Benzokarim bevindt zich op een punt in zijn leven waarin alles nog lijkt te wachten op een definitieve uitkomst. Grote gebeurtenissen moeten nog een plaats krijgen – de dood van zijn moeder, bepaalde familiebanden, de omgeving waarin hij opgroeide en de eenzaamheid die daarmee gepaard ging. Tijdens dit proces doorkruist Benzokarim verschillende werelden – Rotterdam, Zuid-Afrika en Egypte – en begint er een nieuwe taal te ontstaan, een mix van Nederlands, Arabisch, Afrikaans en Engels. Het resultaat van deze zoektocht is een bundel die bruist van de vitaliteit en de lezer recht in het hart zal raken.
Fijne, eigen bundel. Aan het begin was ik helemaal fan van de bochten waar Benzokarim de Nederlandse taal in wringt. Halverwege ging die verwondering eraf en was ik er eigenlijk wel weer klaar mee, dacht ik: 'nou ken ik het trucje wel.' Toen moest ik mezelf corrigeren dat het geen trucje maar een stijl is, die me er op langere termijn blijkbaar niet bij kan houden.
meestal ik voel wanneer ze zeggen dat ik ze raak, wil ik loop weg
ik ben zo verkeerd, zo verkeerd om ze zo dichtbij te laten zo dichtbij hier op deze plek
Nooit bij stilgestaan dat poëzie in gebroken Nederlands zo mooi kan klinken. Het verveelt of irriteert nooit al heb ik zin om eens een gedicht (of twee) te ‘vertalen’, enkel uit nieuwsgierigheid naar wat dat zou geven. Waar ik echter niet van hou is het, hoe sporadisch ook, gebruik van woorden uit een andere taal, ik vind dat geen meerwaarde, integendeel zelfs. En Engelse titels boven een Nederlandstalig gedicht begrijp ik al helemaal niet, is het luiheid? Maar goed, Benzokarim zet in de bundel de taal weloverwogen naar zijn hand en het komt nooit theatraal of arrogant over. Het is eerlijke taal, beeldrijk, associatief en gevoelig. Mooie bundel.