Het spreekt dat, gezien we onze jeugd in Oostrozebeke doorbrachten en ons huwelijksfeest plaatsvond in de Visscherie (zoals het voor deftige gezinnen paste), dit boek veel herinneringen oproept: namen, plaatsen , huizen... Maar dat is niet de essentie van mijn score. Na Olyslagers, Hertmans, Claus, Mak en nog anderen: een boek dat 'oorlogs- en naoorlogse ambetantigheden' bloot legt, maar dan nu in een voor mij heel herkenbare omgeving. Dat raakt een mens nog meer.
Het is een (onaangename) verrassing voor mij dat Verschaeve er ooit woonde en van daaruit jeugd en volwassenen bestookte met zijn onzin. Ik had het graag eens met mijn vader besproken. Helaas ook onzin die we nu weer al te veel moeten horen in deze wereld.
Wat ik mis: de spanning met mensen van dezelfde generatie die dit niet ok vonden. Of durfden mensen dit niet uiten? Het gaat immers over 'notabele' en rijke families. Ook dat maakt het boek boeiend: het is eens te meer duidelijk dat het dergelijke families er beter vanaf kwamen dat de gewone mensen: ze waren immers gul, hielpen het dorp vooruit en doneren graag aan de minderbegoeden. Hen wordt veel en vlug vergeven.
Vergeten we niet de onderliggende invloed en macht van de pastoors en de kerk.
En hoe zou het zijn voor bvb. André Demets (die zo graag een 'dappere kerel' wilde zijn)?
Geen grote literatuur maar zeer goed en mooi verteld en erg meeslepend - toch voor mij.