Poëtisch, provocerend en hartverscheurend. Dit is proza over rouw. En over verloren zijn in een verdriet dat alleen door andermans huid gesust kan worden.
‘De zachtheid van Hollandse jongens. Als je opgegroeid bent met jongens voor wie liefde pesten was, val je ogenblikkelijk voor de Hollandse jongens. Ze scheren zich, ze gaan naar de tandarts, ze stofzuigen en ze kunnen zo ontzettend lief zijn. Ik zou een opvang voor Hollandse jongens willen beginnen, misschien zou dat me helpen om in leven te blijven.’
Gewone Hollandse jongens stond op de shortlist van het Boekenweekgeschenk 2025.
Huidhonger bij een jonge weduwe is de realiteit voor Feticu. Zij vertelt in een ongeremde monoloog over haar gevoelens en doet dit zoals de flaptekst ook zegt op een poëtische, provocerende en hartverscheurende wijze. Nog nooit heb ikzelf stilgestaan bij deze gevoelens, allicht door de taboesfeer waarin onze maatschappij dit onderwerp in de vergeetput van gevoelens heeft weggedrumd. ‘I fell in love with a dead boy’ van Anthony and the Johnsons klinkt voortaan nog geladener dan vroeger.
Als u net als ik dit boek nooit ter hand zou nemen omwille van de banale cover en de bizarre titel, volg dan uw hart. Ik las het omdat mijn lief mij vroeg of ik het wilde lezen, omdat hij wilde weten wat ik ervan vond. Gelukkig was het uit op een uur.
"Ik ben moe, Benj, mijn metaforen en vergelijkingen eten me op. Mijn werkelijkheid is een metafoor, mijn gebaren een vergelijking. Mijn bestaan een erratum. Maar ik ben er toch, maak een stap richting mij, wees mijn uitroepteken, mijn haakjes. Zijn er woorden voor ons in deze wereld? Nee, we 'ongemakkelijken' elkaar. Ja, een nieuw woord, cool of niet. Als ik je wimpers zou mogen aanraken zou ik misschien een nacht gewoon kunnen slapen. Maar je doet niet aan Leger des Heils-achtige opvang."
of
"Niets gruwelijker dan een man van in de vijftig die zich ernstig concentreert op de camembert en het bier op de tafel, rood in zijn gezicht, met rosacea op zijn neus en een haat die hem vanbinnen opvreet. Haat voor de vrouwen die hem niet zien zitten, haat voor zijn eigen leven en onvolkomenheid. Heb ik het nu over mezelf?"
Gevuld met mooie citaten en een onderwerp dat echt wel wat meer aandacht verdient, maar toch 90 pagina's te lang. Ik denk dat dit beter had gewerkt als een kortverhaal, maar ik ben wel benieuwd om op te zoeken of er andere boeken zijn die ook gaan over de seksualiteit van weduwen in hun menopauze (en die ook zinnen gebruiken als "... ik open de laatste tijd vaker mijn benen dan mijn mond. Mijn buik voelt als een dolfijn in een aquarium, maar het orgasme is matig.")
Deze novelle is een koortsige, lyrische rouwmonoloog in stream-of-consciousnessvorm. Mira Feticu sublimeert haar eigen rouwproces in iets meer dan honderd pagina’s: haar man overleed een paar jaar geleden na een ziektebed van een paar maanden, zo las ik in een ontroerend artikel in De Groene. De auteur verlangt wanhopig naar het lichaam van haar mans jongere broer en richt zich tot hem in een vertelkluwen van radeloze sensualiteit. Ik vind het een verpletterend boek, maar de expliciete inhoud zal niet ieders smaak zijn.
Een droevig wanhopig rouwverhaal van een vrouw van middelbare leeftijd die haar man verloren heeft en daardoor, ziek van ellende, hysterisch gedrag gaat vertonen. Ze fantaseert bij het leven en ziet in de jongere (gefingeerde) broer van haar man haar nieuwe geliefde, die ze seksueel met huid en haar verslindt. De jongere versie van haar man is extra opwindend. Wat mij ontzettend stoorde aan dit boekje van 100 bladzijden is dat er constant hetzelfde gezegd wordt. Natuurlijk kenmerkend voor obsessie, het blijft spoken in haar hoofd, kan het niet van zich af zetten. Kan de knop niet omdraaien. Heb vaak gedacht zo is het wel genoeg, nu weet ik het wel maar de huidhonger duurde maar voort en voor die behaalde vijf sterren moest ik toch verder lezen. Zou ik iets missen? Mijn visie, die vrouw is knettergek en dat obsessief gedrag is voer voor psychologen, zal ook wel door medicijnen of drugs komen. Interessanter vond ik haar verleden maar daar wordt niet verder op ingegaan. Een schoonmoeder die haar niet mag! Waarom niet? Een Oost-Europese vrouw die er niet bij hoort! Aan het einde van het verhaal horen we pas dat Benji helemaal niet bestaat. Politie aan de deur die haar meenemen! Hier is duidelijk iets mis, hallucinaties, mogelijk als gevolg van dopamine, stress, deze vrouw moet opgenomen worden. Wat ik wel moet zeggen dat ze vaak geweldige metaforen heeft en goed schrijft, maar ik kan hier geen enkele waarde aan hechten. Pure pornografische onzin en voor mij absoluut onnavoelbaar. 1 ster is meer dan genoeg en wat ze te zeggen heeft had in 20 pagina’s gekund
Mijn ding niet. Vergelijking met ‘All Fours’ op de cover gaat compleet niet op. Huidhonger is een deel van rouw, daar ben ik het volledig mee eens, maar de uitwerking ervan in deze novelle kon mij compleet niet boeien.
Geen idee waarom dit op de longlist van de Libris Literatuurprijs belandde…. Omdat het zogezegd provocerend is? Omdat het over de vrouwelijke seksuele fantasie gaat? Omdat Feticu choquerende literatuur durft te schrijven? Ik zou het echt niet weten. In ieder geval niet omdat het een beklijvende novelle is.
In het rouwproces om haar overleden man, verzint een weduwe een gewone Hollandse jongen, de jongere broer van haar man, waar ze haar begeerte op richt. Een rauw boek, krachtig geschreven, over liefde en dood en huidhonger. Wel veel herhaling.
Een ongewoon verhaal over rouw. Een vrouw heeft haar man verloren, en lijkt daardoor in iets als een psychose beland te zijn, anders valt haar rouwproza door mij niet te begrijpen. Het is een intense, seksueel getinte flow of consciousness over gemis. Centraal daarin is de navoelbare behoefte aan nabijheid, “huid. Daarnaast ook uitweidingen over puur seksuele “nabijheid”, soms wel, soms volstrekt niet navoelbaar. Absoluut knap geschreven.
Elke zin is raak. Een pleidooi voor passie, een geschrift van verwarring, en net als je denkt dat het repetitief begint te worden trekt ze de grond onder je voeten weg.
Lelijke titel en lelijke cover. Toch begon ik nieuwsgierig te lezen want een boek over widowfire rauw en schaamteloos... Huidhonger en je verliezen in verlangen tegen beter weten in, ik kan er helemaal inkomen. Maar ik voelde het niet en bleef erg onbevredigd achter op enkele mooie zinnen en grappige zinspelingen na.
Gelezen. De nieuwe roman van Mira Feticu, 'Gewone Hollandse jongens'.
'Gewone Hollandse jongens' is een ontstellend boek over obsessie, rouw en erotiek. 'Zwijgen en gehoorzamen is niet alleen het patroon van een rustige getrouwde vrouw, maar ook van een weduwe,' schrijft Feticu ergens op de eerste bladzijde. In een 107 bladzijden lange monoloog richt een naamloze weduwe zich tot Benjamin, de jongere broer van haar overleden echtgenoot. Voor hem wil ze niet meer dan een vulva zijn, ze wil een object zijn in zijn armen, ze wil kruipen, kreunen, klaarkomen en kwijlen. In Benjamin vindt ze het jonge lichaam van haar echtgenoot terug én een nieuw eigen lichaam, waaraan ze weer plezier kan beleven. Ze wil twee benen zijn die geopend worden, maar ze wil 'niet enkel bespeeld worden, ze wil het instrument bespelen.'
Na een tijdje gaat die steeds maar voortrazende monoloog vermoeien, en van die beklemming maakt Feticu handig gebruik. Op een gegeven moment is er een breekpunt, begeef je je als lezer op gevaarlijk terrein. Je wordt getuige van iets wat je liever niet wil zien. Het verval, de wanhoop. 'Ik ben moe, mijn metaforen en vergelijkingen eten me op,' schrijft Feticu. De obsessie wordt een gevangenis, een folterkamer van verlangen. 'Gewone Hollandse jongens' is een beklemmend liefdessprookje, een psychologische thriller en literaire porno. 'De geilheid kruipt als een kat onder mijn heupen.'
Heel slim en subtiel verweeft Mira Feticu een dosis maatschappijkritiek in haar roman. De weduwe, die een Oost-Europese achtergrond heeft, wordt door haar schoonfamilie geminacht, terwijl zijzelf net een ongelooflijke zwak heeft voor Hollandse jongens: ze zijn erg mooi en zacht, ze blozen, ze vegen hun chipsvingers af aan hun jeansbroek, ze ontroeren haar. Hollandse jongens willen harder deugen dan neuken. Maar ze wordt steeds weer afgewezen.
Mira Feticu schrijft erg mooi; op élke bladzijde heb ik wel wat onderlijnd. Je hebt veel moed nodig om zó eerlijk over erotiek en lichamelijkheid te schrijven, over 'het heilige zweet rond je strakke navel' en fellatio's 'tot de hemel een uitspansel van huid en warme sperma wordt.'
Een donkere, poëtische roman over verboden verlangens.
We gaan beginnen met kudos voor de vermelding van Lorena Bobbitt, die in 1993 de penis van haar seksueel en emotioneel misbruikende echtgenoot afsneed. Ze reed er vervolgens ook nog een paar kilometer mee rond, voor het ding uit het raam te smijten en toch maar 9-1-1 te bellen. Ze werd overigens vrijgesproken.
Maar goed. Ik ben met veel argwaan aan dit boek begonnen, want het Uitgelezen podium was net iets té dweperig-enthousiast om het geloofwaardig te maken. Het was een amusante bespreking maar op een plaatsvervangend-beschaamde manier. Het leek wel een stereotypische episode uit Bridgerton waar vanachter de waaier de meest saillante fragmenten werden geciteerd zonder meer in de diepte te gaan (jaja, dat soort opmerkingen). Ik dacht toen al: ghoh dit is echt wel enorm gefixeerd op de seksscènes, maar toen ik het boek las, bleek het effectief voor 90% uit dergelijke scènes te bestaan. Er is zelden zoveel gelikt in een boek —behalve dan door de koeien van Jan Wester (maar dat is voor morgen).
Iedereen rouwt op hun eigen manier, heb ik ondertussen al geleerd uit de vele, vele boeken die ik recent over het onderwerp heb gelezen. Voor de verteller van Gewone Hollandse jongens betekent dat een vlucht in lichamelijkheid.
De tekst zit vol oneliners (die gretig werden geciteerd op Uitgelezen), maar vooral met veel van dezelfde beschrijvende verlangens naar lichamelijkheid, en seksuele fantasieën. De taal is minimalistisch maar creatief, en loopt over van (fysiek) verlangen en gemis. Het is zacht en tegelijk dwingend, maar blijft wel enorm veel van hetzelfde.
De plotwending was interessant (maar ik had ze al héél snel door), en op het einde wordt alles net een beetje te veel uitgelegd, en dat was jammer.
We lezen de, deels erotische, innerlijke monoloog van een weduwe met huidhonger. Er is nog meer over te zeggen, maar niet echt zonder de inhoud weg te geven, die tegen het einde nog een verrassende wending heeft.
Ik vond het intrigerend, bij vlagen rauw, maar vanwege de erotiek toch niet echt mijn boek.
Heel ingrijpend boek over een rouwende weduwe, met schreeuwende huidhonger. Haar lichaam lijdt onder haar seksuele lust of verslaving en neemt de geest volledig over. Het begon als ode aan de Hollandse man, maar gaat langzaam over in een obsessie. Dit is een verhaal over miskenning en diepe rouw over een overleden echtgenoot. Iets waar de hoofdpersoon niet zomaar meer uitkomt.
Heel interessant perspectief van de op seks beluste weduwe, maar ik had toch ook graag willen volgen hoe ze is afgegleden. Dit moeten we nu voor kennisgeving aannemen in de korte ontknoping, die oneerbiedig gezegd overkomt als de clou van een slechte mop. Het boek had wat mij betreft wel twee keer zo lang mogen zijn om ook de buitenwereld te beschrijven.
This entire review has been hidden because of spoilers.
Het had weinig gescheeld of ik had het boek niet uitgelezen. Ik kon die vreemde seksuele obsessieve beschrijvingen niet aan. Voor mij werd het boek pas interessant toen ze gewoon gekkie bleek te zijn. Helaas was het toen al op het einde.
Een wervelwind van verlangen, van geilheid ... en van rouw. Provocerend en soms best ongemakkelijk, maar al met al een overtuigende kreet vanuit een groot gemis.