Van Gustave Flaubert tot het roddelblaadje, van Claire de Duras tot vrouwenrechten en van Emile Zola tot bewakingscamera’s. Wie denkt dat de Franse klassiekers passé zijn, heeft het mis. In Therapie met Bovary neemt Steffie Van Neste je mee op reis door haar huiskamer, waar ze samenwoont met negentiende-eeuwse Franse auteurs. Wat doen boeken met mensen en wat doen mensen met boeken? De Franse literatuur staat helemaal niet zo ver van ons bed als we denken, zegt Steffie. Languit op de sofa verkent ze hoe die onze belevingswereld dankzij Flaubert leert ze rebelleren, Stendhal deelt liefdesadvies en Musset helpt haar om knopen door te hakken. Maupassant geeft dan weer raad bij nesteldrang en Dumas brengt haar de kunst van het misleiden bij. Therapie met Bovary is een ode aan het boek, aan het plezier en aan het inzicht dat lezen ons schenkt.
Steffie Van Neste (1994) studeerde taal-en letterkunde en behaalde in 2022 haar doctoraat in negentiende-eeuwse Franse literatuur aan de Universiteit Gent. Ze doceert Frans en kan niet zwijgen over boeken: ze is redacteur bij De Reactor, begeleidt een leesgroep in Bibliotheek De Krook en schrijft en spreekt regelmatig over literatuur. In 2017 werd ze geselecteerd voor de Parijse schrijfresidentie van deBuren en in 2018 voor Eenzame Avonturen, een talentontwikkelingstraject voor literaire non-fictie van De Gids en deBuren.
De liefde voor de meeste Franse auteurs opgenomen in dit boek wordt door het lezen bij mij niet aangewakkerd en al zeker niet voor Flaubert en Maupassant. Dit is niet te wijten aan de auteur; ze heeft een heel interessant en goed gedocumenteerd boek geschreven, maar blijkbaar heb ik een natuurlijke aversie voor de Franstalige literatuur. Proust, Modiano en Simenon buiten beschouwing gelaten. Wel gaat er een vlammetje branden voor George Sand die ik toe nu nooit een kans heb gegeven, maar nu zeker ga doen. En misschien Balzac. Verder kijk ik uit om een volgend boek van Steffie Van Neste te lezen.
Dit boek had ik nodig om me van mijn hardnekkige ongegronde verveling omtrent oudere Franse literatuur te bevrijden. Musset, Nerval, Zola en George Sand zullen binnenkort zeker een kans of herkansing krijgen.
Van Neste schreef een Shakespeare kent me beter dan mijn lief (Ibe Rossel) maar dan over 19de-eeuwse Franse auteurs. Ik hou wel van dit soort boeken. Je leert veel bij over de aangehaalde auteurs en werken maar ook over de schrijver (Steffie) zelf.
Mensen die anderen enthousiasmeren voor literatuur: iets mooier bestaat er toch niet? Van Neste trekt het ook breder en actueler; onder andere Annie Ernaux en Marian Donner komen ook aan bod. Twee schrijvers waar ik een boon voor heb.
In amper 176 pagina’s trekt er in Therapie met Bovary een wereld van wijsheid en schoonheid aan je voorbij die je zin geeft om meer te gaan lezen. Dankzij de uitgebreide literatuurlijst achteraan is dat geen enkel probleem. Je onderdompelen in die lijst is misschien een fijn project voor de vakantie? Geniet ervan!
Op een bijzonder nieuwsgierigheid-prikkelende manier slaagt Van Neste erin om (voor mij overwegend onbekende) Franse auteurs vanonder het stof te halen en als een spiegel voor de lezer te houden. Zijn we niet allemaal soms zoals Emma Bovary, de middelmatigheid verafschuwend en altijd verlangend naar wat beter kan? Er zijn zoveel kleine wist-je-datjes dat je er bijna fonkelende ogen van krijgt (hoezo de Notre Dame was een veredelde opslagplaats pre-1840?). Dit is geen droog geschiedenisboek, maar een moderne kijk op oudere literaire werken waarbij de vrouw toch vaak een tragisch lot wordt voorgehouden. Steeds vlot, erg ontwapenend en zonder enige hoogdravende allures geschreven. Knap, erg knap gedaan!
Iets redden van de tijd waar we nooit meer zullen zijn, dat doet Steffie Van Neste wonderbaarlijk (sterk)! Persoonlijk zonder dat het te privé wordt, gepassioneerd zonder dat het verstikkend wordt. Woorden zijn werelden en wat een weelde uit de 19de eeuwse literatuur geeft ze mee. De aanstekelijkheid is onontkoombaar. Emma Bovary, allons-y!