte licht en treurig alsof het leeg was, en antwoordde niet.” En, niet minder merkwaardig: “Ieder van hen had een eigen idee bedacht voor een toekomstige redding hiervandaan”. Maar precies door die vreemdheid zijn die zinnen erg origineel en raak. In de eerste passage worden de afmatting en verdorring mooi voelbaar door de vreemde woordkeus en woordvolgorde. De tweede verwoordt de onbestemd treurige innerlijke leegte op wel heel indringende wijze. En de derde benadrukt fraai het zo intense verlangen om te ontsnappen naar een leven elders, door de vreemde positie van het woord ‘hiervandaan’.

Veel van Platonovs zinnen zijn raadselachtig poëtisch. En op fascinerende wijze anders dan wij gewoon zijn. Ze roepen vreemde perspectieven en ervaringen op, die je in andere boeken niet ziet. Wat nog wordt versterkt doordat de beschreven gebeurtenissen geen enkele inherente logica hebben. Of alleen de grillige logica van toeval en droom. De onwetende verteller en de vele verschillende personages begrijpen dan ook niets van wat er gebeurt, en kunnen er alleen in mistastende formuleringen op reflecteren. En als lezer kun je er alleen verbluft naar staren.

De zo bizarre stijl en inhoud van "De bouwput" passen bovendien naadloos bij de bizarre werkelijkheden die deze roman beschrijft. Want hij speelt in de Sovjet- Unie in de jaren ’30. Toen was Stalin zo’n vijf jaar aan de macht, en was de meedogenloos- terroristische collectivisatie van de landbouw in volle gang. De chaos en ideologische geestesverwarring trouwens ook. Platonov beschrijft op geniaal groteske wijze hoe tientallen koelakken op een vlot worden gezet dat door de stroom naar zee zal worden meegenomen. Maar zulke zaken gebeurden ook écht, in de onbevattelijk groteske werkelijkheid van toen. Platonov verbijstert ons met surrealistische passages over onmetelijke zwermen aasvliegen, die zich in besneeuwde winterlandschappen volvreten aan eindeloze hoeveelheden dood vee. Maar ook dat, hoe ongelofelijk ook, is authentiek. En precies dat ongelofelijke van toen wordt prachtig voelbaar in Platonovs bizarre, mistastende zinnen. Maar ook door zijn bizarre fantasie.

Een van zijn personages is bijvoorbeeld een beer, die werkt bij een smid. Ook wordt hij een “oude, verschroeide mens” genoemd die “van verdriet grijs” is. Want hij is wreed onderdrukt. Net als zijn menselijke lotgenoten. Het beest treurt zodra het denkt, net als de menselijke personages. Vaak wordt hij gegrepen door onmachtig verdriet: “Waarschijnlijk had hij zijn mond in de grond gedrukt en jankte hij droevig in de doofheid van de bodem zonder zijn verdriet te begrijpen”. En we voelen mee met zijn door de dove bodem genegeerde en gesmoorde verdriet. Ook dat maakt dit dier herkenbaar menselijk. Terwijl het toch een dier blijft. Bovendien worden diverse menselijke personages juist dierlijk. Zo evoceert Platonov een ongelofelijk ambigue en surrealistische wereld waarin zelfs de grens tussen mens en dier vervaagt. En dat lukt hem op imponerende wijze, door zijn bizarre stijl en verbeeldingskracht. Realistische schrijvers dringen niet zo diep door in de bizarre kern van de ongelofelijke werkelijkheid. Realistische schrijvers zijn minder gevoelig voor de surrealistisch- absurde kanten die de werkelijkheid soms heeft.

Platonovs wereld is bovendien doordesemd van indringende melancholie en treurnis. Elke mens, elk dier en elk fenomeen is verdrukt, verweesd, onbedoeld geboren, en tot doelloze dood gedoemd. Ook dat weet Platonov te vatten in ongewone zinnen en beelden: “Tsjiklins onophoudelijk werkzame levensgevoel maakte hem triest, vooral toen hij een schutting zag waar hij als kind vol blijdschap tegenaan gezeten had, maar die nu berijpt was met mos en overhelde met priemende, oeroude spijkers die zich door de kracht van de tijd uit de beklemming van het hout bevrijd hadden; het had iets treurigs en mysterieus dat Tsjiklin een man was geworden, vergeetachtig zijn gevoel had vermorst, door verre oorden was getrokken en op allerlei manieren gewerkt had, terwijl die bejaarde schutting daar onbeweeglijk had gestaan en denkend aan hem aldoor had gewacht op het moment dat Tsjiklin voorbij zou lopen en met een hand die het geluk ontwend was de door iedereen vergeten latten zou strelen”.

Prachtig, die oeroude spijkers die zich bevrijden uit de beklemming van het hout. Schrijnend, dat contrast tussen Tsjiklin als blij en beweeglijk kind, en de bejaarde, onbeweeglijke, op de ongelukkige Tsjiklin wachtende schutting. Schitterend, die ongelukkige hand die de vergeten latten streelt.

Heel fraai is ook de volgende passage, waarin spittende arbeiders en vliegende vogels worden getroffen door dezelfde zinloosheid en uitputting: “De zon stond nog hoog en de vogels zongen klaaglijk in de verlichte lucht – niet jubelend, maar op zoek naar voedsel in de ruimte; zwaluwen scheerden met van uitputting verstommende vleugels langs de kromgebogen spitters, en onder hun dons en veren was behoeftig zweet opgeweld- ze waren als sinds het ochtendgloren aan het vliegen, zichzelf aan één stuk afbeulend ter verzadiging van hun kuikens en vriendinnen. Ooit had Vojtsjov een vogel opgeraapt die plotsklaps in de lucht was gestorven en neergevallen: het dier was kletsnat van het zweet; en toen Vojtsjov het plukte om zijn lichaam te zien bleef in zijn handen een schriel en treurig wezen over dat was omgekomen door de uitputting van zijn arbeid”.

De arbeiders ploeteren met een reden: “hier kwam een huis, waar mensen behoed zouden worden voor tegenslag en ze de buiten levende vogels vanuit de ramen kruimels zouden toewerpen”. Hun arbeid staat namelijk in het teken van een utopisch visioen: een bouwwerk dat alle arbeiders en ook de vogels zal behoeden, voor de ongure werkelijkheid waarin iedereen zich vergeefs afbeult. Maar dat bouwwerk is een illusie. Er is alleen een tot in het groteske uitdijende bouwput, die steeds meer op een afgrond en een ravijn lijkt. Een bodemloze put, vol bevreemdende lagen van “onbeweeglijke aarde” en ondoordringbaar vreemde klei. Waarin de arbeiders steeds wanhopiger spitten, snakkend naar uitputting die hun denken verdooft. Die bodemloze bouwput lijkt een symbool voor de gapende leegte in de Russische ziel. Of van een gapend gat in een kapotte wereld, die volledig opnieuw opgebouwd moet worden. Zonder dat dit ooit zal lukken.

De melancholische wanhoop is bij Platonov dus enorm schrijnend. Maar tegelijk maakt juist dat de utopische hoop op verlossing des te urgenter en intenser. Bovendien schijnt Platonov ook zelf vurige utopische hoop gekoesterd te hebben. Want hij was een overtuigd communist. Ondanks alles. In elk geval verwoordt Platonov de wanhopige hoop even pregnant en origineel als de wanhoop om alle ellende. Bijvoorbeeld in een passage over een communist die ervan droomt “om vóór de partijlijn uit te rennen en deze later op open grond vreugdevol op te wachten: dan zou de lijn hem zien en als een eeuwige stip in zich opnemen”. Of als hij beschrijft hoe verschillende desolate personages hunkerend dromen van een meisje dat hen lang geleden een nauwelijks opgemerkte zoen gaf. Of hen een zijdelingse blik gunde. Waarna zij alleen nog voortleeft als onbegrepen en ongrijpbaar droombeeld. En als herinnering aan een lang vergeten zomerdag, in een vervaagde pure kindertijd vol prille hoop.

Intrigerend is ook het volgende hallucinatoire en utopische visioen, waarin het desolate grijs van de geboortegrond mooi contrasteert met het lichtende wit van de bouwsels en de kleurrijkheid die aan kindertekeningen en kindertijd doet denken: “Met de verbazing van een man die verdriet gewoon is bezag Proesjevski de precieze teerheid en afgekoelde, gesloten kracht van de verafgelegen monumenten. Hij had nog nooit een stapel stenen zo’n geloof en vrijheid zien uitstralen en kende geen lichtgevende wet die voor het grijs van zijn geboortegrond van kracht was. Als een eiland stond deze witte intrige van bouwsels gerust te stralen te midden van de verdere wereld in aanbouw. Maar niet alles aan de gebouwen was wit – op sommige plekken waren ze blauw, geel en groen van kleur, wat ze de nadrukkelijke schoonheid van een kindertekening verleende”.

Een fraai, verlokkend visioen. Al is de aan zijn verdriet gewende Proesjevski, schrijnend genoeg, te bedroefd om er in te geloven: “Hij voelde zich op de uitgedoofde aardse ster meer op z’n gemak bij smart; vreemd en ver geluk wekte schaamte in hem - zonder het zich te realiseren zou hij willen dat de eeuwig in aanbouw zijnde, nimmer afgebouwde wereld op zijn verwoeste leven leek”.

De stijl en vorm van "De bouwput" zijn fenomenaal van ongewoonheid. Ook zijn de hoop en wanhoop in dit boek schroeiend intens. Bovendien is Platonovs taal vol van onnavolgbaar originele schoonheid, en doordrenkt met grillige beelden en zinnen die je nergens anders vindt. Dus heb ik De bouwput met veel vreugde herlezen. En binnenkort zal ik dat ook met zijn andere romans gaan doen.
Profile Image for Delphine.
666 reviews29 followers
July 13, 2025
Aan een werkend man doen zich 's nachts allerlei dromen voor - sommige geven uitdrukking aan vervulde hoop, andere voorvoelen de eigen doodskist in een kleiig graf; maar overdag wordt de tijd op eendere, gekromde wijze beleefd - met de duldzaamheid van het lichaam, dat in de aarde graaft om in de verse afgrond een eeuwige, stenen wortel van onverwoestbare architectuur te planten.

De 'stenen wortel' is een gigantische bouwput waar een algemeen proletarisch huis zal worden opgetrokken. We zijn in de Sovjetunie, in de jaren dertig, en de collectivisatie van de landbouw - dit allemaal in het teken van de socialistische vooruitgang -is net begonnen. We leren de grondwerkers Tsjiklin en Safronov kennen, maar ook de eeuwige twijfelaar Vosjtsjov, die net ontslagen is door zijn 'gepeins'. Overmand door de droefheid van het bestaan is hij op zoek naar verlichting, en vraagt hij zich af wat de zin van het leven is. In deze maatschappij telt individueel geluk niet meer, of is het op zijn hoogst een bourgeois aangelegenheid. Ook ingenieur Proesjevski, die de bouwput superviseert, gaat gebukt onder zijn bestaan en plant een snelle dood. Geluk is iets uit het verleden: een kus of een blik van een mooie vrouw die ooit argeloos voorbijliep.

De actie verlegt zich in de tweede helft van de roman naar een kolchose, waar de vergemeenschappelijking van het bezit concreet wordt: boeren eten er hun paarden op en rukken hun appelbomen uit, 'koelakken' (boeren met grondwerkers) worden op een vlot naar zee gezet. Dat de communistische droom van collectief bezit geen werkelijkheid zal worden, wordt duidelijk in de dood van het kind Nastja, dat doorheen de roman symbool staat voor de rode toekomst.

De bouwput is geen hapklare brok. Het is gedeeltelijk allegorisch van aard, sterk satirisch ook, maar toch doordesemd van een onwaarschijnlijke melancholie wanneer het over de individuele, weggecijferde mens gaat. Platonov is bovendien een ongeëvenaard stilist. Uit alles spreekt zijn kritische houding tegenover de gedwongen collectivisatie - het is een mirakel dat Platonov de zuiveringen overleefde. De roman bevat voetnoten die één en ander uit de tekst verduidelijken, maar een pro-of epiloog met wat meer context en duiding zou welkom geweest zijn.
Profile Image for Pauline Elisabeth Uljee.
6 reviews1 follower
January 3, 2026
De bouwput ademt een sfeer van leegte en dood die nauw verbonden is met de tijdsgeest waarin het boek zich afspeelt: de Sovjetjaren dertig. Het leven van de personages wordt volledig bepaald door arbeid. Ze werken omdat dat is wat er van hen gevraagd wordt, niet omdat het ergens toe leidt. Een hoger doel ontbreekt volledig, en dat voel je op elke pagina.

De bouwput zelf functioneert duidelijk als metafoor voor het socialistische project. Wat letterlijk wordt afgebroken in de bouwput, staat symbool voor de ‘opbouw’ van het socialisme. De personages komen over als lege zielen: inhoudsloos, afgestompt, en vervreemd van hun eigen leven. Ze hebben wel een besef van het belang van arbeid, maar die arbeid is losgeraakt van elke vorm van zin — niet gedragen door carrièremotivatie, en zeker niet door geloof in God.

Wat het boek extra indringend maakt, is dat het geschreven werd in een periode waarin het communisme nog in opkomst was. Toch voelt het alsof de schrijver al vooruitblikt en laat zien waar dit alles uiteindelijk op uitloopt: niet op vooruitgang of vervulling, maar op leegte, ontmenselijking en dood.
18 reviews
September 25, 2025
Het boek beschrijft een groep mensen in de beginjaren van de Sovjet unie onder Stalin. Er wordt gestreefd naar de perfecte communistische staat waarin mensen niet hun eigen geluk nastreven maar alles in naam van het collectief gebeurt. Dit wordt op een absurde manier beschreven met (waarschijnlijk)verwijzingen naar echte gebeurtenissen maar ik denk dat mijn kennis van die periode toch te oppervlakkig is om die verwijzingen te kunnen herkennen, hierdoor mis ik vermoedelijk de sterke punten van dit verhaal en blijft het grotendeels steken op een absurd verhaal wat in ieder geval voor mij niet zo meeslepend of heel grappig was. Er ontbreekt (voor mij) ook een personage waar ik mee ging meeleven. Al met al vond ik het daarom moeilijk om mij er doorheen te worstelen en is het voor mij tot nu toe de minst leuke ervaring met “Russische klassiekers”
20 reviews1 follower
January 11, 2026
The Foundation Pit is an exceedingly gloomy work,
and the reader closes the book in the most depressed state of
mind. If at this moment direct transformation of psychic
energy into physical energy were possible, the first thing
one should do on closing the book would be to rescind the
existing world-order and declare a new age.
—Joseph Brodsky 1973, preface to The Foundation Pit

Zeer zeker gloomy, maar voor de rest benieuwd naar mogelijke neveneffecten. Boeiend boek.
49 reviews2 followers
June 8, 2026
In de reeks Russisch klassiekers is dit een zeer bijzonder boek: een magisch-realistische dystopie als aanklacht tegen de terreur van de landhervormingen in de Sovjet-Unie net na de revolutie.
De taal is zo bevreemdend dat je de zinnen verwonderd herleest, ja toch, dat staat er echt, maar wat betekent het?
Geen makkelijk boek, maar grensverleggend uniek en meeslepend.
Profile Image for Sebastiaan.
114 reviews
May 13, 2025
Begon veelbelovend, met een beklemmende, poëtische en dystopische beschrijving van een zich ontplooiende sovjetstaat, maar het punt was na de helft van dit korte boek al even goed gemaakt als tegen het einde. Verbazend dat Platonov met deze opmerkelijk kritische literatuur zo veel zuiveringen en censuur heeft overleefd.
Profile Image for Laetitia.
195 reviews7 followers
March 28, 2025
I hate to not love this book, but I just didn't. I found the reading experience largely boring, I didn't really understand what I was reading part of the time, and I didn't feel very attached to the story or the characters. The plot is quite vague, not really there, which I don't mind per se, but in combination with Platonov's specific language, I just found it hard to (keep) focus(ing). I absolutely loved Dzjan, and I was excited by the promise of satire on the Soviet collectivization and system. When flipping through the book, I liked the sentences I encountered. But after the first few pages, I wasn't sure if I'd get into the book. I recognize that Platonov's language is beautiful and original (although I was annoyed by the initially, in my opinion, excessive use of expressions/descriptions like 'the (...) of (...)' ('the brutality of despair', 'the shyness of weak hope, 'the melancholy of futility')). Some sentences were very beautiful, some quite funny, but overall, I just wasn't convinced or captivated. Maybe the timing was wrong; I'm not very focused these days. Maybe I would have liked another translation better (the former one seemed more accessible both in language and style) - but I feel like this translation is closer to Platonov's original/language/style. After Dzjan, I was excited to read more of Platonov's work. Now I'm not so sure or eager - but we'll see.
Displaying 1 - 10 of 10 reviews