Jump to ratings and reviews
Rate this book

Het digitale proletariaat

Rate this book
De digitale revolutie brengt een eigentijds proletariaat voort. Fabrieksarbeiders zijn vervangen door informatieverwerkers, grootindustriëlen door grootdatabezitters, machines door megaservers. De industrialisering van de arbeid heeft plaatsgemaakt voor de industrialisering van de geest, lichamelijke uitputting voor geestelijke uitputting, en milieuvervuiling wordt verdrongen door mentale vervuiling.

In Het digitale proletariaat wordt de ontstaansgeschiedenis van een eigentijdse klasse geschetst. De digitale proletariër is een mens van wie het hele bewustzijn – zijn aandacht, emoties en vriendschappen, zijn ideeën en fantasieën – tot koopwaar is gereduceerd. Schnitzler maakt inzichtelijk dat de mens zowel zijn handelingsbekwaamheid als zijn levenskennis dreigt te verliezen. Totale proletarisering is het resultaat. De bijtende kritiek van de auteur op de digitale cultuur noopt tot bezinning.

175 pages, Paperback

First published January 1, 2015

4 people are currently reading
111 people want to read

About the author

Hans Schnitzler

7 books14 followers
Hans C. Schnitzler is een Nederlandse filosoof, schrijver en columnist. In zijn werk staat de invloed van de digitalisering op de alledaagse leefwereld centraal. Andere thema’s waarmee hij zich bezighoudt zijn ethiek, onderwijs en burgerschap. Schnitzler studeerde filosofie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.
Zijn essays en columns verschenen onder meer in de Volkskrant, NRC, De Standaard, De Groene Amsterdammer en bij Follow the Money. In 2021 stond hij met Wij nihilisten op de shortlist voor de Socratesbeker.

Ratings & Reviews

What do you think?
Rate this book

Friends & Following

Create a free account to discover what your friends think of this book!

Community Reviews

5 stars
8 (8%)
4 stars
34 (36%)
3 stars
36 (39%)
2 stars
10 (10%)
1 star
4 (4%)
Displaying 1 - 8 of 8 reviews
Profile Image for Gustav Dinsdag.
46 reviews7 followers
January 5, 2016
‘Ik moest even googlen wat ICT betekent’ zei kamervoorzitter Anouchka van Miltenburg onlangs bij het in ontvangst nemen van de resultaten van een onderzoek naar de digitale diensten van de overheid. Dat die resultaten niet al te best zijn zal niemand verbazen.

Twee perspectieven op onze zich gestaag uitbreidende technostaat: 1) die van het hier en nu, van de effecten op directe en korte termijn in onze onmiddelijke leefomgeving, en 2) de mogelijke gevolgen voor de lange termijn.

Wat het eerste perspectief betreft hebben ‘de vier ruiters van het internet’ (Google, Apple, Facebook en Amazon) zo goed als vrij spel. De vanuit Silicon Valley aangestuurde innovaties rollen zich in zo’n hoog tempo over de wereld uit dat politici en bestuurders, zelfs al zóuden ze zich ervoor interesseren, weinig anders kunnen dan achter de ontwikkelingen aanhollen. Daar komt bij dat de data-ontwikkelingen prachtig zijn in te passen in het moderne technocratische staatsmanagement.
Feitelijk is hier de ondoorzichtige beslismachine met al haar stroperige instellingen en complexe compromissen (Schnitzler, 131) die democratie heet al lang achterhaald.
We nemen/krijgen geen tijd om af en toe even op adem te komen en na te denken over waar we met onze nieuwe technologische geworpenheid heen kunnen en willen. Bovendien: onze digitale gadgets verleiden ons. We zijn verliefd en dulden geen enkele kritiek op de voorwerpen van onze verering. Het is nog erg pril.

Het tweede perspectief richt zich meer naar het terrein van mentaliteitsgeschiedenis en filosofie. Daarbij gaat het om utopische/dystopische vergezichten. Om abstracties als de mogelijke transformatie van de romantische en democratisch ingestelde politieke wezens die we nu nog zijn naar een nieuw soort hybride cyborg. De post-romantische en post-politieke mens. Het datasubject in een al of niet vriendelijke datadictatuur.

Dit tweede en zeer interessante aspect is om een aantal redenen in het dagelijks leven nauwelijks bespreekbaar. Mensen die werken in de nieuwe hippe media-omgevingen zitten niet te wachten op het idee dat hun creatieve babytjes wel eens minder aardige karaktertrekken zouden kunnen hebben. Dat technologie niet neutraal is, sterker: een ingebouwde ideologische component kan hebben wordt meestal lacherig weggewuift. Don’t bite the hand that feeds you!
Daarnaast zijn het genre boeken waarin Schnitzlers’ betoog valt voor velen op zijn minst niet erg aanlokkelijk. Het zweemt naar het academische. Het taalgebruik is té onalledaags. De context vereist te veel bagage.

Om die bagage meteen maar op te pakken - we zwaaien nu even naar de vrolijk twitterende, likende en swipende technoconsument, hoihoi! - : wat taal en thematiek betreft ligt Hans Schnitzlers’ werk wel wat in de lijn van de Frankfürter Schule. Adorno’s kritieken op de cultuurindustrie en Herbert Marcuse’s One Dimensional Man zijn nooit ver weg. Waarvoor wat mij betreft hulde!

Voor wie bekend is met het onderwerp leest Het Digitale Proletariaat in de eerste plaats als een losse samenvatting van eerder verschenen werken over cyberproblematiek. Een flink deel van het repertoire passeert de revue: Nicolas Carr, Evgeny Morozov, Jaron Lanier, Jos de Mul, Alessandro Baricco’s essay De Barbaren. (Maar waar is Andrew Keen?) De neo-neo-marxistische invalshoek is leuk en past goed in het verhaal van de poging tot totale exploitatie van de verbeelding en de aandacht van de nieuwe digitale technoconsument.

Ik ken helaas veel mensen die best zouden willen maar dit soort boeken echt niet kúnnen lezen. Dat zeg ik niet om lullig te doen. Met een boek als Het Digitale Proletariaat krijg je geen dataproletariër de barricaden op. Het is gericht op de intellectuele voorhoede van beroepsrevolutionairen, niet op de boeren. Dat zou geen probleem zijn als het niet precies die groep is waarop Schnitzler de indruk wekt zich te willen richten en die hij met zijn boek wil aansporen tot een meer kritische houding.

Tegen het einde van het betoog bekroop me het gevoel dat Hans Schnitzlers met zijn vertoon van eruditie - hoe toepasselijk en mooi ook - en zijn pogingen tot Sloterdijkiaanse woordvindingen vooral zijn mentor Ad Verbrugge als ideale lezer voor ogen heeft gehad.
Profile Image for Martijn Euyen.
182 reviews7 followers
April 25, 2019
Schnitzler verwoordt mijn groeiend gevoel van onbehagen bij de oprukkende digitalisering van alles wat ons tot mensen maakt. Een aanrader voor iedereen die een tegengeluid wil horen ten opzichte van de vele predikers van het technocratische vooruitgangsgeloof.
Profile Image for Wouter Hk.
40 reviews6 followers
April 27, 2015
Technotherapie voor een maatschappij die technologie als vanzelfsprekend opvat


Vandaag leven we in de utopie van het verleden. En toch is niemand tevreden. Technologie doemt overal op als een Doctor Faustus, ‘verkoopt uw ziel en wonderen zullen geschieden’.

De technologische conditie van de mens is een feit. ‘Het digitale proletariaat’ van techniekfilosoof Hans Schnitzler heeft niet de intentie dit te ontkennen in een hang naar de romantische middeleeuwen. Wat echter wel frappant is, is dat wanneer Schnitzler schrijft over het nadenken over, en rationeel omgaan met techniek, reageren mensen furieus. Alsof ze gekwetst zijn. Geraakt in hun persoonlijke aura. De conclusie in de lijn van Karl Marx is nooit ver weg: techniek is opium van het volk.

Marx was de eerste filosoof die pertinente vragen stelde omtrent techniek, die nimmer van het voorplan zijn verdwenen. Wat niet wil zeggen dat er in tussentijd niet is gesleuteld aan de gegeven antwoorden. Maar vandaag de dag duiken nieuwe vormen van technologie op, die om een nieuwe reflectie vragen. Denk hierbij aan de virtuele wereld, illusoir geld of artificial intelligence. Enkel de vraag of we kunstmatige intelligentie, eens verwezenlijkt, weer ongedaan kunnen maken, duidt de noodzaak van dit filosofisch onderzoek.

Niet toevallig komen de cognitieve wetenschappen nu met de conclusie dat vrijheid niet zou bestaan. Deze conclusie is een zuiver resultaat van diep doorgedrongen technologische rationaliteit. Wat is hier bijzonder aan? Als we deze conclusies doortrekken, zal de mens zijn onafhankelijkheid en zijn bewustzijn fundamenteel verliezen. Aldous Huxley schreef met zijn ‘Brave New World’ een profetisch parallel verhaal aan deze evolutie. De enige oplossing: rationeel omgaan met technologie. Zowel met alledaagse technologie als met de wetenschappelijk technologische visie zoals in de cognitieve wetenschappen.

Zoals gezegd is dit boek van Schnitzler - zelf een facebook en twitteraar - geen hang naar de middeleeuwen. Zijn punt is louter dat we onszelf bewust moeten zijn met wat we hebben, en niet perse nodeloos verlangen naar meer. Uit een onderzoek blijkt dat jongeren tussen 18 en 24 het minst enthousiast zijn over de hedendaagse techniek. Desalniettemin gelooft 86 procent van diezelfde millenials dat toekomstige technologische innovaties hun leven eenvoudiger en prettiger zullen maken. Hieruit spreekt hoe we uitgaan van de vanzelfsprekendheid van bestaande technologie. Als de elektriciteit dreigt uit te vallen, wordt er moord en brand geschreeuwd. Deze maatschappij beseft de intrinsieke waarde niet van de verwezenlijkte technologie. Enkel het vooruitzicht op meer en ‘beter’ zorgt voor een fragiel greintje optimisme. Volgens Duitse techniekfilosoof Peter Sloterdijk: ‘De mens is een gevaren opzoekend, de status quo lasterend onrustmonster, dat niets laat zoals het was.’

Om de existentialistische zijnsvraag toe te stoppen, vluchten mensen massaal als een digitaal proletariaat in de dimentieloze, steeds uit te vinden technologie. Zo zie je maar, religie is nooit veraf.

Wouter Etienne
© Cutting Edge - 23 april 2015
Profile Image for Thomas Wesseling.
14 reviews1 follower
April 3, 2016
Een goed boek niet zo zeer vanwege het feit dat het lekker leest (veel verwijzingen en terminologie) maar meer vanwege de urgentie van het onderwerp. Wat bij mij is blijven hangen zijn termen zoals " digibesitas " en de uitspraak "je kunt beter programmeren dan geprogrammeerd worden". Dit boekt doet een dringend beroep op de verantwoordelijkheid meer bewustzijn te creeeren bij de consumenten en (nog belangrijker) de makers van digitale media over de impact van digitalisering op de maatschappij. Die verantwoordelijkheid valt niet in de schoenen te schuiven bij een overheid of een 'non commercial' aangezien iedereen eindgebruiker is en dus deelgenoot aan de discussie over het digitale proletariaat.

Profile Image for Roel Peters.
180 reviews6 followers
January 2, 2016
Long and hard words don't make a good book. This book is a collection of other works of cybercriticism. However, it is also a collection of fat-fetched metaphores and comparisons. It's quite intensive to read through the whole book. While the author really has a point when it comes to the dangers of technology, the arguments are bloated with archaic language and comparisons that don't make sense: get to the point. It felt like the author wanted to place his erudicism in the spotlights and in the process 4 blogs became a book.
Profile Image for Robin Schoehuijs.
88 reviews
August 3, 2016
Ik begon met de schrijver een pessimist te vinden.
Daarna werd het boek met voorbeelden inzichtelijk.
En vervolgens schoot de schrijver door van pessimist naar een natuurtalent negatief mannetje.

Ja, als je niet oppast ben je een datasubject.
Maar ik geloof dat er nog steeds mensen met een gezond verstand zijn
286 reviews1 follower
June 14, 2015
Viel me erg tegen. Wat ronkende moeilijkschrijverij over een onderwerp dat door anderen al is platgetreden en beter opgeschreven. Saai, veel herhaling en wat simplistisch. Had ik niet verwacht.
Displaying 1 - 8 of 8 reviews

Can't find what you're looking for?

Get help and learn more about the design.