Als volkszanger Ron te horen krijgt dat hij ongeneeslijk ziek is, besluit hij de dag door te brengen zoals hij altijd heeft zingend in kroegen, weglopend van verantwoordelijkheden. Met zijn twijfelachtige vriend Joop Vissekom verzint hij een benefietconcert waarbij de bekende zanger Marco B. zou komen optreden - een plan dat net zo onwaarschijnlijk is als Rons pogingen zijn leven op orde te krijgen.
Maar terwijl hij van kroeg naar kroeg zwalkt, met een groeiend publiek op Facebook en een denkbeeldige Marco B. in het vooruitzicht, dringen de spoken uit zijn verleden zich op. De stilte van zijn vader, het geweld van zijn stiefvader, zijn eigen tijd in de gevangenis, en zijn mislukte vaderschap. Zijn broer Cor probeert hem te laten zien dat niet de grote drama's, maar juist de stille verwaarlozing het meeste pijn doet - een les die Ron misschien te laat leert.
Zanger Ronald zingt de blues is een tragikomisch verhaal over vaders en zonen, over weglopen en thuiskomen, en over hoe de kleinste leugens die we onszelf vertellen soms de grootste zijn.
Walter van den Berg woont in Tilburg met zijn vrouw, zoon en hond. Zijn vierde roman, Schuld, was 'boek van de maand' bij De Wereld Draait Door en stond op de shortlist van de Libris Literatuurprijs.
Ron en Cor zijn terug. Met Joop en Annie en Millie en Marco en Nico en allemaal andere uit Amsterdam-West. Een heuse Van den Berg, deze roman over het (niet alleen financieel) armoedige wereldje waarin Ron leeft. Met twee hoogtepuntjes: de laatste dialoog tussen Ron en 'zijn eventuele Leontien' Millie en de dialoog tussen Ron en broertje Cor. Over hoe je langs elkaar heen kunt leven.
Amsterdamse man uit het volk gaat dood en vindt dat stiekem toch wel jammer, net als zijn omgeving. Dat is de plot van deze kleine roman, die vooral uit heel veel gebabbel bestaat. Ik weet dat dat volks is, maar het maakt het verhaal niet bepaald spannend. De personages ken ik nog niet, want het is mijn eerste Van den Berg. Op basis van dit boek kunnen ze me weinig interesseren: als Bob Ross een schrijver was en over hiërarchische onderkant van de samenleving moest schrijven, had hij ongeveer Zanger Ronald zingt de blues bedacht.
De diepgaande stiltes waar verschillende recensenten roemend over spreken worden met lichtshows, orkestmuziek en reuzenpijlen aangegeven, en zijn dus geen echte stiltes. Daarmee hebben Ross en Van den Berg nog iets gemeen: tegen het randje van kitsch aan schuren.
Ik merk dat ik nu een wel erg negatieve leeservaring neerpen, maar ben wel blij dát er over deze klasse wordt geschreven en ook erg benieuwd hoe de mensen die in deze roman voorkomen zelf naar dit boek kijken.
Met Zanger Ronald zingt de blues laat Walter van den Berg zien hoe ver hij is gekomen. Niet door zijn stem glad te poetsen, maar juist door deze scherper, preciezer en menselijker te maken. Goddomme, man. Dit is Van den Berg op zijn best.
Het verhaal speelt zich af op één broeierige dag in Amsterdam-West. Zanger Ronald, ooit profvoetballer, nu een kleine artiest met grote verhalen, hoort dat hij terminaal ziek is. Wat volgt is een tocht door zijn wijk en door zijn leven, samen met de opportunistische Joop Vissekom en de onverwachte Annie. Onderweg brokkelt het zorgvuldig opgebouwde zelfbeeld af dat Ronald nodig had om het leven draaglijk te houden.
Ronald is de tragische antiheld die zichzelf voortdurend voor de gek houdt: zielig en stoer tegelijk, een sukkel met charme, een vader die tekortschiet maar niet onverschillig is. Van den Berg schrijft hem met een zeldzame combinatie van mededogen en genadeloosheid. De dialogen zijn scherp en vaak grappig, maar altijd beladen met wat niet wordt uitgesproken. De relatie met zijn broer Cor, die Ronalds verhalen naar zijn hand zet, is pijnlijk herkenbaar en trefzeker uitgewerkt.
Wat dit boek zó enorm sterk maakt, is dat het vol verdriet zit zonder zwaar te worden. De humor is geen versiering, maar noodzaak. De blues die Ronald zingt, en schrijft, is geen pose, maar een manier om overeind te blijven. En Amsterdam-West is geen decor, maar een ademend lichaam, tot in de cafés en straten toe herkenbaar.
Dit is literatuur die schuurt, ontroert en blijft hangen. Een roman die mij met veel genot liet lachen en slikken, soms in dezelfde zin. Dankjewel, Walter!