Laten we met het belangrijkste beginnen: als je nog nooit een bezoek aan het Coudenbergpaleis hebt gebracht - of tenminste, wat ervan overblijft - dan wordt het hoog tijd om dat eens te doen. Het is écht de moeite. Zelfs nu nog zijn de afmetingen enorm. Ik was de auteur dus voor: eerst het tastbare en dan het leesbare.
Vincenzo De Meulenaere slaat in zijn boek de nagel op de kop als hij zegt dat de meeste Belgen nog nooit van het Coudenbergpaleis hebben gehoord. Tot een paar jaar geleden zei het mij ook totaal niks, totdat het aan bod kwam in
Het Verhaal van Vlaanderen
en ik een tijd later de oude restanten ervan bezocht.
Als eerste vind ik de ondertitel Het Verdwenen Versailles van België wel goed gevonden. Oké, het is misschien een beetje cliché om die vergelijking te gebruiken, maar als je de foto's beziet en de beschrijvingen leest, kun je niet anders dan concluderen dat de Coudenberg inderdaad een reusachtig én imposant paleis moet zijn geweest, dat een enorme indruk moet hebben nagelaten op zijn bezoekers en de omwonenden. Je kunt tijdens het lezen niet anders dan je afvragen wat het was geweest, mocht het paleis nooit zijn afgebrand en het nog steeds boven de rest van Brussel uittorende.
Als je eraan begint, weet je al hoe dit verhaal afloopt: slecht. Op het einde van het verhaal gaat vrijwel het hele complex in vlammen op, en nu rest er bijna niks meer. In het boek neemt De Meulenaere je mee op een reis door de tijd die in totaal meer dan een millennium omspant, met de focus op ongeveer driehonderd jaar.
Het grootste probleem dat dit boek heeft, is dat je natuurlijk geen heel boek kunt volschrijven over een gebouw op zich en het reilen en zeilen ervan en erin. Er wordt natuurlijk wel voldoende aandacht besteed aan hoe het is ontstaan en hoe het zich heeft ontwikkeld, wat erin gebeurde, wie er allemaal verbleef en wat die allemaal hebben gedaan. Dat is het echte verhaal van het Coudenbergpaleis, volgens mij. En dan zijn er nog wat toffe anekdotes en faits divers.
Het nadeel is: als je dat allemaal bij mekaar optelt, kom je hoop en al op honderd bladzijdes - de helft van het huidige boek. De andere helft bestaat uit (gedeeltelijke) biografieën van de bewoners (korte versies, dat natuurlijk wel), ook van de tijd waarin ze helemaal niks met de Coudenberg te maken hadden, en met de geschiedenis van de regerende families in het algemeen. Op zich is dat nog wel interessant, maar het heeft ten eerste natuurlijk niks met de locatie zelf te maken en bovendien worden er soms periodes min of meer overgeslagen omdat er toen over het kasteel zelf weinig te vertellen was en er dus geen link wordt gemaakt naar de geschiedenis op zich. Of zo ervoer ik dat toch.
Dat gezegd zijnde heeft de auteur een aangename, vlotte schrijfstijl: je leest dit boek zo weg. Het ziet er ook dik uit, maar het is dunner dan je denkt - ook omdat er op het einde nog een reeks afbeeldingen van geschiedkundige personages en het paleis zelf zijn toegevoegd.
Het was misschien interessanter geweest als dit boek toch meer over het paleis zelf was gegaan en over wat er zoal in gebeurd is - de aftreding van Karel V wordt bijvoorbeeld uitvoerig beschreven, maar misschien waren er nog wel andere, leuke, kleinere verhalen die niet per se van enig historisch belang zijn, maar in het kader van het gebouw nog wel interessant zijn. Maar ja - misschien waren die er gewoon niet.
Hoe dan ook zeker wel een aanrader als lokale of nationale geschiedenis je interesseert, en als je het Coudenbergpaleis hebt bezocht of dat wil doen.
6,5/10