1925. Het dorp van Sara Sondervorst is na de verwoestende Eerste Wereldoorlog overeind gekrabbeld, maar van alle kanten dreigt er nieuw gevaar. Intussen probeert Sara in het reine te komen met haar turbulente verleden, terwijl haar broer Maurice de strijd aangaat met zijn eigen demonen. In zijn zoektocht naar verlossing begint hij een toren te bouwen. Als een zeventienjarige tweeling plots verdwijnt, staat het dorp in rep en roer. Niet veel later wordt het lichaam van een vermiste Duitse soldaat teruggevonden. Hoe hoger de toren van Maurice wordt, hoe dichter hij en Sara bij de waarheid komen.
Wanneer in het najaar van 1925 in een klein Haspengouws dorp een tweeling van 17 verdwijnt, komen doodgewaand familievetes weer tot leven. De verdwijning zou immers wraak kunnen zijn voor een gebeurtenis van een decennium eerder, twee leden van eenzelfde gezin die beschuldigd werden van de moord op een Duitse soldaat, waarna ze afgevoerd werden naar een strafkamp. Dorpsarts Sara gaat op onderzoek uit, terwijl haar broer Maurice, een oorlogsveteraan die zijn demonen ooit te lijf ging met drank en drugs, maar nu zijn zinnen verzet met het bouwen van een toren, zijn eigen katjes te geselen heeft. Twintig jaar na haar meermaals bekroonde Dood van een soldaat keert Johanna Spaey op voortreffelijke wijze terug naar haar personages van weleer.
Mooi vervolg op "Dood van een soldaat". Heb alle boeken van Johanna Spaey met veel plezier gelezen. Ze weet je mee te nemen in het verhaal, elke keer opnieuw.