Uit een afgelegen bergdorp in Oostenrijk werd na de Eerste Wereldoorlog een meisje met een 'kindertrein' naar Nederland vervoerd om aan te sterken. Na de herstelvakantie werd ze door haar gastouders niet teruggezonden en groeide ze op in Noord-Holland. Ze zweeg over haar verleden tegen haar latere gezin, maar haar kinderen en kleinkinderen gaan ieder op hun eigen manier op zoek naar antwoorden. Tijdens een reis naar Oostenrijk rijgt Josephine alles wat ze over haar grootmoeder kan vinden aaneen en legt ze een geschiedenis bloot van armoede, ontvreemding en misbruik. Pas op zijn sterfbed verbreekt haar vader het zwijgen over de tijd die hij met zijn moeder in het jappenkamp doorbracht. Daardoor ziet Josephine eindelijk in hoe het kampsyndroom hun familieleven bepaalde. Met haar broers en zus zoekt ze een manier om als tweede generatie vrede te sluiten met het verleden.
Josephine Rombouts (1971) studeerde kunstgeschiedenis en Nederlands en gaf taaltrainingen aan expats, dansers en musici. Ze woonde vijf jaar met haar gezin in de Schotse Hooglanden, waar ze achtereenvolgens huishoudster, personal assistant en manager was op een kasteel. Eerder verschenen haar bestsellers Cliffrock Castle en Terug naar Cliffrock Castle.
Een prachtig boek over het universele thema van afscheid nemen. De spanning over de familiegeheimen zorgt voor het doorleeseffect. Het mooist vind ik de beschrijvingen van Den Haag