Wanneer Hannah hoort dat haar vader ernstig ziek is, belandt ze tegen wil en dank in de rol van mantelzorger. Aanvankelijk met veel weerstand, maar in de loop van de maanden met steeds meer overtuiging, zorgt Hannah ervoor dat de laatste fase van haar vaders leven draaglijk voor hem is. Aan zijn sterfbed komen herinneringen boven aan haar moeder die stierf toen Hannah veertien was. Ook doet Hannah een aantal ontdekkingen over het leven van haar vader. Langzaam wordt duidelijk waar de verwijdering begonnen is en wat de oorzaak is van haar vaders onvermogen om een betrokken ouder te zijn. In eerste instantie lijkt de verwijdering te maken te hebben met Hannahs abortus in haar studententijd, maar verzwegen gebeurtenissen in het verleden blijken een veel grotere rol te spelen.
Wilgenkind is een aangrijpende roman over de misverstanden tussen ouders en kinderen, over familiegeheimen en het verzwijgen daarvan, en over de rollen die worden omgekeerd wanneer kinderen opeens voor hun ouders moeten zorgen.
Heel mooi! Tijdens het lezen moest ik de hele tijd denken aan de titel en dan zag ik voor me hoe de treurwilg in de tuin steeds zwaarder werd door al het leed.
Wat een prachtig boek en zo herkenbaar dat het (bijna) mijn eigen verhaal zou kunnen zijn. Heel treffend beschreven hoe mantelzorg ook helend kan zijn, kun je je verzoenen met het verleden en het verdriet van je ouders ook begrijpen.
Deze recensie werd eerder gepubliceerd op mijn blog GraagGelezen.
In haar nieuwste roman Wilgenkind duikt Josha Zwaan diep in de complexe dynamiek van een ontwricht gezin. Wat begint als een plichtmatig offer van een dochter aan haar stervende vader, mondt uit in een indringende zoektocht naar de wortels van een pijnlijk verleden. Zwaan, bekend om haar vermogen om zware thema’s met fijngevoeligheid te ontleden, stelt in dit boek de vraag: kun je een ander echt vergeven als je de volledige waarheid niet kent?
De hoofdpersoon, Hannah, bevindt zich in een situatie die voor velen herkenbaar zal zijn, maar die door haar voorgeschiedenis extra zwaar beladen is. Wanneer haar vader ernstig ziek wordt, belandt ze in de rol van mantelzorger. Dit doet ze aanvankelijk met grote weerstand. De band met haar vader is immers ernstig beschadigd; als strenggelovige dominee verstootte hij haar jaren geleden nadat zij koos voor een abortus.
“Jonas knipt het lampje aan dat naast het bed aan de muur hangt, gaat rechtop zitten en trekt haar in zijn armen, zonder een poging te doen het huilen te stoppen. Het voelt alsof ze de honderden emmers uit haar droom moet vullen met tranen. Minutenlang blijven ze stromen. Pas dan komen er woorden.”
De auteur schetst de haat-liefdeverhouding tussen Hannah en haar vader haarscherp. Het conflict tussen het rationele "ik wil niets meer met hem te maken hebben" en het instinctieve "het blijft toch je vader" vormt de emotionele ruggengraat van het eerste deel van het boek.
Het verhaal komt in een stroomversnelling wanneer Hannah’s zus Lea na dertig jaar terugkeert uit Amerika. Lea, die kampt met een drankverslaving en haar eigen demonen, fungeert als de katalysator voor de waarheid. Waar de verwijdering in eerste instantie alleen aan Hannah’s abortus gekoppeld leek te worden, onthult Lea met horten en stoten dat er een veel groter, verzwegen trauma aan de basis ligt van hun dysfunctionele opvoeding.
Zwaan beschrijft op prachtige wijze hoe dit trauma het gezin van binnenuit heeft uitgehold. De moeder was afstandelijk, de vader fysiek en emotioneel afwezig. Door het rondstruinen in het ouderlijk huis en het bekijken van oude fotoalbums, reconstrueert Hannah niet alleen het leven van haar ouders, maar ook haar eigen identiteit.
“Ze deinst terug en staat op, loopt naar de openslaande deuren, opent ze en sluipt bijna eerbiedig naar de hoek van de tuin waar de treurwilg al die jaren zijn geheim bewaard heeft.”
De kracht van Wilgenkind zit in de indringende beschrijvingen van gevoelens. Zwaan hanteert een stijl die de lezer langzaam maar zeker het verhaal in zuigt. De thema’s zijn universeel en worden specifiek uitgewerkt, zoals de kwetsbaarheid van de ouder die afhankelijk wordt van het kind, de destructieve kracht van dogma’s die boven naastenliefde worden geplaatst en hoe het verzwijgen van het verleden de volgende generatie onbewust beschadigt.
Wilgenkind is een aangrijpende en louterende roman. Het is een eerlijk verslag van de strijd die veel kinderen voeren met hun ouders, en de bevrijding die kan ontstaan wanneer de mist van misverstanden eindelijk optrekt.
Achter in het boek beschrijft de auteur hoe ze tijdens het schrijven vaak terugkeek naar dierbare momenten uit haar jeugd, die ze tot dat moment vergeten leek te zijn. Josha Zwaan bewijst met dit boek opnieuw dat ze een meester is in het blootleggen van de menselijke ziel.
Hannah krijgt een mailtje van haar vader waarin staat dat hij ernstig ziek is en wordt ineens mantelzorger. In dertien weken gaat het steeds slechter met haar vader en uiteindelijk sterft hij. Haar tien jaar oudere zus is niet beschikbaar om haar te helpen, kan dat niet of wil het niet. Ze staat er alleen voor, voelt zich verantwoordelijk en wil eigenlijk niet mantelzorgen. In deze periode komen veel herinneringen boven en enkele familiegeheimen; het is intens en heftig, maar uiteindelijk ook waardevol.
Het hoofdpersonage Hannah heeft een groot verantwoordelijkheidsgevoel en een intensieve baan bij jeugdbescherming. Haar jeugd was niet makkelijk, en de band met haar vader kreeg toen ze jongvolwassen was een extra deuk. Ze heeft een relatie, maar geen kinderen, staat grotendeels alleen voor en vraagt niet snel om hulp.
Hannah’s vader was predikant en zijn geloof en gemeente spelen nog steeds een grote rol in zijn leven. In het verleden was er weinig ruimte voor Hannah binnen het gezin. Haar moeder overleed toen zij nog jong was, wat grote impact had op iedereen. Ieder lid van het gezin had zijn eigen strijd.
Binnen het gezin zijn er verliezen geweest die niet goed verwerkt zijn en die nog steeds doorwerken. Ook wordt er weinig gesproken. Deze dingen hebben enorme impact.
Het boek is vlot, gedetailleerd en beeldend geschreven. De auteur weet de gevoelens en innerlijke conflicten van de personages goed over te brengen: weerzin, begrip, verdriet en liefde, vaak tegenstrijdig en verwarrend. De dialogen voelen bovendien natuurlijk aan. Ik vind de titel ook erg mooi gekozen.
Mantelzorg is niet altijd makkelijk en dit meeslepende, pijnlijke en realistisch aanvoelende verhaal kan zorgen voor herkenning en begrip.
Fijn boek om te lezen waar uiteindelijk bij het overlijden van vader alles samen komt en je de geschiedenis begrijpt. Laat zien dat het belangrijk is te delen wat je voelt, voordat het te laat is.