Twee dode vrouwen – een weduwe en haar dienstbode – op een keukenvloer. Een met zorg en ogenschijnlijke voorkennis uitgezochte buit. Geen braaksporen. Nederland huivert na een gruweldaad in de donkerste dagen van december 1872. De daders zijn ontkomen. Het volk begint te morren. Ondertussen klinkt de roep om herinvoering van de kort daarvoor afgeschafte doodstraf. Goedvolk en de kop van Jut reconstrueert het moordonderzoek, de ophef, het proces en de lange nasleep van de misdaad. Het voert de lezer over vier continenten en langs jarenlang in het duister tastende politieagenten, spiritisten, kermisattracties, een wezendorp en prominente negentiende-eeuwers als Aletta Jacobs en Multatuli. Historische true crime van eigen bodem, omdat een waargebeurd verhaal soms elke fictie overtreft.
Dit boek is veel meer dan true crime uit grootmoeders tijd. Paul van der Steen biedt een interessante kijk op Nederland en de Nederlanders eind 19e eeuw. De maatschappij van die tijd voelt daardoor heel dichtbij.