Louis Marie-Anne Couperus (June 10, 1863 – July 16, 1923) was a Dutch novelist and poet of the late 19th and early 20th century. He is usually considered one of the foremost figures in Dutch literature.
Louis Couperus schrijft over de jonge herdersprins Cyrus die naar Babel trekt. Een schoolvoorbeeld fantasy-verhaal avant la lettre. De tekst is uit 1901 en wat me daaraan het meest opvalt: dit oud-Nederlands kost me meer moeite om te lezen dan hedendaags Engels. Da’s best raar.
Louis Couperus schreef dit boek ten tijde van een verblijf in Nice en moet daarbij via Avignon zijn gegaan, aan de rivier de Rhone. Mogelijk heeft hij zich laten inspireren door de legende van de herdersjongen Bénézet (Provencaals voor Benedict) die de van het liedje bekende brug bouwde op basis van een visioen dat hij kreeg van een engel, en welke tot doel had om pelgrims naar de overkant van de rivier te helpen. Aldus geschiedde en voor zijn altruistische diensten werd Bénézet heilig verklaard.
In dit verhaal gaat het eveneens om een herdersjongen, echter ditmaal van een adellijk geslacht, die de roeping heeft om aan de toren van Babel te bouwen. Hierin staan de terassen (de verschillende verdiepingen van de toren) model voor de klassenstrijd. Het boek beslaat zo'n 70 pagina's en vormt daarmee eerder een novelle dan een roman. Karakters zijn niet heel doorgrond uitgewerkt, dialogen zijn als uit een toneelstuk en het verhaal staat bol van veelbetekenende en hoogdravende dramatiek. Ook vanwege het voorkomen van tragiek vanaf ongeveer de helft, ontstaat de indruk van een literaire opera.
Omdat Baal in het verhaal de betekenis heeft gekregen van zonnegod, in plaats van de god van het weer, krijgt het verhaal ook wat zoroastristische trekken. Ook zijn verstandhouding met Astarte is niet conform de oorspronkelijke mythologie.