In de verhalen in Het gore lef wordt volop gelogen. Want een leugen is een geweldige manier om te ontsnappen aan de waarheid – die vaak te pijnlijk is, of te saai. En het is zo makkelijk. Iedereen kan het. Je liegt tegen je vrienden, je masseur, je ouders, je kinderen, je partner of tegen jezelf. Moeilijker is het om ermee op te houden.
Toen ik halverwege de bundel was, dacht ik dat dit de beste oorspronkelijk Nederlandstalige verhalenbundel ging zijn die ik had gelezen sinds ik het oeuvre van Hermine de Graaf tot me nam. Vooral het verhaal Brand deed me ook sterk aan de verhalen van de Graaf denken: jonge vrouwelijke protagonisten die verkeren in een hardnekkige doch dromerige staat van ontevredenheid.
Maar nu heb ik de bundel uit, en denk ik dat dit überhaupt de beste Nederlandse literaire fictie is die ik in tijden las. Ik vind het echt heel erg goed. En zoals altijd is het heel moeilijk om te specificeren waarom iets dan zo goed is. Het is natuurlijk ook deels smaak: iets aan dit werk past gewoon heel goed in mijn straatje. Arnolds doet iets heel interessants met het fenomeen Déjà vu: ik had dat tijdens het lezen constant, dat kriebelende gevoel aan de rand van je bewustzijn: heb ik dit niet al meegemaakt? Dit geeft alles wat voorvalt een mystiek en onontkoombaar randje.
Ik realiseer me steeds meer dat ik begrippen als 'eigenaardig' en 'onheilspellend' niet de negatieve connotatie toeken die er volgens de definitie bij hoort. Er zit voor mij groot plezier en een soort donker omrande potentie in die termen.
Ik dwaal af en kom er niet helemaal uit in deze recensie, maar ik vind dit boek dus uitmuntend.
“Ik kan beter niet te veel over Jezus Christus praten. Mijn vader vindt het niet prettig. God is een hallucinatie. De waarheid voor velerlei uitleg vatbaar. Vroeger ging ik naar een school waar ik heb leren bidden voor het eten. Tijdens een gedeeltelijke zonsverduistering nam de lerares ons mee naar de dijk, deelde met trillende handen brilletjes uit en verkondigde onder meer dat Jezus Christus zou terugkeren - men noemden dit dan wel een eclips, ‘maar wij weten dat Hij eraan komt’. Een meisje uit mijn klas zei dat die brilletjes zinloos waren en dat je net zo goed door de kiertjes van je vingers kon kijken, en dat ze hoe dan ook liever blind werd dan dat ze door Hem gezien zou worden met zo’n achterlijk ding op haar hoofd.”
dit debuut (!!!) heeft mijn blinde vertrouwen in de hedendaagse nederlandstalige literatuur herbevestigd
4.5* - Voor wie houdt van absurde, maar ook erg menselijke kortverhalen: niet twijfelen en lezen, dit debuut (wauw!) van Sarah Arnolds!
(Persoonlijke favorieten: 'Je vriendin koopt een vis op de markt', 'Russisch' en 'Ontspan je, alstublieft'. Met die laatste titel zelfs herhaaldelijk luidop moeten gniffelen.)
Jammer eigenlijk dat de verhalenbundel begint met "Je vriendin koopt een vis op de markt". Na zo'n ijzersterk vervreemdend (maar toch ook verontrustend maatschappelijk betrokken) openingsverhaal, kan de rest bijna alleen maar tegenvallen. Daarmee wil ik overigens absoluut niet zeggen dat de overige verhalen on-fantastisch waren. Zeker "Brand" en "Hoe ik leerde liegen" vonden diezelfde perfecte balans tussen tussen herkenbare liegebeestgevoelens en zakrevolver-gerelateerde absurditeiten (alleen "Madrid" verloor me tegen het einde een beetje in zijn surrealiteit). Dat ik met dit soort nietszeggende argumenten aan kom zetten, laat in de eerste plaats zien hoe zelfverzekerd en kritiekbestendig Arnolds' debuut geschreven is. Dus, om nog maar even te eindigen met een tweede nietszeggend argument: eigenlijk jammer dat de bundel zo kort is: ik wil meer dan 160 pagina's met een hoop wit tussendoor. Een heuse roman kan wat mij betreft niet snel genoeg komen, maar meer verhalenbundels vind ik ook helemaal okee.
Heerlijke vervreemdende verhalen. Vaak gelachen, ook al is er ook steeds een wat tragische ondertoon. Lezen als je ff uit je sleur wilt!
‘Ik hoopte op een toevoer van nieuwe, interessante gedachten. In plaats daarvan moest ik het al jaren met dezelfde doen. Iemand zei een keer dat ik een dagboek zou moeten bijhouden en ik dacht, oké, cool, maar toen ik mijn gedachten had opgeschreven kon ik wel huilen. Ze zien staan op papier bevestigde alleen maar wat ik ergens altijd al had vermoed: ik had er te weinig, en wat ik wel had was niet zo best.’
‘En wat is echt belangrijk? Dat is voor iedereen anders. Voor mijn moeder is het met rust gelaten worden, voor de buurvrouw is het bruin worden in de zon, voor mij zijn het mijn enveloppen. Voor Jezus Christus is het een groepsgevoel en je ogen even sluiten voor je gaat eten.’
Mmm, bij vlagen echt genoten maar toen het klaar was wist ik niet zo goed wat ik heb gelezen (?). Sommige verhalen had ik langer in willen duiken, anderen waren me te lang. Misschien is ‘het korte verhaal’ gewoon zegmaar echt niet mijn ding. Naja, see for yourself
weergaloze verhalen vol met humor en mistroostigheid. ben echt zo onder de indruk en kan niet wachten om nog meer van haar te lezen!!! ik wil alleen maar meer!!
“Ik wil dat je je ogen sluit en me vraagt of ik, heel misschien, mijn vingers in je oren wil steken, een heel klein stukje maar. Ik wil mijn handen tegen je wangen leggen en de toppen van mijn wijsvingers in je oren laten glijden. Ik wil dat ik iets verder ga dan je had verwacht, maar dat je niet zult protesteren. Ik wil dat je je ogen gesloten houdt, dat ik je wimpers zie trillen, dat je je mond een stukje opent, dat onder de tafel je handen zich om de zitting van je stoel klemmen, alsof je zou kunnen opstijgen als je loslaat, alsof je je kop zou kunnen verliezen. Ik wil dat je me zegt dat je dit nooit eerder hebt gedaan. Daarna wil ik dat je je handen onder de tafel vandaan haalt. Ik wil dat je ze naar me uitstrekt, dat je me weet te vinden zonder te kijken. Ik wil dat je je vingers in mijn oren steekt, steeds dieper, tot je iets tegenkomt wat daar tot dat moment altijd verborgen heeft gelegen.”
Ik snap er niets van, maar da’s wellicht de bedoeling. Goed geschreven, mooie beeldspraak. In de losse verhalen zie ik onderling wel parallellen, denk ik, die voor enige samenhang zorgen. Op zichzelf beschouwd zijn het Lynchiaanse tripjes.
Nu net over die tegenstelling, tussen het beeld dat je van jezelf hebt en wat de buitenwereld daarvan maakt, gaan alle verhalen in Het gore lef. Je zou dat, zoals op de flaptekst, liegen kunnen noemen, maar voor mij dekt dat woord de lading toch niet helemaal. Hier is volgens mij iets subtielers en in zekere zin vileiners aan de hand dan een simpele platte leugen. In het verhaal Je vriendin koopt vis op de markt probeert een man bijvoorbeeld angstvallig voor de buitenwacht verborgen te houden dat zijn vriendin hem nagenoeg dagelijks met de meest uiteenlopende voorwerpen een klap verkoopt. Daar echt over liegen doet hij niet. Hij zwijgt eerder. Houdt het verborgen. Een houding die nu juist net alles zegt over hoe hij in het leven wenst te staan. Over hoe hij wel en niet gepercipieerd wenst te worden.
Hele recensie te lezen op Tzum of op mijn Substack
Het debuut van een belofte die veelbelovend blijft.
Met de verhalenbundel Het gore lef maakt Sarah Arnolds (1992) haar officiële debuut. Eerder al stond ze in de schijnwerpers met werk in De Gids, Das Mag Sampler en scenario’s voor film. Bij een verhalenbundel komt het niet alleen aan op de stijl, maar ook structuur, ritme en thematische kracht.
De rode draad door de verhalen is het verzwijgen van de waarheid – niet het grote theatrale liegen, maar de alledaagse vormen van zelfbedrog, ontkenning en vervorming. Dat komt in sommige verhalen sterk uit de verf. In Je vriendin koopt vis op de markt weet Arnolds met subtiele middelen een verontrustend beeld op te roepen van huiselijk geweld en morele blindheid. Daar wringt en schuurt het precies genoeg.
Dit niveau weet ze lang niet overal vast te houden. Haar stijl – scherp, associatief, vol sprankelende metaforen – werkt goed in kort bestek, maar begint in langere verhalen te rafelen. Ideeën worden aangestipt maar niet uitgewerkt, beelden stapelen zich op zonder richting, en de narratieve lijn vervaagt. De elegantie van de taal komt dan los te staan van de inhoud, en de verhalen verzanden in sfeertekening zonder richting.
Ook op emotioneel vlak laat de bundel steken vallen. De toon is vaak geestig en ironisch, maar ook afstandelijk. Je leest met bewondering, zelden met ontroering. Juist bij verhalen over identiteit, schaamte en zelfbeeld is dat een gemis – het hoofd wordt bediend, het hart blijft op afstand.
Wat niet helpt, is de herhaling in thematiek. Veel verhalen cirkelen rond hetzelfde spanningsveld: hoe het zelfbeeld botst met hoe we door anderen gezien worden. Een interessant uitgangspunt, maar zonder nieuwe invalshoeken of narratieve risico’s gaat het op den duur slepen. De bundel mist variatie en opbouw: het tweede deel voelt minder urgent dan het eerste.
Is Het gore lef dan geen geslaagd debuut? Interessant is het zeker; eentje waarin stijlgevoel en observatietalent zit, maar ook ongeduld. Arnolds kan origineel schrijven en heeft een eigen stem. Maar ze lijkt soms te vertrouwen op flair waar verdieping nodig is, en op vorm waar spanning ontbreekt.
Als Arnolds hierna haar taalgevoel weet te koppelen aan narratieve scherpte en thematische diepgang, kan ze uitgroeien tot een uitzonderlijk schrijver. Het gore lef zet de deur op een kier – maar nog niet wagenwijd open.
Het plezier spat van de pagina's af. Met het korte verhaal heb ik een beetje een haat-liefde verhouding. Ik hou ervan, maar weet nooit zo goed hoe ik het moet lezen. 2 korte verhalen achter elkaar is zonde, maar eigenlijk wil je ook verder als je net een fijn kort verhaal las. Het leesritme is altijd even zoeken.
Anyhow: erg van genoten. De wat mij betreft droge manier van schrijven, die laat zien hoe nutteloos en inwisselbaar ons leven soms is kon ik waarderen.
Zo begint "de mijne" met: "Ik werd geboren. Ik ging naar school. Ik kreeg een broer. Ik brak mijn arm. Ik ging op vakantie naar verschillende landen. Ik begon met roken. Ik ging studeren. Ik studeerde af en en ik vond werk. Ik vond een huis. Ik kocht een dressoir van steigerhout. Ik kocht een lamp waarvan ik de kleur van het licht kon afstemmen met mijn gemoedstoestand. Ik zette de lamp op het dressoir. Ik was aanvullend verzekerd. Ik werd verliefd. Ik liet het voorbijgaan."
Dit gaat nog veel langer door en vind het gewoon wel lef hebben dat je zo'n keuze maakt.
gewoonweg briljant! bijna volledig vandaag gelezen en ik denk dat dat ook zo hoort. heel erg fijn en kwetsbaar en grappig en prachtig!
“Hij is ziek genoeg om aan de ontbijttafel zijn lepel van grote hoogte in de yoghurt te laten vallen, te kijken hoe de spetters over tafel vliegen, op de krant en de facturen en Suzana's post van de universiteit en de troep van alledag en te denken: er wacht een graf op ons allemaal. Niet ziek genoeg om vervolgens te leven alsof die fatale dag in een hogere versnelling dichterbij komt, te leven met een ander perspectief op vergankelijkheid en de wind in de zeilen en misschien nieuw haar en beginnen met wielrennen en een verhouding. Hij schommelt tussen schrik en gelatenheid. Het is draaglijk, omdat het niet anders is.”
Sterk debuut, met een flink tempo en verfrissend menselijk inzicht, bla bla. Of: gewoon heel intelligent. Erg droogkomisch via die Nederlandse schadenfreude. Lekker modern: scherp, spreektalig, geregisseerd. Toch wat eentonig (zeker na Brand, omdat het zo'n homp van de bundel opneemt), waarna de thematische kern en klank- en spanningskleur niet echt moduleren. Blijft nogal hoog in de keel. Goed: gelachen, en daar gaat het om!
heel veel plezier met de bundel gehad, meerdere malen gehuild van het lachen. Hoewel de humor een groot deel is van de verhalen, zit er toch vaak een unheimliche, donkere ondertoon in. Voor mijn gevoel. Het is moeilijk om favorieten te benoemen, maar Brand was een van de verhalen in de bundel die me lang bij zal blijven. Maar ik weet zeker dat ik regelmatig terug zal denken aan meerdere karakters, bizarre types en koekoek scenario’s. Zo vol met kleur en leven, echt heel fijn.
Edit: ik vergeet er ook bij te zeggen dat het hard-droog Nederlandse taalgebruik me ontzettend bevalt en dat ik dit voor het eerst in lange tijd weer gebruikt en zo mooi toegepast zie worden.
3,7 sterren. Genoten van de taal en de speelsheid van dit boek. De verhalen pakte me niet allemaal, maar genoot wel elke keer van de humor en het weirde absurdisme. "Russisch" bleef me het meest bij, en ik hoop dat Sarah Arnolds nog meer gaat schrijven want ik vind haar schrijfstijl en fantasie echt te gek en wil meer van haar lezen. Thanks @Flore Kukolj voor het geven van dit boek aan mij <3
Mooie bundel, de verhalen doen me denken aan ‘no one belongs here more than you’ maar ook aan de personages uit Oroppa. Als mensen nog tips hebben voor leuke verhalenbundels, graaaaag
Gisteren vroeg broer Stijn, die uit principe alleen maar non-fictie leest, wanneer ik voor het laatst iets heb opgestoken van fictie. Ik mompelde iets over een debuut, korte verhalen, de plaats in het literaire veld. Het eerste verhaal, over een vrouw die haar vriend slaat met een vis. Ik geloof niet dat ik Stijn heb overtuigd.
PS luister de Boeken FM-aflevering voor meer details en om te horen hoe vaak Joost de Vries alle vrouwen in de aflevering in de rede valt xx
Scherpe observaties, heldere taal, bizarre verhalen met als rode draad leugens en eenzaamheid. De verhalen zijn humoristisch, duister, geheimzinnig en absurd. Ik heb nu echt heel veel zin om meer verhalenbundels te lezen (en nieuw werk van Sarah Arnolds)
"En wat is echt belangrijk? Dat is voor iedereen anders. Voor mijn moeder is het met rust gelaten worden, voor de buurvrouw is het bruin worden in de zon, voor mij zijn het mijn enveloppen. Voor Jezus Christus is het een groepsgevoel en je ogen even sluiten voor je gaat eten. Ieder zijn ding, en dat is iets om te respecteren."
"Als ik mijn man op een ochtend zou aantreffen als dermatoloog zou ik hem de moedervlekken kunnen laten zien die ik niet vertrouw. Hij zou ze in het felle licht van de badkamer met een loepje bestuderen, mijn dermatoloog, geduldig en secuur, en hij zou me vertellen dat ze op het moment allemaal onschuldig zijn, zoals alles in principe onschuldig is tot het begint te woekeren: cellen, invasieve planten, je fantasie. Maar mijn man is geen dermatoloog, hij is mimespeler."
Wat een onprettig boek. En dan niet eens het onprettige waarvan je zegt “wauw wat knap dat de auteur dit gevoel bij me weet op te wekken”. Nee, gewoon onprettig. Het voelde allemaal onverfijnd, onaf en elk verhaal miste gewoon iets. Sommige verhalen begonnen heel interessant, maar liepen daarna saai of traag richting een mat einde.
Uiteraard gaat het in veel literatuur meer om de schrijfstijl dan de inhoud, maar in dit geval was de schrijfstijl niet sterk genoeg om het boek tot iets bijzonders te maken. Je kunt zien dat de auteur wel talent heeft, maar het voelde voor mij als een serie schrijfoefeningen die nog bijgeschaafd moesten worden.
Niet mijn ding dus. 1.5 ster. Als we het niet voor onze boekenclub hadden gelezen was dit een DNF’je geworden.
Wat een heerlijke verzameling verhalen: je voelt dat Arnolds heeft lopen kneden en schaven tot ze precies grappig, donker en scherp op papier staan. Want al ogen de situaties eerst absurd (de mimespelers, de fake student Russisch, de tienermeisjes die gelukzalig kleding opruimen), de schrijfstijl is zo creatief en pakkend dat je al gauw helemaal met de personages meeleeft, en uiteindelijk ook een zilveren jas wilt, een massage, een vriendin die een vis...oh nee.
Naarmate we richting het einde gingen, vond ik de verhalen toch qua kracht afnemen, en doordat ik de geweldige verfilming van 'Je vriendin koopt een vis op de markt' al kende, werd ik niet meer door de geschreven versie verrast. Desondanks heb ik de bundel met veel plezier gelezen en hoop ik dat Arnolds nog meer (en langer) Nederlandse literatuur gaat uitbrengen. 3,5 sterren.
Franka zei dat we eigenlijk medelijden met Marissa zouden moeten hebben, dat het liegen een manier was om aandacht te vragen, een schreeuw om hulp. Dat klonk in eerste instantie best wel aannemelijk, maar toch zeiden we dat ze haar bek moest houden, omdat we het haatten als Franka dat deed, dingen van twee kanten bekijken, de fucking therapeut uithangen. Dat iemand die alles kreeg wat ze maar wilde een goede reden had om te liegen, dat ging er bij ons gewoon niet in, maar echt iets uitmaken deed het ons verder ook niet. We wilden nog steeds vriendinnen met haar zijn.