Een minnares verschuilt zich in de keuken en maakt de inventaris op. Een dochter en moeder schrijven elkaar, met toenemende drift. De brief van een dichter mist doel. Een verlaten schrijfster beklaagt haar eigen pen.
In deze beeldende miniaturen en observaties ontmoeten subversieve stemmen elkaar vanaf briefpapier, door de telefoon, vanuit dagboekaantekeningen, notities en verlangende kattebelletjes.
Zinnen die halfweg stoppen en samensmelten met andere zinnen, vreemde neologismen, een ferm geschudde syntax en grammatica, en toch zo beeldend en raak en vurig en magnetisch. Niet elke dag gebeurt er iets volstrekt nieuw met onze Nederlandse taal.
Met Tekstielen debuteert Sarah de Koning op magnifieke wijze in het poëzielandschap van de Nederlandse letteren. En dat doet ze met een multiperspectieve bundel, geschreven in een rijke taal. Tekstielen bestaat uit verschillende korte fragmenten, die een grote variatie aan emoties portretteren en – wat ze volgens mij zo goed maken – die emoties ook losmaken bij de lezer. De samenhang en tegelijk variatie tussen de stemmen achter deze passages zorgt voor een geheel dat doorheen de bundel blijft prikkelen. Het lijkt me ook een werk dat het verdient om herlezen te worden, iets wat ik zeker zal doen.
Net zoals bij alle goede poëzie is het ook een meerwaarde om deze bundel luidop (op z’n minst luidop in je hoofd) te lezen: het klankspel, bijvoorbeeld door de vele alliteraties en assonanties, is een grote meerwaarde.
Deze bundel van Sarah de Koning is een straffe prestatie, zeker voor een debuut, maar eigenlijk gewoon tout court. Ik ben fan.
Oh, en een pluspunt voor de verwijzing naar Sapfo!
Verrassend en verfrissend in taal, op zowel een overdonderende als uiterst precieze manier. Heb het volledig hardop gelezen (veelal in de momenten tussen tandenpoetsen en wegfietsen) waardoor de beelden die op elkaar gestapeld werden, net wat beter bij te benen waren. Zoveel mooie woorden ook. Behoeft herlezing. De vierde en vijfde afdeling waren m'n lievelings, en dat laatste gedicht, jemig.
'want ik bedacht de liefde helder als een engel die de dieren ment'
'dat de mens een dwalend dier is, zeg je.'
'de nachten dat ik niet zwem ben ik verdronken. Buiten mij is er een bodem die duizendvingerig is: schelpwerk, wrakhout, schrift. Uit de oever breekt een zwaan als een bot: ik heb waanzinnig lief, het recht van elke drenkeling.'
'Het wanhoopsgebaar van de berusting is zeggen de wereld was mooi, toen was er liefde, de wereld werd stiller en mooier en toen was er de ziel.'
Kwetsbaar en vol hunkering en ook teder en huiselijk. In een heel gestileerde vorm zonder dat ooit de woordkeuzes of de onverwachte structuren als balast aanvoelen.
Een bundel om deze winter onder mijn pels te dragen, mee te nemen mijn winterslaap in, om het bij het ontwaken in de holtes van mijn getrokken kiezen te stoppen om het zo dicht als mogelijk bij me te houden.
‘Valt het echt uiteen in houden van en houden; wat is halfslachtig verlopen, mijn lief, waar het hele nog geen afscheid van nam, en ben jij net zo dwaas geweest met schoot en hart als ik,’
‘Aan mijn moeder, zij het mens of dier of dochter, niet jij bent me vergaan toen ik ging, wel mijn vastheid.’
‘Ik weet dat ik zo niet ben, ik probeer alleen maar zo te leven: hier zijn ze, de woorden die ik niet kan schrijven voordat jij ze schrijft.’
Ken je dat gevoel als plotseling iedereen wiens boekensmaak jij deelt een boek op diens Instagram plaatst wat jij nog niet hebt? Eń er lyrisch over is. Dan moet je dat toch direct hebben hé! Wel, dat had ik met Tekstielen. Iedereen had het (er over) en was laaiend enthousiast.
Dat enthousiasme begrijp ik nu. Tekstielen deed me qua lyriek, vaak archaïsche taal en zinnelijke, dierlijke beschrijvingen aan Lucas Rijneveld denken. Maar dan op een ‘de Koning’-manier.
Haar poëzie neigt soms naar het absurde maar raakt je ook in zijn volheid. Sarah creëert een heel eigen universum, een wereld om je volledig in onder te dompelen. Haar dichter-stem is uniek en puur.
Normaal raad ik aan om een bundel gedicht per gedicht te proeven maar in deze bundel moet je je onderdompelen en je laten meedrijven van begin tot einde.
Indrukwekkend hoe coherent ze hier een geheel eigen stem neer heeft gezet, hoe dit nooit zoekende voelt en er nergens een woord staat dat er niet zou moeten staan, hoe mooi alles in mekaar past. Dit is niet heel goed "voor een debuut", dit is gewoon heel goed, meer nog: dit leest niet eens als een debuut.
Als ik niet beter zou weten, zou ik denken dat de Koning al decennia dicht, terwijl ze in werkelijkheid nog maar begin de dertig is en dit wel degelijk een debuut is. Met andere woorden: het beste moet nog komen! Dit is nog maar het begin, maar wat voor een begin!
In 2025 las ik beduidend meer poëzie. Is het omdat ik eindelijk het verlangen kan loslaten om alles te begrijpen? Of word ik gewoon (eindelijk) rijper als lezer? Het blijft zoeken in het gigantische aanbod en het valt wel eens tegen, maar dan stuit je op een pareltje zoals Tekstielen en ooooo, dan is de taal weer zo'n zacht, troostend donsje voor de ziel.
Sarah de Koning schrijft zo sensitief en tactiel dat je vanalles gaat voelen. Haar poëzie lezen is een totaalbeleving. Het doet wat met je hoofd én met je buik. Er is ongemak en tristesse, maar ook lust en schoonheid. Lees het luidop en laat je hypnotiseren en bezweren. Bloedmooi vind ik het.
Ik lees (te) weinig poëzie, zo heet dat dan. Maar ik ben blij dat ik voor Sarah de Koning een uitzondering heb gemaakt.
Welk een creativiteit! Wat de Koning doet met zinsbouw en woorden en verhalen behoort zonder enige twijfel tot de top van de Nederlandstalige literatuur. En toch laat het zich gewillig lezen. Als is dat een beetje zonde, want na elke bladzijde wou ik stoppen, zelfs als die inhoudelijk eigenlijk verder ging. Maar graag had ik deze bundel gelezen aan het tempo van een bladzijde per dag. En dan nog eens op één dag alles opnieuw. Het komt er nog wel van.