In Het aanwezige been onderzoekt Arnon Grunberg met mededogen, humor en niet-aflatende interesse in zijn lotgenoten de mens en zijn verleidingen.
Zoals een vrouw van middelbare leeftijd, werkzaam voor een hulporganisatie, die vanuit een door oorlog geteisterd land een kind naar het Westen probeert te smokkelen, of een vader die op het huwelijksfeest van zijn dochter de duurdere kreeftravioli besluit te bestellen, of de jongeman die tijdens de Koude Oorlog eerst voor de verleidingen van het socialisme valt om vervolgens die van het kapitalisme verleidelijker te vinden – overal in deze bundel klinkt de echo van de Matthäus-Passion: Erbarme dich, mein Gott.
Arnon Yasha Yves (Arnon) Grunberg is a Dutch writer. Some of his books were written using the heteronym Marek van der Jagt.
In 1989 Grunberg made his acting debut in Maria's Cunt (de Kut van Maria); a short film by Dutch enfant terrible filmmaker Cyrus Frisch.
Grunberg made his literary debut in 1994 with the novel Blauwe maandagen (Blue Mondays), which won the Dutch prize for the best debut novel that year. In 2000, under the heteronym Marek van der Jagt, he won the best debut prize again for his novel De geschiedenis van mijn kaalheid (The History of My Baldness).
Grunberg publishes novels about once a year but also writes columns and essays in a wide variety of Dutch and international newspapers and magazines. He does not restrict himself only to the written media, but also reads a story for the radio every week and for some time he was host of a cultural television program. He also writes a blog for the literary Internet magazine Words Without Borders and his own site ArnonGrunberg.com.
His novel Tirza won the Dutch Golden Owl Prize for Literature and the Libris Prize.[1] His books have been translated into many languages, including English, German, Japanese and Georgian.
From 2006 Grunberg wrote various journalistic reports, for example about working undercover in a Bavarian hotel and his visit to Guantánamo Bay. Also he visited the Dutch troops in Afghanistan and the US Army in Iraq. In 2009 these reports were collected in the book Chambermaids and Soldiers.
Af en toe leuke en geslaagde verhalen in deze bundel van Arnon Grunberg. Zoals met elke bundel de een wat beter dan de ander. Het leukste verhaal vond ik de Lezer en zijn gigolo over een man die wel erg ver gaat in zijn pogingen tot leesbevordering.
In elk verhaal zit wel een absurdistisch element, her en der aangevuld met de droge humor van Grunberg.
Chill boek (korte verhalen) met droge humor. Favoriete verhaal: De schep.
Favoriete quote: ‘Intellectuelen zijn er dol op hun eigen machteloosheid te benadrukken, als ze íéts goed kunnen is het alle redenen aanvoeren waarom zij in het bijzonder en de mens in het algemeen machteloos is. De romankunst is de verentooi van de machtelozen.’
Een leuke verhalenbundel die fijn leest en onverwacht geestig is. Absurdistische verhalen met een boodschap. Grunberg weet elk verhaal ook meesterlijk op te zetten. In een paar zinnen maakt hij een sterke karakterschets.
Natuurlijk is het ene verhaal beter dan het andere maar allen zijn ze intrigerend en bijzonder toegankelijk. Een boek als een hop-on hop-off bus (met bijpassende rood-gele cover). Tussen alle ironie door strooit Grunberg ook nog met rake zinnen die ondanks hun bondigheid toch prikkelen.
Afhankelijk van wat je wil lezen is het een filosofische bundel, of gewoon een hihi haha bundel.
“Het aanwezige been” is een bundel van 24 verhalen, waarvan sommige ook reeds verschenen in andere publicaties. Zo herinnerde ik me bij het lezen het verhaal “Trek uw wandelschoenen aan” uit de bundel futuristische verhalen: “Over over morgen” (Uitg. Vrijdag). Zoals we Grunberg kennen, moeten we ons verwachten aan best grillige verhalen, waarvan het einde vaak in het ongewisse blijft en aan de fantasie van de lezer wordt overgelaten. Vrijwel alles is mogelijk in het plot van deze verhalen en humor - hoewel soms wrang van aard - is nooit ver te zoeken. Ik was vooral weg van verhalen als: “Het aanwezige been” - “De lezer en zijn gigolo” - “Handmatig”, … In sommige verhalen, zoals in het laatstgenoemde, bevinden we ons in een dystopie. De verhalen lees je best af en toe, niet allemaal achter elkaar, dat is toch mijn bevinding…
Liefde: Grunberg schrijft gewoon goed, de verhaalideeën zijn leuk, ze zijn levendig, ik zie ze voor me, er is humor. Ik heb me prima vermaakt met dit boek.
Haat: Ik weet nou wel dat de mens slecht, egoïstisch etc. is. En dan nog? Een blurb noemt Grunberg een schrijver met mededogen, ik zou hem eerder meewarig noemen, of soms gewoon lullig. Je moet het maar leuk blijven vinden om je personages keer op keer te kakken te zetten. De beste verhalen zijn eigenlijk die waar hij dat niet doet, maar een beetje lief is voor zijn personages (volgens mij zijn dat er 2). Grunberg zou mij wellicht geen realist vinden.
Heel erg des Grunbergs, deze korte verhalen. Misschien wel té, want in elk verhaal worden vrijwel dezelfde literaire ingrediënten gestopt en dat maakt dat je op een gegeven moment het trucje wel doorhebt. Maar er zitten echte pareltjes tussen.
In veel verhalen in deze bundel wekt Grunberg bevreemding vanuit wat vertrouwd lijkt. En die bevreemding begint zich gaandeweg weer als iets vertrouwds voor te doen. Ondertussen weet ik mij als lezer daarmee en -door behoorlijk geraakt.
Verhalenbundel vol absurdisme en droge humor zoals we van Grunberg gewend zijn. Niet elk verhaal kan tippen aan de vorige, maar heb het met plezier gelezen.