Zin in een goed gesprek laat zien hoe er in een contact ruimte kan komen voor een echte ontmoeting. Gesprekken zijn een levend proces, waarin ook het lichaam een stem heeft. Besef daarvan geeft diepgang, heling en persoonlijke groei. Suurmond put uit zijn jarenlange ervaring als gestaltsupervisor. Met humor en levendige voorbeelden nodigt hij uit om bewuster aanwezig te zijn en in te gaan op wat zich ter plekke aandient. Dan blijkt dat mensen op verschillende manieren contact maken. Uitgebreid gaat Suurmond in op deze contactstijlen. Dit boek is een aanwinst voor pastores en hulpverleners, en voor iedereen die hoopt op het geluk van 'een goed gesprek'
Zin in een goed gesprek (2025) is het nieuwste boek van theoloog en gestaltsupervisor Jean-Jacques Suurmond. Vanuit inzichten uit de gestalttherapie schrijft hij over echte ontmoetingen en betekenisvolle gesprekken. In veel benaderingen van communicatie ligt de nadruk op wat er gezegd wordt: de inhoud van het gesprek. Dat is zonder meer belangrijk, maar Suurmond richt zich vooral op het hoe van het gesprek: het levende, dynamische proces dat zich afspeelt tussen mensen. Centraal staat het ‘hier en nu’ van het contact, waarin een ‘ik-jij-contact’ of zelfs een ‘ik-Jij-contact’ (in de zin van Martin Buber) kan ontstaan. Door de vele voorbeelden en de reflectievragen aan het einde van elk hoofdstuk is dit boek niet alleen beschouwend, maar ook nadrukkelijk praktisch van aard: een uitnodiging om zelf met (gewaarzijn in) goede gesprekken te oefenen.
In de inleiding positioneert Suurmond zijn boek “als inspiratie voor drukke pastores, geestelijk verzorgers, coaches, mediators of welke hulpverlener dan ook. Ja, iedereen die door middel van gesprekken mensen wil bijstaan, kan er baat bij hebben” (p. 9). Gesprekken kunnen een gevoel van voldoening geven, maar ook onbevredigd achterlaten. Wat maakt dat verschil? Volgens Suurmond bieden gestalttherapeutische inzichten een vruchtbaar kader om dit beter te begrijpen.
De wortels van de gestalttherapie liggen bij Fritz en Laura Perls, die deze benadering in het begin van de twintigste eeuw ontwikkelden. De dialogische mystiek van Martin Buber, met zijn nadruk op de ik-jij-relatie, vormt daarbij een belangrijke inspiratiebron en keert dan ook regelmatig terug in het boek. Fritz Perls geldt als de ‘vinder’ (sic!) van de gestalttherapie. Het uitgangspunt is “dat mensen altijd zoeken naar de voltooiing van een gestalt, naar ‘closure’ – een ander bekend woord uit de gestalttraditie” (p. 12). Het begrip ‘gestalt’ is fundamenteel, maar niet eenvoudig te definiëren. Suurmond omschrijft het als “een samenhangend geheel: de verschijning op de voorgrond in relatie tot de achtergrond” (p. 12). In de loop van het boek krijgt dit begrip vooral reliëf door concrete voorbeelden.
De gestaltbenadering, die volgens Suurmond ook uitstekend toepasbaar is voor coaches, pastores en geestelijk verzorgers, richt zich primair op wat er gebeurt in het contact. Daarbij speelt de contactcirkel een sleutelrol (pp. 23; 271): vage gewaarwording -> gewaarzijn of besef -> energie of stress -> actie -> contact -> verwerken en terugtrekken. Deze cyclus is in elk contact werkzaam; Suurmond stelt zelfs dat we “het hele leven [kunnen] zien als een contactcirkel” (p. 115). Aan de hand van een eenvoudig voorbeeld maakt hij dit inzichtelijk: “Eerst krijg je een vage gewaarwording, dan rijst er een gestalt op (helder gewaarzijn): ze heeft verdriet. Je voelt emotie en energie, steekt je hand uit (actie) en raakt even haar arm aan (contact). Ze kijkt op, geeft je haar vertrouwen en je trekt je hand weer terug (verwerken en terugtrekken)” (p. 24). Gestalten komen op en verdwijnen weer.
Problemen kunnen ontstaan wanneer een gestalt ‘gefixeerd’ raakt en geen ruimte meer laat voor een volgende. In dat geval kan iemand vastlopen en is begeleiding nodig. Er is sprake van een ‘onvoltooide gestalt’, waarbij de hulpverlener meezoekt naar een mogelijke afronding. Het verkennen van onderliggende behoeften en gevoelens is daarbij essentieel. Suurmond vergelijkt dit proces treffend met de beweging van de zee: “Uit het onbepaalde water (de ‘grond’) rijst voortdurend een golf (gestalt) op die dan valt en ‘grond’ wordt voor een volgende golf. Een golf die niet valt, belet het ontstaan van een nieuwe” (p. 89).
Een kernbegrip in dit alles is gewaarzijn: “onze zintuiglijke waarneming, gedachten, gevoelens en lichamelijke beleving” (p. 57). Het gaat om het bewust aanwezig zijn in het contact. Dat gewaarzijn kan echter worden vertroebeld door aannames en vooronderstellingen. Suurmond onderscheidt drie dimensies van gewaarzijn, waarvan alleen de eerste twee tot de werkelijkheid behoren: (1) de buitenwereld; (2) de binnenwereld; (3) gedachten en herinneringen. Deze laatste dimensie is geen werkelijkheid, maar “verbeelding of fantasie” (p. 64). Veel energie gaat verloren in deze fantasie: onze beelden en aannames over anderen. Gewaarzijn is daarom een kunst, zoals gestalttherapeut Joseph Zinker het poëtisch verwoordt: “Kijk naar een mens zoals je naar een zonsondergang of de bergen zou kijken. Ontvang hem of haar met plezier. Ontvang die persoon omwille van hemzelf. Dat zou je met de zonsondergang ook doen. Je zou waarschijnlijk niet zeggen: ‘Deze zonsondergang zou wat paarser moeten zijn’ of: ‘Die bergen zouden in het midden wat hoger moeten zijn’. Nee, je kijkt eenvoudig met verwondering. (…)” (p. 59). Gewaarzijn betekent: aanwezig zijn in het hier en nu, en tegelijkertijd het gewaarzijn van de ander helpen vergroten.
Ook verandering en persoonlijke groei krijgen ruime aandacht. De mens beschikt volgens de gestalttraditie over een ‘zelforganiserend vermogen’: “Zo heeft elk mens het spontane vermogen om zich, binnen de beperkingen van de situatie, creatief aan te passen” (p. 119). Begeleiders genezen niet; zij ondersteunen dit zelfhelend vermogen. Verandering kan alleen van binnenuit ontstaan. Dit sluit aan bij wat de gestaltbenadering de ‘paradoxale theorie van verandering’ noemt: “We veranderen niet door te pogen iets anders te worden, maar door te worden wie we zijn” (p. 142). Niet het bestrijden, maar het verwelkomen van datgene wat zich aandient, opent de weg naar verandering. “Het gaat in tegen onze intuïtie, maar het is waar: we veranderen door aandachtig en zonder oordeel de huidige situatie te aanvaarden” (p. 144).
In het tweede deel van het boek bespreekt Suurmond verschillende contactstijlen. Opnieuw is gewaarzijn cruciaal, want “zonder gewaarzijn kunnen we in een bepaalde contactstijl gevangen zitten” (p. 168). De meest voorkomende stijlen zijn: “introjectie, retroflectie, projectie, deflectie en confluentie” (p. 180). Suurmond beschrijft deze helder en plaatst ze consequent binnen de dynamiek van de contactcirkel.
Het boek besluit met deel III: Contact geeft zin en betekenis. Hier benadrukt Suurmond nogmaals dat een goed gesprek meer is dan een uitwisseling van woorden. Het is een proces waarin gewaarzijn centraal staat en waarin een ik-jij- of zelfs ik-Jij-ontmoeting (godservaring) kan plaatsvinden. Daarmee krijgt het gesprek een expliciet spirituele dimensie. In dit deel introduceert hij bovendien een aangepaste contactcirkel, geïnspireerd door Emmanuel Levinas, waarin de ander nadrukkelijker centraal staat: vage gewaarwording: verlangen naar contact -> gewaarzijn: de ander verschijnt aan mij als kwetsbare medemens -> energie: de ander inspireert en mobiliseert mij -> actie: ik ga aandachtig en oordeelloos luisteren -> er ontstaan empathisch contact -> verwerken en terugtrekken.
Zin in een goed gesprek is een rijk en gelaagd boek, dat vraagt om langzaam en aandachtig lezen – wellicht zelfs om herlezing. Zelf was ik niet vertrouwd met de gestalttherapie, maar ik heb de inzichten met grote interesse tot me genomen. De aandacht voor het hier en nu, het belang van gewaarzijn, het gesprek als proces met een spirituele dimensie en de uitwerking van de contactcirkel en contactstijlen zijn bijzonder leerzaam. Suurmond schrijft persoonlijk en betrokken en illustreert zijn betoog met tal van voorbeelden. Af en toe maakt hij theologische of spirituele uitstapjes die inhoudelijk interessant zijn, maar niet altijd bijdragen aan de helderheid van de structuur. Hoewel de inhoud sterk is, had een meer systematische introductie van kernbegrippen de toegankelijkheid kunnen vergroten. Zeer aanbevolen voor iedereen die gesprekken voert en hierin verdieping zoekt!
Warme uitnodiging om werkelijk contact te maken via bewuste aanwezigheid. Waar veel communicatieboeken zich richten op de inhoud (wat zeg je), richt S. zich op het proces (hoe zijn we hier samen).