Een herkenbare roman voor wie van muziek (maken) en het platteland houdt. Koren op de molen ook voor liefhebber van de Groningse en Friese muziekscene van eind jaren negentig en verder, zoals ik. Iets hield me aan het lezen. Misschien - naast mijn waardering voor De Vries als auteur en muzikant - die liefhebberij, of de nuchtere waanzin van de schrijver en het hoofdpersonage. Het boek rammelt, zeker qua spelfouten en staat vol met herhalingen. Afgezet tegen het onvoorspelbare en magische van muziek - in potentie - is De Baptisten eigenlijk een behoorlijk saaie (of Reviaanse) opsomming van repeteren en optreden. Onderhuids gebeurt er mogelijk meer. De scène op het water (ontmoeting met een gelovige/afvallige jeugdwerker of voorganger) is sterk. Mysterieus, onheilspellend. De episode na het bezoek van Marten aan het filmhuis, zijn gekte, onzekerheid en onvoorspelbaarheid, is ook prikkelend. Maar over het algemeen blijven (met name) de omstanders vlak, zelfs de bandleden en de ouders van de protagonist. De ontmoeting met een Marokkaanse oma van een vriendje van de zoon van de verteller zou het verhaal statuur moeten geven maar die 'confrontatie' - aldus de achterflap - voelt heel soms emotionerend maar in het geheel geforceerd aan als houvast.