Jump to ratings and reviews
Rate this book

Echo's van het goede nieuws: De evangeliën in context, toen en nu

Rate this book
In 'Echo's van het goede nieuws' werpt Cambridge-hoogleraar Geurt Henk van Kooten nieuw licht op de Evangeliën door ze te plaatsen in hun oorspronkelijke, historische context. Dat geeft een andere kijk op de zaak. Zo laat Van Kooten op overtuigende wijze zien hoe Jezus religie en politiek van elkaar scheidde en een innerlijke zoektocht naar waarheid opende. Op basis van gedegen bronnenonderzoek stelt Van Kooten het Evangelie van Johannes zelfs voor als het oudste – een uitdagende visie op vertrouwde opvattingen. Dit boek nodigt uit om de blijvende kracht van de evangelische boodschap in onze tijd te herontdekken.

575 pages, Kindle Edition

Published December 20, 2025

21 people are currently reading
71 people want to read

About the author

Geurt Henk van Kooten

2 books3 followers

Ratings & Reviews

What do you think?
Rate this book

Friends & Following

Create a free account to discover what your friends think of this book!

Community Reviews

5 stars
20 (60%)
4 stars
12 (36%)
3 stars
0 (0%)
2 stars
1 (3%)
1 star
0 (0%)
Displaying 1 - 10 of 10 reviews
Profile Image for Frank Peter.
208 reviews16 followers
January 7, 2026
Gelezen naar aanleiding van aflevering 280 van De Ongelooflijke Podcast.

Niet dat ik ook maar enigszins op de hoogte ben van de status quaestionis in het historisch onderzoek naar de evangeliën en -isten, maar uit o.a. de boeken van Karen Armstrong begreep ik altijd vaagweg dat:
1) Marcus het oudste evangelie was (geschreven tijdens de Joodse Opstand van 66-70);
2) Matteüs en Lucas een grof decennium later zijn geschreven (ca. 80) en zich baseerden op Marcus én een tweede, verloren gegaan document genaamd 'Bron Q' (waarbij Q staat voor 'Quelle', het Duitse woord voor 'bron', en dus heet het document eigenlijk 'Bron Bron');
3) het Evangelie van Johannes aanzienlijk later is geschreven (ca. 100) en gezien wordt als het minst historisch.

En bovendien dat dit min of meer de consensus is die al jarenlang vaststaat en niet controversieel is.

Ik vond het dan ook superinteressant dat tijdens de aflevering van De Ongelooflijke de theoloog Geurt Henk van Kooten, die als Lady Margaret's Professor of Divinity aan de Universiteit van Cambridge bepaald niet de minste in zijn vakgebied is, dat dit helemaal fout is. Volgens hem is Johannes is niet het jongste evangelie, maar juist het oudste (geschreven ca. 65). En Lucas is niet gelijktijdig geschreven met Matteüs, maar juist veel later - ergens tussen 93 en 130. Verder stelt hij dat Bron Q helemaal niet bestaan heeft, of eigenlijk dat Matteüs zélf bron Q is (een soort Qanon avant la lettre dus), aangezien hij het evangelie van Marcus niet aanvult met citaten uit Bron Q, maar uit zijn eigen geheugen (of aantekeningen). En Lucas, gezien het feit dat hij niet tegelijktijdig maar zoveel later schreef dan Matteüs, gebruikte Matteüs gewoon als bron. En verder stelt hij dat de goddelijke natuur van Jezus geen latere uitvinding van de kerkvaders (en Johannes?) is, maar al meteen in Marcus wordt aangenomen en gepresenteerd.

Dat zo'n gezaghebbend iemand als Van Kooten zo'n minderheidspositie inneemt op zoveel punten, vond ik vrij spectaculair, en dus wilde ik dit boek lezen. In het boek presenteert en beargumenteert hij bovenstaande (en nog een paar andere) stellingen, en hij maakt het - voor mij, een leek, althans - vrij overtuigend dat het inderdaad kan kloppen wat hij allemaal zegt. In elk geval dat Lucas een stuk later is geschreven dan altijd gedacht, lijkt me gezien de argumenten en bewijzen die Van Kooten presenteert (hij draagt o.a. goede argumenten aan voor de stelling dat Lucas gebruik heeft gemaakt van Flavius Josephus' Joodse oudheden, dat is gepubliceerd in het jaar 93) zeer waarschijnlijk. Wat magerder is zijn bewijs voor de stelling dat Johannes in 65 is geschreven. Zijn voornaamste argument is dat er in één zinnetje in Johannes in de tegenwoordige tijd wordt verwezen naar een gebouw dat is verwoest is tijdens de Joodse Opstand van 66-7o.

Daar heb ik - gesteld dat ik een sceptische bui zijn, en gesteld dat ik de heren Dunning en Kruger even tussen haakjes zou zetten - iets op aan te merken. Als ik me namelijk zou willen uitgeven voor een Johannes die ooggetuige was, dan zou ik dat misschien ook wel gedaan hebben. Als ik bijvoorbeeld zou willen doen alsof ik in de jaren 1990 in New York heb rondgelopen, dan zou ik de Twin Towers bijvoorbeeld in mijn verslag vermelden. Wie nu denkt, Jamaar, waarom zou iemand zich willen voordoen als een Johannes die ooggetuige was van Jezus' doen en laten? Die wil ik erop wijzen dat niet minder dan 7 van de 14 'brieven van Paulus' in het Nieuwe Testament (50% dus) ook helemaal niet geschreven zijn door Paulus zelf, maar door 'deutero-Paulus(sen)' die zich voordeden als Paulus. Dit was, zoals ik dat begrijp uit Karen Armstrong, een hele normale praktijk in die tijd, een narratieve conventie die niet eens bedoeld is om te misleiden o.i.d., maar een hele normale manier om voort te borduren op een bestaand verhaal. Dus waarom kan hier geen sprake zijn van een 'deutero-Johannes' die zijn verhaal geloofwaardiger maakt door naar verwoeste gebouwen te verwijzen in de tegenwoordige tijd? Die mogelijkheid adresseert van Kooten überhaupt niet. (Nogmaals, ik weet helemaal niks van dit, dus ongetwijfeld is mijn kritische kanttekening heel debiel en potsierlijk, maar dat is nu eenmaal het kruis dat ík te dragen heb.)

Dit is echter maar een klein puntje, en het blijft dus staan dat Van Kooten de consensus op zo'n spectaculaire manier uitdaagt. Dit kan hij doen door zijn benadering, namelijk door de evangeliën te bekijken in hun Grieks-Romeinse setting. De evangeliën zijn immers geschreven in het Grieks, Jezus zelf sprak vermoedelijk Grieks (naast Aramees), en de gebeurtenissen van de evangeliën speelden zich allemaal af in een Grieks-Romeinse culturele context. Dus je zou denken dat deze teksten ook beschouwd worden door classici en vergeleken worden met andere Griekstalige teksten uit dezelfde culturele context. Maar gek genoeg gebeurt dat amper. Seculiere classici houden zich relatief weinig bezig met de Bijbel, en bijbelwetenschappers beoordelen deze teksten vooral de context van de (Hebreeuwse) Bijbel - alsof het om twee afgescheiden werelden gaat. Van Kooten benadert deze Griekse teksten als (inderdaad) Griekse teksten, oftewel als producten van de Grieks-Romeinse cultuur, en zet ze daarmee in een heel ander licht dan traditioneel door nieuwtestamentici en andere bijbelwetenschappers wordt gedaan. Dan wordt duidelijk dat grote delen van de evangeliën 'dubbel gecodeerd' zijn, bedoeld om zowel een Joods publiek als een Grieks/Romeins publiek aan te spreken, met verwijzingen naar zowel Griekse goden en figuren als naar de Hebreeuwse Bijbel. Op deze manier van lezen geven de evangeliën veel meer van hun geheimen prijs, en zo weet Van Kooten er dus enkele zeer spectaculaire stellingen uit te vissen.

Zeer fijn boek, al met al. (Maar dat was de podcastaflevering ook al.)
Profile Image for Dinand Blom.
36 reviews3 followers
March 15, 2026
Wat een mooi boek. Wetenschappelijk, troostrijk tegelijk. Voor iedereen aanbevolen!

Let maar eens op één van de strofen waarmee het boek afsluit:
De hemelen maken ons bang; ze zijn te kalm;
In het hele universum hebben we geen plaats.
Onze wonden doen ons pijn; waar is de balsem?
Heer Jezus, door Uw littekens maken wij aanspraak op Uw genade.
(Edward Shillito)

Profile Image for Bert Jan.
39 reviews7 followers
March 23, 2026
Onderstaande recensie heb ik gepubliceerd op 9 maart jl in het Nederlands Dagblad:

Echo’s van het goede nieuws

Met Echo’s van het goede nieuws heeft Geurt-Henk van Kooten veel losgemaakt: het was het gesprek van de dag in kerkelijk Nederland. In dit boek geeft hij een eigenzinnige visie op de datering van de evangeliën en hun onderlinge verhoudingen. Van Kooten is hoogleraar Nieuwe Testament aan de universiteit van Cambridge, op een bijzondere leerstoel: Lady Margaret’s Professor of Divinity (uit 1502).

Van Kooten heeft een boek geschreven dat de lezer meeneemt. Hij schroomt niet posities te verdedigen die geen andere auteur deelt. En hij geeft blijk van een brede kennis van de Grieks-Romeinse cultuur waarbinnen de evangeliën ontstaan zijn. Het boek heeft veel impact, mede door het gesprek erover in de Ongelooflijke Podcast.

Van Kooten situeert de evangeliën vooral in de Grieks-Romeinse literaire cultuur van de eerste eeuw. Dat is iets wat we allang niet meer op deze manier gezien hebben. De studie van het vroege christendom is de afgelopen decennia sterk gericht geweest op de joodse origine. Dat is zo, mede doordat we door de vondst van de Dode Zeerollen veel nieuwe informatie hebben gekregen over het vroege jodendom. Zo is de aandacht voor de heidense context van de evangeliën op de achtergrond geraakt. Van Kooten poogt dit te corrigeren en dat is te loven.

Er zijn evenwel keerzijdes. Ten eerste: in deze benadering van de evangeliën raken de joodse achtergronden wel erg ver op de achtergrond. Het lijkt alsof Plato en Aristofanes meer invloed gehad hebben dan de geschriften van het Oude Testament. De correctie van Van Kooten is dus een hypercorrectie: waar hij ook de Grieks-Romeinse invloeden op de evangeliën onder de aandacht had kunnen brengen, benadrukt hij vrijwel uitsluitend die invloeden.

In de tweede plaats: bij de situering van de evangeliën gaat Van Kooten uit van een benadering die stelt dat je niet meer hypothesen moet aannemen dan nodig is om een probleem op te lossen. Hoe minder hypothesen je aanneemt, des te waarschijnlijker is de verklaring, zo heet het. En precies hier gaat het fout. Van Kooten ziet Johannes als het oudste evangelie, geschreven in 65 van de eerste eeuw, in of nabij Jeruzalem. Het biedt een Judees beeld van Jezus. Marcus zou een Galilees beeld bieden, geschreven tijdens de Joodse opstand, niet lang na Johannes in Caesarea Maritima, een havenstad die Herodes had laten aanleggen en vernoemd had naar Augustus, de Caesar. Matteüs zou geschreven zijn met kennis van Marcus én Johannes en stammen uit de jaren 80 (of 90) van de eerste eeuw. Lucas daarentegen moet volgens Van Kooten dateren van na 93/94, het jaar waarin Flavius Josephus in Rome zijn 20 boeken tellende werk over de Joodse oudheden publiceerde. Hier is een belangwekkende theorie van Steve Mason leidend, die stelt dat Lucas een chronologische fout maakt die uitsluitend kan worden herleid tot een onjuiste lezing van Josephus. Lucas zou bovendien geschreven zijn met kennis van de andere drie evangeliën. Daarmee komt de door velen aanvaarde gedachte dat Matteüs en Lucas onafhankelijk van elkaar geschreven zouden zijn en gebruik gemaakt moeten hebben van een gemeenschappelijke bron (die we niet meer hebben; in vaktaal: bron Q) te vervallen.

Het is een interessante poging, maar wat mij betreft op een aantal essentiële punten onhoudbaar. Waarom? Vooral vanwege de argumentatieve structuur waarop het bewijs berust: vooral circumstantial evidence. Laat ik twee voorbeelden geven.

Allereerst Johannes. Van Kooten beschrijft hoe Johannes schreef in het Grieks. Als enige evangelist was hij op de hoogte van de naam van de hogepriester in Jezus’ dagen, Kajafas, en bovendien was hij ‘bekend bij de hogepriester’ (Joh. 18:15). Voorts stelt Van Kooten dat er scribenten in dienst van de tempel geweest moeten zijn die Grieks beheersten. Een paar pagina’s verder is Johannes ineens een secretaris van de tempel, die om deze reden bekend was met informatie die ontbreekt in de andere evangeliën. Helaas is dit, opnieuw op zijn Brits, jumping to conclusions. Van een mogelijkheid een waarschijnlijkheid maken en vervolgens concluderen dat die waarschijnlijkheid een historisch feit is, dat is het presenteren van vooronderstellingen in de vorm van conclusies.

Hetzelfde gebeurt met Lucas. In de proloog stelt Lucas dat dit evangelie geschreven is nadat diverse anderen hetzelfde geprobeerd hadden, doch onvolledig en niet op de juiste wijze. Dit zou aanleiding kunnen geven te veronderstellen dat Lucas de andere drie evangeliën gebruikt heeft. Alleen, ook hier: om van die veronderstelling een conclusie te maken is meer bewijs nodig dan hier geleverd wordt.

Een bijkomend probleem is dit. In dit boek gaat Van Kooten zo goed als volledig voorbij aan de orale cultuur waarin de evangeliën ontstonden. Overeenkomsten worden alleen verklaard aan de hand van literaire afhankelijkheid, niet vanuit gedeelde mondelinge overlevering, een benadering die eerder past in de 19e dan in de 21e eeuw. Dat terwijl die mondelinge overlevering tegenwoordig in het brandpunt van de academische belangstelling staat: zij is sterk beïnvloed door de herinneringscultuur van de oudheid, die bijgedragen heeft aan de vorm waarin het materiaal over Jezus tot ons komt. Hier begaat Van Kooten een kostbare omissie.

Ondanks mijn punten van kritiek dank ik mijn collega voor dit boek. Hij heeft een gesprek op gang gebracht waarvan ik blij ben dat het gevoerd wordt. De evangeliën zijn het waard, maar mijn voorkeur gaat wel uit naar een minder speculatieve benadering ervan.
Profile Image for Menno Beek.
Author 7 books17 followers
February 11, 2026
De professor Geurt Henk van Kooten - laat zich voor de zekerheid in Engeland, te Cambridge dus, George noemen - plaats hier de geschriften van vooral Markus, en ook Johannes, Lucas en Mattheus met veel literaire, historische, archeologische en overtuigende precisie in de context van de klassieke beschaving, met velerlei slimme verwijzingen naar antieke auteurs en historische annalen, opgesierd met afbeeldingen van opgegraven overblijfselen. Het geheel is een soepel lezende - stokte die soepelheid even in en rond de lange tabellen van wat Mattheus overnam van Marcus ? Kan aan mij gelegen hebben - overtuigende, interessante en intellectueel hygiensiche kijk op de vroege verhalen van het Christendom.
Profile Image for Michel.
45 reviews
March 28, 2026
Highly interesting book. Van Kooten succeeds in sketching a plausible Judeo-Greco-Roman context in which the four Gospels have originated.
The main reason why I don't give it five stars, is that he often writes about what could have been possible, without giving hard evidence for several of his claims, and without addressing many counterarguments against e.g. Johannine priority that have accumulated over the years. Yet, the total of his historical claims results in a very plausible historical reconstruction.
I wish, in a next publication Van Kooten would more specifically address all sorts of counterarguments and theories against Johannine priority.
90 reviews
April 19, 2026
Boeiend geschreven boek van een gepassioneerde wetenschapper die een nieuwe visie ontvouwt op het ontstaan van de vier evangeliën. Ook al trekt hij wel heel snel conclusies en deel ik zijn mening over het vroege ontstaan van het Johannesevangelie niet, het is een heerlijk boek!
Profile Image for Wabe Bakker.
17 reviews
February 1, 2026
Alsof je in een tijdmachine stapt, zo boeiend is dit boek geschreven. Een must read voor iedereen die van de Bijbel en geschiedenis houdt.
Displaying 1 - 10 of 10 reviews