Cato zit op haar bankje, dat vergroeid is met mimosa. Waar wacht ze op? Nergens op. Ze zit er gewoon. Met haar glazen oog dat traant bij zuidwestenwind. Alsof ze huilt. Maar Cato heeft negen jaar geleden voor het laatst gehuild. Toen haar jongetjes werden verpletterd door de glimmende ijskast en haar hart bevroor.
Is het de wijn die ze de hele dag drinkt, de abrupte dood van haar buurvrouw die nadreunt? Of het gezoem van bijna alles bij elkaar? In dat gezoem komt iets naar boven zweven, het fladderende geluid van een vergeten belofte: het besluit om dingen te ondernemen die boven haar macht liggen, om geen lafaard te zijn. Cato Goudschenker, postbode, denker, schenker van brieven – ze schrijft twee, drie zinnen en zet iets in gang wat onomkeerbaar is.
Coco Schrijber (1961) is een Nederlands filmregisseuse van documentaires, en schrijfster van de boeken De luchtvegers (2015) en Ola en de dingen (2019).
De roman Het gezoem van bijna alles van Coco Schrijber, die genomineerd was voor de Libris Literatuurprijs maar niet won, gaat niet over een intelligente vrouw die Cato Goudschenker wordt genoemd, die als filosofe een briljante academische carrière heeft gehad en die na vijf miskramen aan lager wal raakt en zichzelf de vergetelheid in drinkt in een uithoek van een warm eiland, waarna zij zich herpakt en naar Peru reist om heldhaftig in haar eentje een van de hoogste bergen ter wereld te beklimmen, hoewel het boek daar wel degelijk over gaat. De roman gaat over een van de pijnlijkste knelpunten van deze tijd: zingeving. Hij gaat over de heden ten dage uiterst zeldzaam geworden ervaring van betekenis en het alomtegenwoordige gemis van zin. Hij gaat over de vraag wat wij nalaten, in de dubbele betekenis van dat werkwoord. Het boek wil de lezer doordringen van zijn of haar plicht om betekenisvol te zijn. Daarmee is het een belangrijk en uiterst actueel boek.
Het is ook nog eens een mooi boek. Ik heb ooit bij wijze van provocatie wel eens beweerd dat het in de literatuur draait om de decors. Deze roman laat de lezer reizen naar spectaculaire, exotische omgevingen, zoals het eiland La Palma, omspoeld door de oceaan, de Huascarán in het Cordillera Blanca Massief in de regio Ancash van Peru, Flevoland, Damascus, Puglia en een lintdorp in het Westland. Al deze decors zijn functioneel. De leegte van de oceaan rond La Palma, waar de protagoniste de hele dag naar zit te kijken terwijl zij zich klem zuipt, is de leegte van de polders die andere personages bedrukt in Flevoland en in het Westland. Het is existentiële leegte.
Cato Goudschenker heeft deze leegte tevergeefs trachten te vullen met filosofie en met fictie, die eruit bestaat dat zij levens verzint voor haar ongeboren kinderen. Intussen zit zij, evenals alle andere personages, eigenlijk niets anders te doen dan te wachten tot de tijd zich vanzelf in tweeën splitst en het moment aanbreekt waarop de mist van de zinloosheid op magische wijze optrekt, hetgeen nimmer zal gebeuren tenzij dat wordt afgedwongen. Dan stelt zij een daad. Het gaat er niet om of die daad zinvol is, maar dat het zinvol is om een daad te stellen. En zij schrijft een brief die van alles in werking stelt. Het wordt nooit duidelijk wat er in die brief staat, maar dat doet er ook niet toe. Wat ertoe doet, is dat zij iets van betekenis heeft nagelaten aan anderen.
Deze roman demonstreert de kracht van literatuur. Hier kan geen zelfhulpboek tegenop. Hoewel het boek kan worden geïnterpreteerd als kritiek op het nut van fictie, is het de stuwende noodzaak van dit verzonnen verhaal, alsmede onze met stilistisch geweld afgedwongen empathie voor de personages, die ons niet alleen op rationeel niveau overtuigt van de noodzaak om ons leven te veranderen, maar die ons ook op pijnlijk concrete wijze laat voelen hoe leeg wij zijn en ons emotioneel en zintuiglijk doordringt van het besef dat er geen reden is om die verandering uit te stellen tot morgen.
Dit was een bijzondere leeservaring. Ik begon als een speer, met al lovende uitspraken in mijn dagboek, omdat het hoofdpersonage Cato mij direct greep. Ze raakte mij met haar filosofische observaties en de verhalen die ze van haar leven maakte. Vele vele zinnen vond ik prachtige, herkenbare observaties.
‘Catootje denkt de hele dag, over zaken die ertoe doen en onbeduidende dingen, over stelregels en visies, over vormloze kwesties die geen kwesties zijn totdat je er een vraag over stelt. Denken is wat ze het liefst doet. En klimmen, maar daar gaat het nu nog niet over.’
Interessant genoeg kwam er ineens een rem op mijn leesvaart en werd een deel van het boek een moeilijkere leestocht, vergelijkbaar met hoe Cato zelf ook zoekt en klimt. Bij sommige passages vroeg ik mij af wat de toegevoegde waarde er nu precies van was, of van zou zijn, maar steeds klom ik door.
Misschien dat het vertragen van dit leesproces er voor heeft gezorgd dat ik zo veel over dit boek na ging denken. Misschien is juist dat doorgaan, die moeite doen, zo mooi beschreven in dit boek. Aan het eind kwam mijn leesspurt weer terug en werd ik beloond, met tranen van een soort van geluk? Zelfs dat snap ik nu nog niet helemaal, maar dat hoeft ook niet. Hopelijk wordt Coco (of Cato?) zelf ook beloond voor dit pareltje.
'je vorm is nooit af. Omdat we ons elke dag laten misleiden. Door de vorm die we hebben aangenomen.'
De een zal dit een vol boek noemen, de ander een rijk boek. Een verhaal dat je meeneemt en speelt met je verwachtingen en ineens een mes in je hart plant. Je zit helemaal in het hoofd van Cato Goudschenker en voelt haar onmacht, haar ergernis over zichzelf om een stap te zetten. Doe iets! maant het eiland haar. De literaire stijl is om te zoenen zonder dat het gewilde/gezochte zinnen zijn die in de weg zitten (had ik nogal last van bij Paul Claudel) Ik bleef nadenken over Cato, haar kinderen, haar gedachten, wat ze zoekt, kwijt is. Haar discussie in haar nachtelijke drankroes met grote denkers is supergeestig en scherp. En die brief! Een monumentale maar persoonlijke roman.
Ze leeft zoals dat gaat als je achttien bent, wanneer de ochtend nog een vraag is en geen in je gezicht dicht gesmeten deur.
Hij is een buitenwijk waar ’s avonds niemand over straat loopt.
De post was verantwoordelijk voor het niet uit elkaar vallen van de mensheid.
Voor de een vlogen de jaren voorbij en voor de ander kropen ze om, dagen van plakband.
Je hebt mensen die kinderen krijgen alsof ze boodschappen gaan doen en je hebt mensen die zelf altijd kinderen blijven, dat zijn aanstekelijke mensen want als je die vroeg: wat is je favoriete dinosaurus, wisten ze meteen antwoord. Alsof het leven voor hen niet bestond uit belastingaangiften en inparkeren, ruzie met de buren of bezoekjes aan kennissen waarvan ze de achternaam verhaspelden.
In het midden van het plein staat, zoals altijd, in elke stad, een vrijheidsmonument. Het eeuwenoude verhaal. Je wordt belegerd, veroverd, je geeft op en dan kom je in opstand. Zo gaat het in het groot, zo gaat het in het klein. Cato was ook in opstand gekomen, tegen zichzelf.
Ik kreeg tijdens het lezen ook enorme zin om in opstand te komen. Lees dit boek.
Wat een boek, wat een boek! Mooi gecomponeerd, indringend verhaal, interessante personages met prachtig gevonden namen, fijne hoofdstuktitels.
Het verhaal Cato Goudschenker is studente in een niet nader genoemde stad. Ze studeert filosofie, want denken, dat is het liefste wat ze doet. Het “zoemen” in haar hoofd lekker z’n gang laten gaan onder het geniet van loeisterke koffie. Wat ze later wil worden weet ze niet, maar in ieder geval geen moeder. “Als alles tegenvalt en je gefnuikte ambities je aan de drank slingeren, kan je altijd nog moeder worden”.
We maken een sprong in de tijd. Cato woont inmiddels op een Spaanstalig eiland in de Atlantische oceaan. Alleen. Ze is de postbode van het eiland en rijdt met haar scootertje van hot naar her om de weinige pakjes en brieven die er komen rond te brengen. De rest van de dag zit ze op een bankje, rookt als een schoorsteen en zuipt als een ketter.
We komen erachter dat, in tegenstelling tot haar voornemen al studente, ze maar liefst 5 kinderen heeft. Maar dat de jongste twee dood zijn gegaan, geplet door een koelkast. En de andere kinderen ziet ze niet (meer). Geen wonder dat ze vergetelheid van dat enorme verdriet probeert te bewerkstelligen.
De dagen, maanden, jaren, rijgen zich aan elkaar. Letargisch. Tot haar oude buurvrouw overlijdt en er op het eiland een enorme bosbrand uitbreekt. Die gebeurtenissen doorbreken Cato’s passiviteit. Ze pakt haar oude liefde, het bergbeklimmen weer op.
Vlak voordat ze naar Peru gaat om daar een hoge berg te gaan bedwingen, schrijft ze een brief aan alle mensen over de wereld die ook Goudschenker heten. Brieven die door postbodes zoals zij gesorteerd en bezorgd worden. Brieven die in het volgende deel van het boek zeer uiteenlopende levens beroeren.
Mijn favoriete citaat: “Aan wie laat je je leven na, als er niemand is?”
Toen ik na zoveel pagina's tegen mijn boek riep "maar doe dan iets!!" wist ik dat de schrijver een mooi personage had neergezet. De wendingen komen precies op tijd, en toen ik begon te denken dat het verhaal zo gestagneerd bleef als het begon verraste het me. Ik vind de korte verhaallijntjes van andere personen ook knap verweven en in korte tijd beeldend neergezet. Een kort verhaal schrijven is wat dag betreft nog moeilijker dan een heel boek. Ik moest er even inkomen maar heb het verhaal en de hoofdpersoon Cato toch omarmd.
Een bijzonder bijzonder boek. Ik dacht lange tijd dat Schrijber aan zichzelf ten onder zou gaan door zo bijna clichématig en emotioneel te schrijven, maar nadat duidelijk wordt dat er meer hoofdpersonen zijn dan Cato alleen, blijkt het niet de schrijver, maar het personage te zijn dat zo praat en denkt. Ze neigen allemaal wel enigszins naar het pathetische, maar in wisselende hoeveelheden, dat maakt het een stuk draaglijker.
De opzet van het boek is zeer bijzonder. Niets is wat het lijkt. De hoofdpersoon bekleedt eerst wel, dan niet meer, en dan weer wel, en dan toch niet meer, die rol, ergens halverwege wordt het opeens een mozaïekvertelling vol prachtige, kleine en grote levensverhalen, er wordt flink gedacht, gemijmerd en anderszins gefilosofeerd, cruciale details blijven moedig onbenoemd (want op welk eiland woonde Cato nou?), en niemand blijft per definitie gespaard. Het boek is even ingenieus opgezet als uitgewerkt.
Het is alleen soms wel erg wijdlopig-associatief-meanderend-verdwalend. Daar lees ik me dan moedig doorheen, maar dat vond ik eerder hinderlijk dan verrijkend. Afijn. Minor details. Een bijzonder en tamelijk onnederlands boek, dat nogmaals bewijst dat juist scenarioschrijvers héél goeie boekenschrijvers kunnen zijn.
Eerst vond ik het rommelig en onduidelijk, maar hoe verder ik kwam, hoe meer ik het ging waarderen. Eenmaal over de helft heb ik het razendsnel uitgelezen. Een heel mooi verhaal over tragische mensen.
Voor mijn doen razendsnel gelezen maar het was dan ook erg mooi en verrassend. Je zou kunnen zeggen dat het een avonturenroman is door wat Cato Goudschenker, postbode, filosoof, moeder van vijf kinderen, allemaal meemaakt maar het is toch vooral een diepgravende roman die je laat afvragen of je wel je dromen hebt nagejaagd. Cato drinkt haar dagen weg op een eiland omdat haar tweeling is verpletterd onder een ijskast (geen spoiler, staat op achterflap) ijzingwekkend beschreven! Een verzengende brand dwingt haar te vertrekken. Voor ze weggaat schrijft ze een brief aan haar schaarse naamgenoten, de Goudschenkers die in alle uithoeken van de wereld wonen. Deze brief lijkt eigenlijk aan mij, de lezer gericht, wie ben je, heb je het waargemaakt? Er gebeuren heftige dingen maar op de een of andere manier sprankelt het waardoor het niet zwaar wordt. Soms zelfs hilarisch. Ook betekenisrijk. Ik heb genoten van dit boek. Zeker een aanrader!
Wat een boek! 🤯 Continu op het verkeerde been gezet. Moet je aandacht er goed bijhouden, want ja…. Niet alles is wat het lijkt. Die hoofdstukken over Felix en Olivier snapte ik niet echt. Het begin had ik ook even wat moeite mee, als tweelingmoeder trok ik het verhaal van de koelkast matig. Bijna gestopt, maar blij dat ik doorgelezen heb.
Maar ook wat rommelig, veel verhaallijnen en sommige stukken té langdradig en andere stukken te snel. Wel 10/10 voor originaliteit.
Toch vijf sterren, want dit boek zoemt ook nog even na in mijn hoofd. Ietwat een tragedie maar niet als zodanig geschreven. Heel vlotte en sprekende stijl met prachtige zinnen. Het verhaal neemt wat zijsporen en onverwachte wendingen en komt uiteindelijk toch weer samen. Aanrader.
Wat een boek… het begin was wat weerbarstig (ik deed meer dan 3 maanden over de eerste 20%) maar daarna was het binnen een dag uit. Over Cato Goudschenker - filosofe, wetenschapper, klimmer - die alles in haar leven heeft verloren en zich na jaren weer uit het moeras van drank en vergetelheid omhoog weet te trekken. Over rouw, leegte, hoop en geven… aanrader. En blijkbaar ook nog op de shortlist voor de Libris literatuurprijs. Snap ik wel.
Prachtige taal, onvoorspelbaar plot, filosofisch en zoveel om even wat langer bij stil te staan. Sommige passages zou ik nog eens opnieuw willen lezen. En wat stond er nu eigenlijk in die brieven...?
Wat een wervelwind, dit verhaal. Het zit knap elkaar, maar ik raakte soms wat overspoeld door de iets te kunstig in elkaar geboetseerde zinnen. Het gaat maar door en door en door … En soms is het allemaal iets te filosofisch en vaag voor mij. Ik weet niet goed wat ik er voor mezelf uit moet halen.
Wel veel bijgeleerd over hoe het is om met een glazen oog te leven.
Als Het Gezoem van Bijna Alles van Coco Schrijber niet op de shortlist voor de Libris Literatuur Prijs 2026 zou staan, was dit boek geruisloos aan mij voorbijgegaan. Het loopt ook nog geen storm op bijvoorbeeld de Goodreads-pagina van het boek, wat de indruk wekt dat dit voor veel meer mensen geldt. Gelukkig maar dus dat er een jury is die jaarlijks de krenten uit de pap vist wat betreft hedendaagse literatuur, want dit is een heel fijn boek.
Cato woont in Spanje en spendeert een groot deel van haar tijd op haar tuinbankje. Ze denkt dan na over haar zoontjes die werden verpletterd door een koelkast, over filosofen die met elkaar in discussie gaan over prangende onderwerpen en over haar andere kinderen die ieder moment bij haar op bezoek kunnen komen. Ze zit daar maar terwijl ze heel veel wijn drinkt, totdat ze een ingeving krijgt die haar uit haar sleur rukt. Na vele jaren van stilstand voelt ze de behoefte om weer wat in beweging te zetten.
Zacht proza Het grootste deel van Het Gezoem van Bijna Alles vertoeven we in het hoofd van Cato. Langzaamaan worden de contouren van een verdrietig leven steeds beter zichtbaar. Schrijber beschrijft op een prachtige manier de binnenwereld van Cato; in zacht proza, met veel mededogen en veel begrip voor Cato’s leven.
Dat zorgt voor enkele zeer verdrietige en aangrijpende scenes, maar toch slaagt Schrijber erin om het inktzwarte duister te vermijden. Er gloort altijd nog een sprankje hoop, precies het sprankje dat Cato zelf nodig heeft om te ontwaken uit haar lethargisch bestaan en om in beweging te komen.
Inspiratie Het gevolg is een reeks ontmoetingen en een reeks brieven, die niet allemaal doel treffen, maar die toch tot enkele grote momenten van inspiratie leiden. Ik vond de manier waarop deze roman geconstrueerd is een groot pluspunt – zo komen we af en toe uit het hoofd van Cato en volgen we opeens levens van andere mensen die niets met Cato te maken hebben, behalve het oppervlakkige gegeven dat ze dezelfde achternaam als Cato hebben.
Toch werd de roman voor mij wat onevenwichtiger wanneer we een inkijkje kregen in die andere levens. Voor mij waren al die levens namelijk even interessant, maar Schrijber kiest ervoor om enkele van deze levens heel uitgebreid te beschrijven. Zo krijgt een Syrisch gezin dat gevlucht is naar Nederland buitensporig veel aandacht.
Bruusk onderbroken Precies dat verhaal vond ik helemaal niet zo boeiend en ik had liever gezien dat de aandacht voor die andere levens wat beter verdeeld was of dat de nadruk op andere levens was komen liggen. Zo wordt deze uiterst vloeiende en meeslepende roman af en toe bruusk onderbroken door vervelende hoofdstukken.
Het is moeilijk om niet te veel te verklappen – ik denk dat dit boek het beste werkt als je er met zo min mogelijk voorkennis in gaat – maar het zeer passende einde van het boek maakt erg veel goed. Dat is verdrietig, maar ook na alles wat je gelezen hebt heel goed te accepteren. Ik ervoer na het dichtslaan een zekere tristesse maar ook erg veel voldoening.
En als je dat voelt, weet je dat je een bijzondere roman gelezen hebt. Het Gezoem van Bijna Alles is misschien niet ‘groot’ genoeg om de Librisprijs te winnen, maar dit was zeker een mooie ontdekking waar ik de jury zeer erkentelijk voor ben.
Eigenlijk wil ik dit boek iets meer geven dan vier sterren maar iets minder dan vijf. Laten we het op 4,5 zetten. Ik weet niet zo goed waarom; het gaf me motivatie, moed en overzicht om te doen wat ik wil doen maar dat kan ook komen doordat ik een weekje in Frankrijk zit er hier al jaren rust vind. Ergens deed de schrijfstijl en het verhaal me denken aan Oroppa; waarschijnlijk vanwege het toch wat vreemde hoofdpersonage en de verschillende verhaallijnen die halverwege het boek worden geïntroduceerd. Ik denk dat er iets in dit boek zit waar ik nog niet helemaal grip op heb; iets over moederschap, ouder worden en een door mij ongekende leegte. Wellicht goed om te herlezen ooit.
Voelde als een soort uitprobeersel waarbij alleen de eerste 100 blz werkten.. Een beetje in de trant van, als ik 200 filosofische anekdotes vertel moet er wel 1 op z'n plek vallen. En dan na alle symboliek wat misschien wel leuk was, het nog letterlijk uitleggen waar het precies op sloeg. maaaar ik heb nu wel zin om een berg te beklimmen
"dat je het onmogelijke moet doen. Dingen die boven je macht liggen, die je angst aanjagen. En niets minder dan dat."
En of het zoemt! Dit boek is niet alleen boeiend, het is beklijvend. De auteur weet zoveel over zo véél. Wat een verrijkende inspiratiebron, een waar genot om te lezen.
Absoluut vijf sterren waard ondanks het zwakkere hoofdstuk "ijs".
Cato Goudschenker drinkt haar trauma’s weg op een eiland, start een avontuur en zet met het versturen van een aantal brieven ook het leven van anderen in beweging. Dit bijzondere boek neemt je mee van het niets naar het iets, van bergtop in Zuid Amerika tot kas is het Westland. Ik moest een beetje ploeteren door het eerste gedeelte, maar uiteindelijk genoten! 10/10 aanrader. Doe iets (of niets) met je leven!
Bij vlagen erg mooi en meeslepend, maar ik vond het soms ook te langdradig en te veel zijpaden. Origineel, dat wel. Er zat heel veel in, vooral het begin vond ik erg mooi.
Ik zoek geen geluk, ik zoek iets veel zeldzamers. Vergetelheid.
Dit boek was niet aan mij besteed. (Ik ben wel net zo dol op de zee. “Altijd maar de zee.” En zo tot een derde had ik ook nog wel goede zin en goede hoop.)
Moeilijk boek om iets over te zeggen, de eerste 100 pagina's vond ik echt supergoed. De schrijfstijl en de inhoud van het verhaal complementeerde elkaar goed en is echt een sterk staaltje schrijfwerk in mijn ogen (no pun intended). Na die 100 pagina's vliegt het voor mij echter uit de bocht en wordt het een soort vreemdig motiverend / feel-good verhaal over je pad volgen / een moeilijke berg beklimmen en de kracht van woorden op een wel heel letterlijke/platte manier. Nu heb ik niet zoveel met bergklimmen dus dat hielp ook niet, maar een goed boek kan je daar alsnog wel in meenemen (zo had ik bijvoorbeeld weinig met Tasmaanse tijgers / Tasmanië maar vond ik Charlotte van den Broecks "Een vlam Tasmaanse tijgers" wel super goed en intrigerend).
De laatste 30 tot 50 pagina's heb ik ook vooral gescand zo weinig had ik er nog mee. Uiteindelijk vervalt het bijna in een soort Hallmark-verhaal, waar ik gewoon echt niks mee kan in zo'n boek.
Enorm jammer van het sterke begin, maar ik kan hier niet meer dan 2 sterren voor geven...