Een ballade voor koningin Paola. Een banvloek over Brussel. Een remake van Doornroosje. In Hees werkt de auteur zijn mateloze verwondering uit over het wondermooie en het spuuglelijke. De uitgepuurde, precieze stijl vormt, wedijverend met de inhoud, de rode draad door de gedichten.
Hees. Verbannen, opgehangen./ Mijn vel versteend, mijn lijf: uitgehouwen/ als toga en pak./ verglijdt het lood uit het leven, een drassige nacht/ van glas. De aarde bonkt - en ik, amper weerstand/ (en wiegend) waad in mijn warme woede./ Review : Maarten Goethals (Brugge, 1985) studeerde wijsbegeerte in Leuven, woont in Brussel en werkt als politiek redacteur voor de krant De Standaard. Met Hees debuteert hij in de poëzie. Het gebeurt mij niet zo vaak dat ik een dichtbundel vijf keer na mekaar lees, om de rijkdom die er in schuilt te ontdekken. De debuutbundel Hees trok me vijf keer over de meet.
In eerdere recensies over romans vertelde ik reeds dat ik van een boek hou waar sfeer in zit, of die sfeer nu knus is of beangstigend, maakt weinig uit, ik kom nu eenmaal graag thuis in een boek en Hees wist me telkens in de juist sfeer te krijgen. Toch zit er niet direct een rode draad in het boek... tenzij misschien de verwondering. Het benaderen van de vrouw, de natuurelementen en dies meer... het gebeurt allemaal met een aftastende verwondering, ook bewondering. Na die verwondering komt de heesheid die de auteur en de lezer meeneemt door een labyrint van uitgepuurde en gelinieerde stijl tussen passie en stilte.
Hees is een bundel die je regelmatig ter hand neemt om er zinnen en woorden uit te plukken die bij de stemming van een moment hoort.