Wim Daniëls groeide op in het Brabantse Aarle-Rixtel, met woorden als 'ollieklonje', 'brandestransie', 'ertschalle' en 'tantanna'. Gedreven door zijn onstuitbare verwondering over het dialect van zijn geboorteplaats raakte de jonge Wim verslingerd aan de taal. In De taal achterna neemt hij je mee op zijn jarenlange trektocht langs woorden en zinnen, in binnen- en buitenland, waarbij Daniëls zelfs nog een dorpsgenoot uit de zestiende eeuw op het spoor komt die verdacht veel op hem lijkt. De taal achterna is een prachtig verslag van iemand die taalplezier combineert met de wens er alles van te weten en met de behoefte ook anderen enthousiast te maken voor de wondere wereld van de taal.
De taal achterna is een persoonlijk verhaal over hoe Wim de taal achterna ging. Het is heel goed leesbaar, niet in de laatste plaats door de frivole verhalen en korte hoofdstukken. Met vlagen is het boek echter ook vervelend, waneer Daniels, mijn inziens, pagina’s vult met verhalen die niet bijdragen of niet eens aanleiding zijn voor taal-weetjes die hij wil aanhalen. Uiteraard zijn de Brabantse dialect voorbeelden leuk en vermakelijk, maar ik mis geregeld wat diepgang. Misschien dat daarom ook achterop de benaming ‘Taalprofessor’ tussen aanhalingstekens staat.
Leuk boek. Vooral in het begin als hij schrijft zich als klein jongetje te verbazen over woorden ls 'ollieklonje', 'brandestransie', 'ertschalle' en 'tantanna'.
Dit boek moesten we wel kopen. Na zijn voorstelling in het Park Theater vertelde Wim Daniels iets over zijn liefde voor taal. Toen we doorvroegen zei hij koop mijn boek maar. Slim! Nu lezen dus.