Al bij het zetten van zijn handtekening onder het koopcontract slaat bij de man de twijfel toe. Is het wel een goed idee om na een lang leven op de begane grond nu in een wolkenkrabber te gaan wonen? Eenmaal verhuisd vertroebelt slecht weer het spectaculaire uitzicht vanaf zijn balkon op de achtenveertigste verdieping. Dan maar naar binnen. Onverwachte ontmoetingen met buren en voorbijgangers in liften, bergingen, appartementen en trappenhuizen bieden alsnog hoop – samen met de komst van een gemankeerde sierduif.
Een even leuk als kort boek van een van Rotterdams weinige bn'ers, die heerlijk kan a: observeren, b: meemaken en c: rapporteren. Als nieuwbakken bewoner van een hoogbouwtoren (maar welke? god, wat heb ik lopen puzzelen met genoemde locaties, uitzichten en naburige plinten, ik dacht eerst de Montevideo, toen de New Orleans, toen weer de Zalmhaventoren, toen de Cooltoren, toen weer de Red Apple, maar volgens mij heeft Wilfried de Jong ze gewoon allemaal in elkaar geperst, waardoor je - net als bij appelmoes - nooit meer weet welk stuk fruit waarvoor verantwoordelijk is) maakt de opmerkelijk veel op Wilfried de Jong lijkende protagonist (houdt van jazz, sport, koffie en maatpakken, is kaal, leeft en ademt Rotterdam) opmerkelijk veel mee. Een bijna-romance met een Oekraïense, een door hem veroorzaakte evacuatie van de toren in kwestie, een ontsnapte Amerikaanse puber, een aandoenlijke relatie met een duif, een bizarre zwemtocht: je zet die hoofdpersoon buiten, en hij beleeft de gekste dingen, met de grootst mogelijke nonchalance.
Die nonchalance is soms trouwens iets te veel van het goede. Dan gebeurt er weer iets geks waar ieder ander mens zich dood voor zou schamen of oneindig trots op zou zijn, en de hoofdpersoon, ach, die haalt de schouders op en gaat weer verder, op het robotische af. Iets meer leven, iets meer gevoel, en bij toverslag worden de verhalen net wat echter.
Heel hinderlijk is dat trouwens niet, want het boek pretendeert volgens mij ook geen grote emotionele schatgravingen, net als dat er narratief ook weinig richting is. Het is vooral heerlijk voyeuristisch en kort meekijken met een stuk of 20 gebeurtenissen die je normaliter enkel als sterk verhaal in de kroeg hoort, opgedist door een aimabele man die heel goed weet hoe je een goed verhaal vertelt.
PS Mocht er een herdruk komen, kunnen er dan wat hinderlijke eindredactionele fouten uitgehaald worden? Voor de gratis: de genoemde windmolen staat vanuit het centrum gezien niet voor maar achter de Brienenoordbrug, het is het SS Rotterdam (dat schip is geen hommage aan de brisante gloriedagen van mei 1940, althans, niet dat ik weet), no way in hell dat een puber uit de VS binnen een kwartier vanuit de bovenkant van de Zalmhaventoren kan uitkomen bij het olifantenvertrek van Blijdorp, met een handboor kun je geen gaten maken in muren van een nieuwbouwflat want die bestaan enkel uit beton, de receptie van de genoemde toren verspringt tussen twee verhalen van locatie, en er staan als hagelslag door het boek correctiefouten in: een dubbele punt waar een puntkomma moet komen, een ontbrekende afsluiting van een citaat, een dubbel woord,een letter te weinig.
De eerste roman van Wilfried de Jong. De hoofdpersoon, ongetwijfeld losjes gebaseerd op de schrijver zelf, heeft zijn hele leven begane grond gewoond en gaat nu op de 48e verdieping van een wolkenkrabber aan de Maas wonen. Door zijn open en observerende kijk op deze nieuwe omgeving maakt de naamloze hoofdpersoon van alles mee. Hierdoor wordt de roman toch weer samengesteld uit losse gebeurtenissen/verhalen. Fijn en leuk boek met lekker veel Rotterdamse accenten.
Mooi verhaal over een man die naar een torenflat verhuist. Het verhaal bestaat uit losse ervaringen en ontmoetingen, die samen een portret schetsen van de hoofdpersoon en de flat.
Wat ik goed vond: - De sobere, precieze stijl - Niet zwaar, wel zorgvuldig. - Rotterdamse sfeer en “sense of place” - Lekker leesbaar en lekkere flow - Warmte zonder zoetsappigheid.
Het is geen roman met een duidelijk plot of een enorme gebeurtenis. Van mij hadden de losse scenes iets meer samengebonden mogen zijn, iets meer ergens toe mogen leiden. Misschien is de samenhang de mist ... in dat geval hulde!
Tot mijn verbazing trok de kleermaker direct zijn colbert van een stoelleuning en draaide zich naar zijn assistent: ‘Nassim, ik neem even pauze. De pakkenman laat me een nieuwe horizon zien.’
Enorm genoten van dit boek, had van mij nog wel 100 pagina’s langer mogen duren.
“Een vogel vliegt over de aarde, omdat de hemel geen voedsel heeft.”
In een zeer moderne en nieuwe woontoren in Rotterdam komt de hoofdpersoon in dit verhaal zijn net gekochte appartement in. Het is nog leeg, hij kent niemand en hij zit op de 48e verdieping. Al snel begint de man mensen te ontmoeten die ook in de flat wonen. Zo is er een Oekrainse die hij helpt met de gordijnrails. Hij raakt met haar aan de praat, krijgt een soort romance. En daar is de bijzondere buurjongen boven hem voor wie hij pakketjes aanneemt. De jongen woont in een gigantisch duur appartement met alle luxe, maar hij ‘bewaakt’ de woning voor een steenrijke man.
En zo gaat het in het boek. De man ontmoet mnensen van allerlei soorten: vriendelijk, mysterieus, ondoorgrondelijk, onvoorspelbaar. De schrijver weet me mee te nemen door de mooie en fijne observaties van de mensen en de omgeving. Mooi hoe sommige personen via andere verhalen weer terugkeren in het boek. Ik heb wel genoten van dit luchtige boek met een mooie schrijfstijl.
Als Rotterdammer kon ik dit boek alleen maar extra waarderen. Heerlijk om zoveel herkenningspunten uit Rotterdam tegen te komen, je ziet de stad en haar mensen bijna voor je. Het verhaal geeft een mooi inkijkje in het leven van verschillende personages en leest ontzettend lekker weg. En enorme bonuspunten omdat zelfs een van mijn favoriete plekjes om te eten voorbij kwam.
‘The more you see, the more you love!’ beweerde de verkoopbrochure van de flat die het hoofdpersonage uit Wilfried de Jongs nieuwe roman kocht. Het appartement ligt op de 48e verdieping van de splinternieuwe Rotterdamse woontoren The Magnificent, direct aan de Maas en 233 meter hoog. Voordien woonde de man altijd op de begane grond, maar hij had zich laten verleiden door de belofte dat hij een fantastische uitzicht over de stad zou hebben. The more you see…, weet je wel, alleen zag hij de dag van zijn verhuis helemaal niets, want er hing een dichte mist. Dus daar zat hij dan, met zijn fiets, espressoapparaat, bureaustoel, opklapbed en drie dozen spullen, te wachten op de mannen die parket zouden komen leggen. Wilfried de Jong kennen we vooral als de man die samen met Ruth Joos het boekenprogramma Brommer op zee presenteerde, maar hij is natuurlijk ook theatermaker en al een kwarteeuw schrijver. Mist is zijn tiende boek. En wat voor een, want net zoals de ware gentleman niet pocht over zijn daden of kwaliteiten, maar in stilte en met flair doet wat van hem verwacht wordt, geeft dit boek een innemend portret van een doodgewone man, zonder daarbij zelf op de voorgrond te willen staan. En van Rotterdam natuurlijk, want na een paar dagen erwtensoep krijgt de verteller wel degelijk die stad in al zijn uitgestrektheid te zien, wat meteen ook een mooi staaltje van de diversiteit van zijn inwoners oplevert. Het duurt immers niet lang voor de man zijn buren leert kennen. Zoals Maria bijvoorbeeld, die hij helpt met het ophangen van een gordijnrail, waarna hij met haar aan de praat geraakt. Een Oekraïense, zo blijkt, ietwat verlegen trots op haar gamende zoontje Lev, die niets liever doet dan vanuit zijn tank de vijand neermaaien. Innemender is kleermaker Rishi die met een verrekijker op zoek gaat naar het huis van zijn ex en ziet hoe zij samen met haar nieuwe geliefde een schilderij ophangt. Mist bestaat uit een hele reeks dergelijke tranches de vie, over gewone mensen, geboren in Rotterdam of er aangespoeld, rijk of arm, werkzaam met hun geest of hun handen. Buurvrouw Cleo laat hem meteen figureren in een van haar insta-filmpjes en in de lift ontmoet hij een twaalfjarig meisje dat iets met wiskunde heeft en alle priemgetallen indrukt. De Jong beschrijft het bijzonder gevat en subtiel, fluks wisselend tussen ernst en humor. Is het leven in een grootstad echt zo aangenaam en onschuldig als De Jong het voorstelt, waarbij de overlast van de buren beperkt blijft tot het aantreffen van een sigarenstompje op je balkon? Waarschijnlijk niet, maar als je Mist uit hebt, wou je dat het wel zo was, en dat is ook al veel.
Een heerlijke verzameling verhalen over een man die op hoogte gaat wonen in Rotterdam. Het lijkt me eerlijk gezegd best leuk om zo over een stad uit te kunnen kijken vanaf je eigen balkon. De Jong verhaalt over dingen die je op hoogte mee zou kunnen maken, en wie je buren zouden kunnen zijn in een havenstad met hoogbouw. De verteller vraagt soms wat geforceerd aan bezoekers of bewoners om meer te vertellen, maar niet zó geforceerd dat het me stoorde. De schrijfstijl van De Jong is verder erg prettig. De personages komen moeiteloos tot leven.
Een helder, krachtig en bondig geschreven boek waarin je de hoofdpersoon een beetje leert kennen via buren of buurtgenoten van de flat ( the magnificent) waarin hij is komen te wonen. Het speelt zich af in Rotterdam. Het zijn losse scenes waarin de hoofdpersoon de verbinder is. Ik zou het 3,5 ster geven
Herkenbare roman over het leven in Rotterdamse hoogbouw. Dagelijkse gebeurtenissen boeiend omschreven. Kon mij goed verplaatsen in de gedachtenstroom van de hoofdpersoon. Aanrader.