What do you think?


Dat is het ding
In haar trefzekere en humoristische stijl onderzoekt Katrin Swartenbroux de kleine rituelen en grote verwachtingen van het moderne leven. Een leven waar we krampachtig grip op willen krijgen terwijl de belangrijkste dingen tussen onze vingers door glippen. En precies in die morsigheid schuilt onze menselijkheid.
Dat is het ding bevat persoonlijke essays vol herkenbare observaties over authenticiteit in het internettijdperk, onze obsessie met efficiëntie en de stille arbeid van onderhoud en zorg. Over een kerstboom onder de douche, bakkerijraves en waarom je kiwi's uit het vuistje moet eten.
Dat is het ding bevat persoonlijke essays vol herkenbare observaties over authenticiteit in het internettijdperk, onze obsessie met efficiëntie en de stille arbeid van onderhoud en zorg. Over een kerstboom onder de douche, bakkerijraves en waarom je kiwi's uit het vuistje moet eten.
222 pages, Kindle Edition
Published September 17, 2026
Ratings & Reviews
Friends & Following
Create a free account to discover what your friends think of this book!
Community Reviews
Displaying 1 - 10 of 10 reviews
September 23, 2026
Ik werk in Sint-Niklaas, ik SNAP het.
September 19, 2026
Schuif je agenda, takenlijstje, anti-agingcrème en pensioenspaarplan even aan de kant voor deze gulzige, veelkantige en fucking grappige ode aan het goede, gulle, morsige leven. Swartenbroux verkiest eerlijkheid boven efficiëntie en rijk aan herinneringen zijn boven de regeltjes volgen, en might I add: ze heeft gelijk. Een boek van en voor een mens die ervoor gekozen heeft om niet te bestaan, maar te léven, met kruimels om de lippen en krassen op de plinten.
September 26, 2026
Verslavend herkenbaar
October 7, 2026
‘Het is fingerfood tijdens het bowlen en schnapsbars in het midden van een zwarte piste. Het is een bol mozzarella uit het vuistje, een knorrende slappe lach en onderweg alvast een vleugeltje van de braadkip breken omdat je de geur niet kunt weerstaan tot je thuis bent. Het is de vijfsecondenregel en geen timer zetten voor de oven, zodat je met iedereen op het familiefeest onverwacht in de frituur belandt. Het is domme vragen stellen en blauwe plekken tellen, je duimen en vingers aflikken.
Het is veel te lang opblijven en veel te lang blijven liggen. Verloren lopen. Slenteren, sèmmelen en sjouwelen. Het is frictie, een fysieke wachtrij vol foeterende gelijkgestemden die ook concerttickets willen bemachtigen - mensen van wie je de adem ruikt en de wanhoop in de ogen kunt zien, in plaats van dat ze verdwijnen in een willekeurige geordende kolom anonieme nummers in een Ticketmaster-app.
Het is niet zoeken naar de juiste woorden, maar gewoon vanuit je onderbuik ‘what the fuck’ roepen wanneer een vriend heel goed of heel slecht nieuws deelt. Het zijn passief-agressieve whatsapp berichten en makkelijk te vermijden misverstanden die vervolgens urenlang uitgepraat moeten worden.
Het zijn discussies op café, ruzies op straat en muilen in het openbaar. Het is beseffen dat sommige dingen moeite kosten en sommige dingen de moeite zijn om te herstellen. Het is doen zonder denken en daarna een vakman bellen omdat je toegeeft dat zowel jij als je bezittingen feilbaar en vergankelijk zijn - maar daarom nog niet resoluut vervangbaar.
Het is je niet excuseren voor de rommel en napraten aan de afwas. Het zijn de centimeters die in de deurpost gekrast staan en de dieptemeters van je doorzettingsvermogen, de uren die vervliegen in een gesprek, verkrampt op de voorbank van iemands auto, waar je achteraf niets meer van kunt herinneren behalve dat jullie op een gegeven moment gezongen hebben. Vals, wellicht.
De blikken die niet gestolen maar uitgewisseld werden, de stiltes die niet gevuld hoefden en de dagen die niet geplukt werden, maar gewoon mochten uitbloeien.
Als er iets is wat onze menselijkheid kan vrijwaren, laat het dan onze morsigheid zijn. De ongematigdheid, de irrationaliteit, de goesting, de wrijving, de wrevel en het absurde.
Van het padje, in de ban, uit het vuistje.
Nog eentje. Nog efkes. Awel ja.’
Dat is het ding neemt ons mee op een reis over morsen of het gebrek hieraan. Een reis van golven die komen en gaan, over in kronkels lopen en genieten van de zijstraten. Over de zee en al haar mogelijkheden. Over lopen op het randje, en af en toe eens goed op je bek gaan. Over authenticiteit zonder rechtlijnigheid. Over jezelf vinden en weer verliezen, want als we onszelf vinden, wat heeft het leven dan nog te bieden?
Katrin laat ons kijken naar het leven, leven en geleefd worden. Ze leert ons opnieuw morsen, en het niet opkuisen. Want leven is worden en worden is leven.
Dat is het ding slokte me op en het zal me nooit meer loslaten. Want nu weet ik weet weer ‘dat je de meeste dingen in het leven - behalve misschien de dingen die echt bitter smaken - met voldoende honger wél kunt verorberen. Het is beseffen dat je door de schil heen kunt bijten, dat het sap over je kin mag lopen en dat vlekken maken er nu eenmaal bij hoort. Liefst zelfs.’
Of kort en bondig gewoon wauw!
Het is veel te lang opblijven en veel te lang blijven liggen. Verloren lopen. Slenteren, sèmmelen en sjouwelen. Het is frictie, een fysieke wachtrij vol foeterende gelijkgestemden die ook concerttickets willen bemachtigen - mensen van wie je de adem ruikt en de wanhoop in de ogen kunt zien, in plaats van dat ze verdwijnen in een willekeurige geordende kolom anonieme nummers in een Ticketmaster-app.
Het is niet zoeken naar de juiste woorden, maar gewoon vanuit je onderbuik ‘what the fuck’ roepen wanneer een vriend heel goed of heel slecht nieuws deelt. Het zijn passief-agressieve whatsapp berichten en makkelijk te vermijden misverstanden die vervolgens urenlang uitgepraat moeten worden.
Het zijn discussies op café, ruzies op straat en muilen in het openbaar. Het is beseffen dat sommige dingen moeite kosten en sommige dingen de moeite zijn om te herstellen. Het is doen zonder denken en daarna een vakman bellen omdat je toegeeft dat zowel jij als je bezittingen feilbaar en vergankelijk zijn - maar daarom nog niet resoluut vervangbaar.
Het is je niet excuseren voor de rommel en napraten aan de afwas. Het zijn de centimeters die in de deurpost gekrast staan en de dieptemeters van je doorzettingsvermogen, de uren die vervliegen in een gesprek, verkrampt op de voorbank van iemands auto, waar je achteraf niets meer van kunt herinneren behalve dat jullie op een gegeven moment gezongen hebben. Vals, wellicht.
De blikken die niet gestolen maar uitgewisseld werden, de stiltes die niet gevuld hoefden en de dagen die niet geplukt werden, maar gewoon mochten uitbloeien.
Als er iets is wat onze menselijkheid kan vrijwaren, laat het dan onze morsigheid zijn. De ongematigdheid, de irrationaliteit, de goesting, de wrijving, de wrevel en het absurde.
Van het padje, in de ban, uit het vuistje.
Nog eentje. Nog efkes. Awel ja.’
Dat is het ding neemt ons mee op een reis over morsen of het gebrek hieraan. Een reis van golven die komen en gaan, over in kronkels lopen en genieten van de zijstraten. Over de zee en al haar mogelijkheden. Over lopen op het randje, en af en toe eens goed op je bek gaan. Over authenticiteit zonder rechtlijnigheid. Over jezelf vinden en weer verliezen, want als we onszelf vinden, wat heeft het leven dan nog te bieden?
Katrin laat ons kijken naar het leven, leven en geleefd worden. Ze leert ons opnieuw morsen, en het niet opkuisen. Want leven is worden en worden is leven.
Dat is het ding slokte me op en het zal me nooit meer loslaten. Want nu weet ik weet weer ‘dat je de meeste dingen in het leven - behalve misschien de dingen die echt bitter smaken - met voldoende honger wél kunt verorberen. Het is beseffen dat je door de schil heen kunt bijten, dat het sap over je kin mag lopen en dat vlekken maken er nu eenmaal bij hoort. Liefst zelfs.’
Of kort en bondig gewoon wauw!
Read
September 24, 2026« Zoals de salontafel van mijn grootmoeder. Een koperen art-deco-exemplaar met gegraveerde tropische bloemen waarop ik me, zolang ik me kan herinneren, als een ekster heb verlekkerd terwijl zij erop zat te sakkeren. Een ergernis die haar ervan weerhield om mij het ding vroegtijdig na te laten. ‘Te moeilijk om schoon te houden’, was haar excuus, alsof ze me ergens voor wilde behoeden - een leven op de knieën misschien. Maar toen ze enkele weken geleden haar huis noodgedwongen moest inruilen voor een zorgflat en ze schokschouderde dat ik maar al plaats moest beginnen te maken, wilde ik plots helemaal andere dingen. Niet die tafel, maar de weerspiegeling van mijn grootmoeder in het oppervlak, waar ze zo vaak overheen gebogen zat om de vetvlekken eruit te boenen. Want dat is wat poetsen soms ook is. Elimineren, verwijderen, uitwissen, het werkelijke werk, het vuil, de letterlijke en figuurlijke vingerafdrukken van het leven. De zogenaamde drag paths, het verweerde hout van het kastfrontje waar je vader bij het afwassen steeds tegen leunde, de vegen in de nachthal van iedereen in je gezin die op de tast naar het toilet ging, de grauwe vlek op enkel hoogte op de deurpost van onze keuken. Een vlek die ik vaak genoeg heb weggewreven, en waarvan ik me lange tijd heb afgevraagd hoe die telkens terugkeerde, tot ik onze stokoude straatkat zich er trillend van enthousiasme tegenaan zag schurken toen hij de sleutel van mijn lief in het slot van de voordeur hoorde. Hoe zoiets vlekken maakt weet ik nog steeds niet. Gio stinkt als de dood uit zijn bek, maar zijn vacht - die hij nochtans met diezelfde bek wast - ruikt naar rijpe appels en babypoeder.
Sowieso ben ik ervan overtuigd dat ‘het kan vlekken maken’ een loze waarschuwing is die je behoedt voor de allerbeste dingen in je leven. Niet iets waar je over nadenkt wanneer je de kans krijgt om een kat - of een kerstboom, zo je wilt - een tweede leven te geven. Je haalt ze van straat en je weet dat ze misschien op ongure plaatsen hebben vertoefd, maar nu wonen ze binnen, in je huis, en laten ze sporen na zoals alles dat je liefhebt sporen nalaat. Sporen die je kunt uitvegen tot het onvermijdelijk ooit de laatste keer was en het lijkt alsof ze er nooit zijn geweest.
En dus hoort die vlek, net zoals de vlekkenmaker, gewoon bij ons huis. Het maakt niet uit hoe die er gekomen is, het belangrijkste is dat hij niet weggaat. Ik ben dus niet in de markt voor een wonderspons, bespaar me je zoveelste deep cleaning hack, het boenen boeit me niet. Tip me liever je allerstrafste bewaarmiddel. »
Sowieso ben ik ervan overtuigd dat ‘het kan vlekken maken’ een loze waarschuwing is die je behoedt voor de allerbeste dingen in je leven. Niet iets waar je over nadenkt wanneer je de kans krijgt om een kat - of een kerstboom, zo je wilt - een tweede leven te geven. Je haalt ze van straat en je weet dat ze misschien op ongure plaatsen hebben vertoefd, maar nu wonen ze binnen, in je huis, en laten ze sporen na zoals alles dat je liefhebt sporen nalaat. Sporen die je kunt uitvegen tot het onvermijdelijk ooit de laatste keer was en het lijkt alsof ze er nooit zijn geweest.
En dus hoort die vlek, net zoals de vlekkenmaker, gewoon bij ons huis. Het maakt niet uit hoe die er gekomen is, het belangrijkste is dat hij niet weggaat. Ik ben dus niet in de markt voor een wonderspons, bespaar me je zoveelste deep cleaning hack, het boenen boeit me niet. Tip me liever je allerstrafste bewaarmiddel. »
October 2, 2026
Een prachtig en herkenbaar pleidooi voor meer morsigheid, minder rechtlijnigheid en leven uit het vuistje. Ik heb genoten van iedere pagina. 10 op 10 ondanks de Sint-Niklaas slander.
October 10, 2026
"Een ode aan morsigheid en menselijkheid." EWEL JA!
September 24, 2026
Wat is het ding?
Herkenbare cultural references (Darkwing Duck! Modest Mouse! Hans Teeuwen!), slimgrappigmooie (ja dat is een woord) lijnen tekst met een rechtoerechtaanheid (ook dat is een woord) die me aan Bukowski doen denken. Overigens ook een geweldig nummer van Modest Mouse. En een eindparagraaf die qua tempo de pointe in een show van Xander De Rycke kan zijn.
Ja, laat ons morsen. Ja, laat ons fouten maken. Ja, laat ons tijd verliezen en verdwalen.
Katrin is de biograaf van een millenialleven.
Oh ja: extra punten voor het mooie neologisme 'poetsroes'.
Herkenbare cultural references (Darkwing Duck! Modest Mouse! Hans Teeuwen!), slimgrappigmooie (ja dat is een woord) lijnen tekst met een rechtoerechtaanheid (ook dat is een woord) die me aan Bukowski doen denken. Overigens ook een geweldig nummer van Modest Mouse. En een eindparagraaf die qua tempo de pointe in een show van Xander De Rycke kan zijn.
Ja, laat ons morsen. Ja, laat ons fouten maken. Ja, laat ons tijd verliezen en verdwalen.
Katrin is de biograaf van een millenialleven.
Oh ja: extra punten voor het mooie neologisme 'poetsroes'.
September 25, 2026
“Van het padje, in de ban, uit het vuistje. Nog eentje. Nog efkes. Awel ja.”
September 27, 2026
“Ik ben een vrouw van veertig met een sigaret; ik heb een buitenaardse stof in mijn bloed.”
<3
<3
Displaying 1 - 10 of 10 reviews









