De kat achterna is een boek vol spanning. En hoewel er in de roman het nodige gebeurt lijkt het alsof die spanning niet in de eerste plaats daaraan ligt. Belangrijker dan de spanning tussen de opeenvolgende gebeurtenissen is de spanning tussen het bestaande en het herinnerde leven van de hoofdpersoon, die er niet in slaagt een samenhangend ik-beeld voor ogen te krijgen. In haar omgeving ziet zij mensen wél op een vanzelfsprekende manier bestaan. Telkens probeert ze die omgeving naar haar hand te zetten. In het verleden gaat dat met de leugen, in het heden met de rationalisatie. Beide manieren doen de werkelijkheid geweld aan.
Doeschka Meijsing studeerde Nederlands en Literatuurwetenschap in Amsterdam en was redactrice voor de boekenbijlage van Vrij Nederland en later voor Elsevier. In 1974 debuteerde ze met "De hanen en andere verhalen". In 1981 kreeg Doeschka Meijsing de Multatuliprijs voor "Tijger, tijger!" (1980).
Uhm... na een enthousiaste mail van een van de boekgrrls heb ik De kat achterna uit de bieb gehaald, maar ik moet tot mijn schande bekennen dat ik na het tweede deel absoluut geen aanvechting meer had om door te lezen. Het is terug naar de bieb...
Waarom eigenlijk niet? Het verhaal maakte me niet nieuwsgierig, er zat te weinig spanning in, ik vond het eerlijk gezegd maar gezeur. Die jaloersigheid op Eefje, tja, wat moet ik ermee?
Wat ik me wel afvroeg was in welke tijd het nou moet spelen? Soms had ik de jaren '50 voor ogen, soms de jaren '70. Misschien soms nog wat later? Het kan zich niet over al die decennia uitstrijken want zo oud is de hoofdpersoon niet als ze terugkomt uit Canada. Nou goed, ik ga me er niet meer mee bezighouden...