'En toen eindelijk eindelijk mocht het en ik wou die grappige zwarte die nog jong en vrolijk was met die grote poten en die flaporen en toen keek die man van het asiel naar mij en naar die hond en toen naar mijn moeder en hij dacht zeker dat ik te klein was want dat dachten ze altijd maar het was echt niet zo want ik leek alleen maar klein terwijl ik al zes was en ook nog best sterk voor een meisje maar ik was dus geen jongetje en als de groenteboer "wat mag het zijn jongeman" zei dan zei ik "worteltjes voor het konijn alstublieft mevrouw" en dat zou hem wel leren maar de volgende keer zei hij het toch gewoon weer.'
Wrang-komisch en nergens sentimenteel. En toen is het verhaal van een jeugd in Den Haag en de Betuwe in de jaren zeventig, een tijd waarin de grenzen tussen veiligheid en chaos geregeld vervaagden. Verteld vanuit het perspectief van het kind, overheerst in eerste instantie speelsheid en naïeve kinderlogica, maar gaandeweg wordt de lezer meegezogen in de complexe moeder-dochterrelatie.
Heel erg leuk. Je moet vanuit het kind meedenken. En het laten opschrijven. In haar eigen zinnen. Als je litteratuur verwacht, jammer dan. Het is een kinderbrein dat de wereld en de volwassenen beschouwt…..ze kijkt heel anders tegen de wereld aan. zo herkenbaar en wijs .
Dit boek is eigenlijk te kort, te simpel en te veel een “one trick pony” voor vier sterren.
De vertelstem (“en toen en toen”) en belevingswereld van een kind zijn goed gevangen. En er straalt vaak een enorme vrolijke levenslust vanaf en dat is ook wel weer verfrissend.
Maar uiteindelijk is het toch 33 hoofdstukken lang steeds hetzelfde trucje, zonder dat er echt sprake is van een plot, spanningsboog of karakterontwikkeling.
3,5 🌟 Het is overtuigend geschreven, met regelmaat erg grappig, dan weer droevig. Het kind perspectief is knap gedaan. Uiteindelijk iets teveel van hetzelfde naar mijn smaak, om die reden geen vier sterren.