Wauw. Nog nooit las ik een boek die zo goed onder woorden bracht hoe ik me bij een situatie voel. 'Ik werd kamer 235' vertelt een verhaal dat nog te weinig kan en mag verteld worden.
Zelf was ik een jaar lang jobstudent in de keuken van een wzc en 2,5 jaar lang jobstudent logistiek in datzelfde wzc. De bewoners deelden verhalen met me, omdat ze ze aan niemand anders kwijt konden. Over hoe ze privacy missen, dat iedereen altijd binnen kan lopen in hun kamer. Over hoe weinig variatie er is in de wekelijkse activiteiten (lees: eieren bakken op donderdag en bingo op vrijdag), over hoe je niet kan kiezen naast wie je zit om 's middags te eten en hoe je ook niet meer kan kiezen wat je eet (zelfs soms niet hoeveel je ervan eet). Hoe mensonterend het soms is omdat je leven voor jou bepaald wordt. Ja, onze zorgverleners doen enorm veel en het is loodzwaar werk, maar er is vaak nog een lange weg te gaan om ook de mensen te zien die achter deze zorg zitten.
Het boek leest enorm vlot en ik begon ook na te denken over zaken waar ik in die drieënhalf jaar nog nooit bij stilgestaan had (bv. waarom het personeelsrooster eigenlijk niet met de bewoners gedeeld wordt, zij hebben toch recht om te weten wie er morgen in hun kamer zal staan?). Ik kan dit boek alleen maar aanraden aan iedereen die te maken krijgt met zorg in een wzc, al is het als bewoner, familielid of personeel. Dankjewel Lieve om je verhaal te doen, het is nodig dat dit werd verteld.