Wanneer de dood nadert, krijgen vader en zoon de kans om van de resterende tijd nog iets betekenisvol te maken.
Zeven jaar na het overlijden van zijn vader gaat een zoon terug naar het begin van het einde: de reeks grote en kleine gebeurtenissen die volgden op de diagnose. In zijn zoektocht naar de sporen die het fatale jaar hebben achtergelaten, hoopt hij antwoorden te vinden bij een wijze vrouw die kort na de dood van zijn vader uit zijn leven verdween. De tussentijd is een verhaal over hoe je tijd probeert te vertragen wanneer die plots eindig wordt. Over een vader en een zoon die elkaar dreigen te verliezen zonder woorden. Over rouw die al begint op het moment dat de toekomst ophoudt te bestaan. En over taal die doet leven.
Dit is een boek voor alle mensen die hun vader verloren en voor alle mensen wiens vader nog leeft. Ik behoor tot de laatste groep en elke dag prijs ik mezelf gelukkig en bevoorrecht dat mijn ouders nog leven: met een job als de mijne waarin je zoveel mensen ziet sterven die veel jonger zijn dan hen, wordt dat besef er ongetwijfeld wat harder ingeprent, geduwd en geperst dan bij de gemiddelde mens. En terzelfder tijd, met een scherpte als een mes door mijn hart, komt ook telkens het besef, de confrontatie met de werkelijkheid dat ik te weinig geniet en proef van hen, mijn liefste en mooiste ouders, hen te weinig kan vastpakken (dat gaat wat moeilijker door de telefoon - want ik bel wel elke dag), te weinig aan hun lippen hang, hen te weinig vragen stel. Dank u, Dieter, voor het delen van de vragen, ik ga ze hen ook voorleggen, in een iets gewijzigde, gepersonaliseerde versie. Je hebt een schoon boek geschreven, dat lang zal blijven plakken. Een ode aan jouw vader, maar net zo aan vaders, moeders, families, aan zonen en dochters en broers en zussen. Aan de mens.
Mooi verhaal en mooie taal. Hoe vader en zoon tijdens de tijd die hen nog samen gegund is, de ruimte/de afstand overbruggen die er tussen hen bestaat en tevens langzaamaan leren leven met de eindigheid. Voor de zoon betekent dit een voortijdig ingezet rouwproces.
De auteur beschrijft - 7 jaar later - het laatste jaar van het leven van zijn vader. Een verslag van het begin van het einde, dat begint vlak na de diagnose van zijn vaders ziekte. Ik was erg gecharmeerd door de schrijfstijl, door de taal, en ook door de emails met de antwoorden van de vader op de vragen van de zoon 🖤. Geen 4,5 sterren omwille van de stukjes ‘therapie’ van de zoon bij Jos. Die vond ik wat bevreemdend ofzo.
Als fan van Pekel had ik hoge verwachtingen, maar De Tussentijd overtrof ze moeiteloos. De auteur beschrijft in romanvorm met grote eerlijkheid en nuance wat het betekent om een ouder te verliezen en wat kanker doet met mensen. Een boek dat onder je huid kruipt.
Een heel mooi boek, deze 'De tussentijd'. Ontroerend, treffend, gevoelig en ook grappig soms. En zeer goed geschreven en opgebouwd. Het leest alsof het schrijven geen werk heeft gekost. Alles staat er, zo lijkt het - om Julian Barnes aan te halen - 'precies zoals het van meet af aan bedoeld is.’ Heel puur, heel schoon, heel intens, heel sterk.
Doet stilstaan bij je ouders , de tijd en hoe je die met hen wil beleven Over wat je uit die laatste tijd met hen wil halen Heel mooi en moedig hoe Dieter dit deed en beschreef Vragen die ik misschien ook wel zou willen stellen aan mijn ouders
Een eerste indruk is doorslaggevend, dat geldt voor platen, films en ook voor boeken. Als je de lezer niet meteen bij de kladden hebt, gaat die liever een stukje lopen. Dieter Honoré, die met De tussentijd aan zijn tweede boek toe is, weet dat. Hij opent met de begrafenis van zijn vader Rik in 2018, en hoe hij toen maar moeilijk betekenisvolle woorden vond, om meteen daarna over te schakelen naar de praktijkruimte van zijn psychoanaliste, zeven jaar later, waar hij bekent nog steeds te worstelen met het verleden. Een boek over rouw dus, rouw die in feite al een jaar voor de dood van Rik begon, toen uit een scan bleek dat hij een hersentumor had. Dieter Honoré kennen we van het twee jaar geleden verschenen Pekel, waarin hij het over Patrick Sorgeloos had, de man die inzag hoe belangrijk het onooglijke pekelkreeftje zou kunnen worden voor het voeden van de wereld, en een schoolvriend van zijn vader. We kunnen ons niet van de indruk ontdoen dat dit een oefening was voor het boek dat hij over die vader zelf wilde schrijven, iets wat hij in de tussentijd deed dus. En die tussentijd had hij nodig, want ook al was Rik Honoré een wat afstandelijke advocaat, een rationeel en rustig mens dus, die zich overeind hield met citaten van Seneca, hij was ook een gezinsman, liefhebbend en begripvol, een vader dus. De tussentijd is om verschillende redenen een imposant boek. Er is de constructie, met de psychoanalytica die niet lang na Riks dood van Dieter een schoendoos vol notities kreeg waaruit het boek zou groeien en die zij nu mondjesmaat weer aan de schrijver geeft, zodat hij met het verleden en zijn eigen schuldvragen in het reine kan komen. Het levert een constant heen en weer reizen door de tijd op, wat van het boek een caleidoscopisch geheel maakt waarin de verschillende facetten op elkaar afstralen. Daarnaast zijn er ook de vele precieze en tot de verbeelding sprekende beelden, hoe de kleinkinderen zich na de hersenoperatie afvroegen hoe ze hun opa een cadeautje konden geven als er niets te vieren viel bijvoorbeeld. En Honoré speelt ook met die beelden. Zo schrijft hij op een bepaald moment dat de strijd tegen kanker een oorlog is. Beetje makkelijk, denk je dan, tot Rik een kwartboek later die vergelijking zelf ook flauwekul noemt. Zijn kanker gaat niet over leren vechten, zegt hij, maar wel over leren sterven. En voor de nabestaanden gaat het over leren verwerken, denk je dan, want in De tussentijd is een duidelijke evolutie te zien van een intellectueel zoekende positie, met verwijzingen naar de Griekse goden Chronos en Kairos of naar het verraad van Petrus, naar een van aanvaarding en troost vinden in de persoonlijke herinneringen.
Wat als één van jouw geliefden plots de diagnose krijgt dat hij ongeneeslijk ziek is en hij maar een paar maanden te leven heeft? Wat doe je dan met de tussentijd die er nog rest?
Rik Honoré was veel. Hij was jurist, gepassioneerd liefhebber van klassieke muziek, advocaat, hondstrouwe vriend, opa maar vooral vader, dat was hij boven alles. De ‘Bonus Pater Familias’ niet alleen thuis maar ook op zijn werk ‘Den Bureau’. Zeven jaar na zijn overlijden beschrijft zijn zoon Dieter wat er zich afspeelde vanaf de diagnose van de kwaadaardige hersentumor tot zijn overlijden. Zeven jaar die Dieter nodig had om alles geleidelijk aan te kunnen verwerken en op papier te zetten. En wat een verhaal!! Zo herkenbaar voor velen die ook een geliefde verloren. Helaas verloor ik mijn papa plots en kon ik hem geen vragen meer stellen. Bij het lezen vroeg ik me meermaals af of de verwerking van een plotse dood of de verwerking van een dood na een lange lijdensweg anders is.
‘De tussentijd’ is een boekje dat je laat stilstaan bij jouw eigen leven. Het is soms zo confronterend om te beseffen dat ik ook heel weinig weet van de tijd van mijn ouders toen ze zelf nog kind waren.
‘Onthoud dat de herinnering het mooiste hiernamaals is’
Met ‘De tussentijd’ neemt Dieter ons eens mee naar het leven in de jaren 60 -70 waarin tong in de madeirasaus voor de ene familie een feestmaaltijd was en voor de andere een doodgewone doordeweekse maaltijd. Meermaals zat ik te grinniken bij gelijkaardige taferelen. Dieter schrijft dit zo op een vlotte, herkenbare manier maar toch is zijn schrijfstijl eentje om van te genieten. Vele beeldspraken herlas ik omdat die zo mooi waren bv. ‘De illusie dat schoon sterven een bewuste en bedachtzame tocht naar de eindstreep kan zijn. Dat daar in de verte een streep ligt die je net als in de koers min of meer weet te situeren en dat je die op een dag haalt’
Bedankt Dieter om jouw verhaal te delen. Hopelijk geeft jouw prachtige hommage de nodige kracht wanneer je het eventjes weer moeilijk hebt.
“Rouw begint lang voor iemand sterft. Waarom schrijf ik dat hij zal sterven?”
‘De tussentijd’ van Dieter Honoré raakte mij vanaf de eerste zinnen door de schrijfstijl. Ik voelde meteen dat ik zou gaan genieten van dit boek, ondanks het zware thema. Taal en woorden vormden voor mij de rode draad in dit relaas, ook als die woorden niet altijd werden uitgesproken.
“Sommige artsen kijken hem in de ogen en zien daarin zoveel hoop dat ze zacht meebuigen in zijn verlangen om een uitzondering op de regel te vormen. Andere dokters, de meeste, kijken opzij, naar hun boekenkast of computerscherm waarop geen wetenschappelijke basis te vinden is voor hoop.”
Naast het taalgebruik en de schrijfstijl werd ik ook getroffen door de herkenbaarheid. De kankerdiagnose van een naaste, het opgroeien in de jaren zeventig, de nuchterheid van de vorige generatie waarbij grote woorden achterwege blijven… Ook confronterend, want wat weet ik eigenlijk echt van mijn ouders uit de tijd voor ik werd geboren? En wat is er nog onuitgesproken en zou ik toch graag horen of zeggen?
“Zo vaak al had hij gezegd dat alles was gezegd, dat wij het zelf ook waren gaan geloven.”
Maar ik werd ook geraakt door ‘Erbarme dich’ van Bach, Chronos en Kairos, ossentong in madeirasaus… er zit echt zoveel moois in dit boek over afscheid, overgave en rouw. Ook de vormgeving en de opbouw zijn goed doordacht. Zeven jaar, een jaar, een seizoen, een dag… en uiteindelijk vloeien begin en einde samen, is de cirkel rond.
“Zelfs een ongelovige als jij heeft voor een ongrijpbaar verdriet al eens iets nodig dat groter is dan zijn eigen nietige zelf.”
‘De tussentijd’ gaat verder dan woorden kunnen reiken. Het heeft veel teweeggebracht bij mij. Gelaagd, raak, subtiel, eerlijk, nuchter… Een boek naar mijn hart.
“Ik wil de woorden terug die verhalen over wie hij was, niet wie hij zou zijn geworden.”
De tussentijd. De tijd tussen een diagnose en het echte afscheid. De tijd die je tijd geeft en eigenlijk ook niet. De tijd om nog zoveel te zeggen. Zoveel te vragen. Of niet... Tussen een vader en zijn zoon. Ook al is er die tijd, het overrompelt je niet minder. Het rouwen begint alleen veel vroeger. Niemand die het ziet. Maar stilletjes moet je machteloos afscheid nemen van alles wat kon. En koesteren wat nog is. Vooruit kijken, maar misschien ook achteruit. Dit boek raakt je, prikkelt ook door de manier van opbouw om steeds verder te lezen. Om enerzijds antwoorden te vinden, maar ook om anderzijds te voelen en geraakt te worden. Dit boek doet je nadenken over wat je zelf nog zou willen weten als het zover is. Of doet je beseffen dat het niet meer kan. Des te belangrijker dit boek! Een boek uit eigen streek raakt nog persoonlijker. Een boek met verhalen uit de generatie van de net niet - net wel oorlogskinderen in West-Vlaanderen. De generatie van de naoorlogse nuchterheid en praktische oplossingen. De generatie van het doorpakken en niet voelen. De generatie met kinderen die des te meer voelen wat nooit uitgesproken werd. De generatie van kinderen die via taal woorden willen geven aan wat ze voelen. Ik hou van de schrijfstijl van deze auteur. Het voelt vertrouwd, herkenbaar, dichtbij. Aanrader! En zorg dat het niet te laat is. Praat! Vraag!
3.5 ⭐ Zoon wil zijn vader beter leren kennen, om zichzelf beter te leren kennen. Authentiek verhaal over familie, relaties en afscheid. Bij momenten mooi verwoordde en verbeeldde ervaringen. Zijdelings en met korte stukjes proef je hoe het was om pakweg één of twee generaties geleden op te groeien.
Een warm ontroerend portret van de vader van de schrijver, therapeutisch schrijven van de bovenste plank.Authentiek, nooit melig, geschreven in een mooie stijl.Aanrader!