Jump to ratings and reviews
Rate this book

Verzameld werk #1

Verzameld werk. Deel 1

Rate this book
Dutch

870 pages, Hardcover

Published January 1, 1998

2 people are currently reading
5 people want to read

About the author

Gerard Reve

100 books222 followers
Gerard Reve was een Nederlands schrijver en dichter. Samen met Harry Mulisch en W.F. Hermans wordt hij gerekend tot De Grote Drie: de drie belangrijkste Nederlandse schrijvers van na de Tweede Wereldoorlog. Tot zijn bekendste werken behoren De avonden (roman uit 1947) en Werther Nieland (novelle uit 1949). Tot 1973 schreef Reve onder zijn oorspronkelijke naam Gerard Kornelis van het Reve, maar vereenvoudigde deze later tot Gerard Reve. Hij debuteerde in 1946 in het tijdschrift Criterium met de novelle De ondergang van de familie Boslowits, een jaar later verscheen de klassieker De avonden. Reve zou uiteindelijk een enorm oeuvre voortbrengen, waaronder een groot aantal ‘brievenboeken’. In 1969 ontving Reve de P.C. Hooftprijs en in 2001 werd zijn werk bekroond met de Prijs der Nederlandse Letteren. Zijn werk wordt tot op heden nog altijd veel gelezen en besproken.

Ratings & Reviews

What do you think?
Rate this book

Friends & Following

Create a free account to discover what your friends think of this book!

Community Reviews

5 stars
7 (58%)
4 stars
4 (33%)
3 stars
1 (8%)
2 stars
0 (0%)
1 star
0 (0%)
Displaying 1 of 1 review
Profile Image for Jan.
1,079 reviews70 followers
December 31, 2022
Vooraf
Dit eerste deel van Gerard Reves Verzameld werk in de gebonden versie uit 1998 bevat het volgende:
De laatste jaren van mijn grootvader;
De ondergang van de familie Boslowits;
De avonden;
Werther Nieland;
Melancholia;
The acrobat and other stories;
A prison song in prose;
Tien vrolijke verhalen;
Commissaris Fennedy.

In december 2022 heb ik De avonden herlezen in het kader van de groepslezing van de groep Netherlands & Flanders. De overige boeken heb ik eerder apart op GR vermeld. Wat hierna volgt, is mijn lezerservaring van – uitsluitend – De avonden.
Overigens komt mijn ster-waardering van De avonden overeen met het gemiddelde van alle werken in dit deel 1.

Citaat
“de omroeper zei: ‘U hoort nu tot negen uur een nonstopprogramma van Hawaian-melodieën.’ ‘Dat is wel een beetje erg, dat gejank,’ zei zijn vader, toen de muziek begon, ‘laten we dat maar afzetten.’ ‘Ik houd er veel van,’ zei Frits, ‘ik ben dol op die uithalen van de snaren.’ ‘Zachter kan het in ieder geval,’ zei zijn vader, stond op en dempte het geluid. ‘Dat is zoiets verkeerds,’ zei Frits, ‘dat doen ze overal. Er is iets op de radio; ze moeten iets anders doen, of ze voeren een gesprek. Dan zetten ze het zachter. Ik vind: je moet luisteren of niet. Als je luistert, moet je het flink laten spelen. Net als wanneer je het zelf in de zaal hoorde.’ ‘Ik druk me heel stom en slordig uit,’ dacht hij. ‘Ben je het niet daarmee eens, vader?’ vroeg hij.
‘Wat zei je?’ vroeg zijn vader. ‘Ik vind dat de radio een wonder van techniek is,’ zei Frits. Zijn vader zweeg.”

Inhoud
De roman ‘De avonden’ van Gerard Reve heeft een speciale sfeer, zowel door de inhoud als Reve’s specifieke schrijfstijl. Hij beschrijft een aantal avonden aan het eind van 1946, tot en met oudjaarsavond. De hoofdpersoon is Frits van Egters. Hij woont bij zijn ouders thuis. Hij verkeert telkens in zijn vriendenkring; met hen gaat hij vaak uit. Zijn vader is doof; zijn manier van doen wordt beschreven als zijnde niet netjes. Zijn moeder spreekt met haar man alleen als het hoogstnoodzakelijk is; jegens Frits stelt zij zich heel moederlijk op. Frits is 23 jaar. Hij ziet zijn ouders als bekrompen, kleinburgerlijk, met spottend medelijden. In gedachten roept hij bij allerlei huiselijke scenes God aan om ten behoeve van zijn ouders een heilzaam lot te bezweren, als in een schietgebedje. Daarvan staan er vele in de roman. Frits’ contacten met zijn vrienden zijn vaak doordrenkt van sadistische provocerende opmerkingen, vaak met beweringen over hun lichamelijke aftakeling als aanleiding. Eigenlijk vind Frits zichzelf best onsamenhangend, raar en kleinzielig uit de hoek komen, als hij zich vanuit een onverklaarde innerlijke drang geroepen voelt om een gesprek te beginnen of op gang te brengen.
Dat laatste is op te vatten als een symptoom van verveling, die welhaast de grondtoon vormt van Frits’ bestaan. Een ander kenteken daarvan is uiteraard de frequente blik op de klok en de erop volgende verzuchtingen. Dat Frits veel sarcasme over zijn vrienden uitstort, is volgens mij terug te voeren op de worsteling die Frits met zichzelf heeft, in zijn zoektocht naar een betekenisvol leven.
Deze romaninhoud – er zijn nog veel meer kenmerken om te benoemen, maar er moet nog enig leesplezier voor anderen overblijven – heeft naar mijn bescheiden mening gezorgd voor een zekere cultstatus die terecht is. Wellicht kenmerkend voor het tijdsbeeld van het kleinburgerlijke Nederlandse gezinsleven van net na de Tweede Wereldoorlog zijn de schaarste en de saaiheid, die als rode draden doorheen het boek zijn gesponnen. Het heeft in mijn beleving niet geleid tot iets kwalitatief hoogstaands, ik bedoel tot iets wat meer dan drie sterren waard is.

Stijl
Stilistisch vind ik Reve heel aardig op dreef. Ook dat is natuurlijk vooral een kwestie van smaak. Het archaïsch aandoende taalgebruik spreekt mij aan, de eigenzinnige spelling is hem gegund. Vooral de opbouw van de dialogen is in het geestesoog springend: vaak binnen één zin zijn de hoorbare uitingen gemengd met korte verwoordingen van wat Frits min of meer tegelijk denkt. Dat geeft aan het geheel een speelsheid, waarin hij de lezer nagenoeg tegelijk meeneemt in wat Frits werkelijk vindt en hoe hij een ander met zijn stembanden naar voren brengt. Die parallelschakeling werkt voor mijn gevoel uitstekend. Er is ook andere dan zwarte humor, zij het zeer subtiel; dat geeft voldoende lucht temidden van de zwarigheid. Dat ogenschijnlijk sprake is van inconsequenties, mag mijn ‘pret’ niet drukken. Hier en daar staat iets als: “Het is alles triest,’ dacht hij, ‘heel triest’” en “het graf gaapt, de tijd zoemt en nergens is redding”. Anderzijds, nee, in het verléngde ervan, wordt in veel situaties Gods verzoenende genade afgeroepen. Hierin zie ik veeleer het aanbrengen van een balans dan tegenstrijdigheden.
En ja, dat citaat. Ik kan het niet laten om een gevoelige antenne te hebben uitstaan om muzikale aspecten op te vangen. Dit is een van de vele radio-scenes, die ik vermakelijk vind.

Al met al: een knap debuut, best een goed boek, nog steeds, maar niet meer. Voor mij is ‘gewoon goed’ drie sterren. JM
Displaying 1 of 1 review