Al kijkend naar voorbijtrekkende vliegtuigen stelt een jongen zich het leven nog als eindeloos en onbegrensd voor. Maar dan ligt zijn grootvader op een eerste kennismaking met de dood. In verwarring observeert hij dat iedereen om zich heen de stervende het liefst lijkt te negeren, uit angst de dood onder ogen te zien. Deze volwassenwording van een nogal dromerig kind beschrijft Vasili Antipov in zijn novelle Danse macabre, de opmaat naar het langere Opgesloten.
Die novelle speelt zich jaren later in de bus van Warschau naar Minsk, op twaalf kilometer van de grens met Wit-Rusland, realiseert Vasili zich dat hij van een feestje nog wat drugs in zijn jaszak heeft en hij zoekt een prullenbak. Dan gaat alles mis. In schrijnend contrast met zijn leven als kind, ogen gericht op de oneindige hemel, is alles eindig nu hij wordt opgesloten. Onvervalst en eerlijk schrijft hij over zijn gevangenschap en de tochten door het Wit-Russische gevangenissysteem. Uiteindelijk blijkt het de muziek te zijn die hem in het leven de meeste steun biedt.
Vasili Antipov weet zijn persoonlijke verhaal, zijn eigen 'dans met de dood', te verweven met recente ontwikkelingen in zijn thuisland Rusland. In deze twee kwetsbare novellen toont hij zich als de ruwe diamant van de Russische literatuur.
In het boek “Opgesloten” staan twee novellen van Vasili Antipov centraal, die samen een krachtig, persoonlijk en maatschappelijk verhalend geheel vormen. De eerste novelle, getiteld Danse macabre, toont een jongen die – al turend naar voorbijtrekkende vliegtuigen – het leven nog eindeloos en onbegrensd meent te zien.  Maar die ongebreidelde visie valt weg wanneer zijn grootvader op sterven ligt: hier maakt hij voor het eerst kennis met de dood, en merkt hij hoe zijn omgeving die ervaring wegwuift, naar eigen angst wellicht.  Die confrontatie met het eindige en het geheim van het sterven ontregelt het jonge hoofd – het leidt tot een volwassenwording, van dromerig kind naar iemand die zich bewust wordt van vergankelijkheid. De toon is sober, introspectief, bijna muzikantachtig in zijn aandacht voor momenten van stilte en observatie. De tweede novelle – die de titel van het boek draagt, “Opgesloten” – werpt een schril contrast met de eerste: jaren later, in een bus van Warschau naar Minsk, beseft de hoofdpersoon dat hij nog wat drugs in zijn jaszak heeft van een feestje.  Vanaf dat moment gaat alles mis: in de grensstreek van Wit-Rusland wordt hij opgepakt en opgesloten, onderweg door het Wit-Russische gevangenissysteem.  De vrijheid die hij als jongen zag – de oneindige hemel boven zich – wordt hier vervangen door muren, gesloten deuren, eindigheid en gevangen zijn. Antipov schrijft onvervalst, eerlijk, in een stijl waarin persoonlijke ervaring en maatschappelijk commentaar verstrengeld zijn: zijn verhaal van gevangenschap is geen exotisch avontuur, maar een rauwe getuigenis.  Tegelijk refereert hij impliciet aan bredere ontwikkelingen in Rusland en de omliggende regio: macht, controle, vrijheid en kunst blijken onlosmakelijk verbonden in zijn beleving.  Muziek speelt een onverwachte maar belangrijke rol: zelfs in gevangenschap blijkt de muziek de steunpilaar te zijn, het anker van de ziel.  Zo vormen de novellen samen een tweeluik: van innerlijke ontluiking naar uiterlijke beklemming, van contemplatie naar confrontatie, van jeugdige vrijheid naar fysieke opsluiting. Je zou kunnen zeggen dat Antipov ons uitnodigt om na te denken over wat vrijheid werkelijk is, hoeveel ruimte een mens heeft – in zijn hoofd, in zijn leven, in een gevangeniscel. Zijn schrijfstijl is strak, met een licht muzikale cadans – geen overdaad aan poëzie, maar een krachtige eenvoud die bij blijft. Voor wie geïnteresseerd is in Russische literatuur, in verhalende getuigenissen over leven, dood, vrijheid en kunst, is dit boek een aanrader. Het maakt indruk door zijn directe toon, door het persoonlijke risico dat Antipov neemt, en door de confrontatie met thema’s die zelden zo onversneden worden behandeld. Kortom: “Opgesloten” is meer dan een boek met twee novellen – het is een literaire ervaring die je aan het denken zet over de grenzen van vrijheid, de kracht van muziek en de stilte van de gevangenschap.