Marga Minco (pseudoniem van Sara Minco) debuteerde in 1957 met Het bittere kruid, bekroond met de Vijverbergprijs (nu F. Bordewijkprijs). Ook haar latere werk, De andere kant (1959), Een leeg huis (1966), De val (1983), De glazen brug (1986), Nagelaten dagen (1997) en de bundel verzamelde verhalen Achter de muur (2010), had veelal de Tweede Wereldoorlog en de nasleep daarvan als onderwerp. Voor haar oeuvre ontving Minco de Annie Romeinprijs (1999), de Constantijn Huygensprijs (2005) en de P. C. Hooftprijs (2019). Haar boeken zijn in vele talen vertaald.
Samen met Het bittere kruid heb ik ook deze verhalenbundel van Minco gelezen, die ze bijna veertig jaar later gepubliceerd heeft. Puur literair vind ik deze veel boeiender. Ze springt zonder aankondiging van nu naar vroeger, waardoor je als lezer een stuk aandachtiger moet zijn. De tijd wordt een flou gegeven op die manier: heden en verleden leven dicht naast elkaar. Niet alle verhalen gaan over de Tweede Wereldoorlog-ervaring, maar het is wel belangrijk om die ervaring te kennen om deze verhalen goed te voelen. Allemaal gaan ze over een persoon uit het verleden die afwezig is en waar ze door een toevallige ontmoeting aan moet terugdenken. De ene keer lijkt een voorbijganger op iemand die ze kende, of brengt een reis haar terug naar een zomer uit haar kindertijd. Een andere keer brengt een radiostation haar samen met een vrouw bij wie ze tijdelijk kon onderduiken voor een hopelijk mooi radiomoment – maar de herinnering van de ik-persoon (alle verhalen hebben een ik-persoon en klinken daardoor heel intiem) aan die periode bestaat toch vooral uit angst en onzekerheid. Als contrapunt in de bundel staat er een reeks dromen die de mensen uit het verleden voor een nacht weer aanwezig maken. Die obsessie met afwezigheid snap je pas goed in het licht van het trauma zoals in haar debuut verwoord. Zij is zelf weggevlucht van haar ouders net op het ogenblik dat ze opgepakt werden door de nazi’s. Ze is haar broer en zus kwijtgeraakt in de oorlog. Afwezigheid is een litteken dat al te gemakkelijk nog eens opengehaald wordt bij Minco. Veel mensen verdwijnen zomaar in deze verhalenbundel en zij blijft met de vragen over.
Minco's taalgebruik is helder en precies, sober en zonder opsmuk. Het maakt haar werk des te beter. Absolute favoriet is Storing, het titelverhaal, waarin de 'ik' na vele jaren voor een interview iemand ontmoet bij wie zij op zolder ondergedoken heeft gezeten. Meer dan drie sterren verdient de verhalenbundel naar mijn mening echter niet. Daarvoor bevat het helaas te veel korte verhalen die inhoudelijk maar matig interessant zijn en niet beklijven.
Het boek ‘Storing’ bevat twaalf verhalen, waaronder enkele langere zoals ‘Omtrent Helena’ en ‘Door het land’. In ‘Door het land’ beschrijft Marga Minco hoe zij in de jaren zestig het hele land afreisde om inleidingen over haar werk te houden voor allerlei groepen, zoals clubs van plattelandsvrouwen. Ene Anki trad daarbij op als de vrouw die al die optredens regelde. Ze had uitsluitend telefonisch contact met haar. Ze werd wel eens moe van alle vragen die steeds weer werden gesteld, die soms ook wel getuigden van anti-Joodse vooroordelen. ‘Heeft u er spijt van dat u als Jodin geboren bent’? ‘Hoe voelt u zich in een christelijk gezelschap? ‘ Marga Minco had in 1939 haar eerste baantje als aankomend journaliste in Breda. In 1940 werd ze direct ontslagen vanwege haar Joodse achtergrond. De Anki uit het verhaal ‘Door het land’ verdwijnt plotseling, is ineens onbereikbaar, kennelijk naar Nieuw Zeeland vertrokken zonder een woord van afscheid. Het trauma van de Tweede Wereldoorlog is nooit ver weg in de verhalen van Marga Minco, ook niet in deze bundel die pas na haar tachtigste verjaardag uitkwam. In het slotverhaal rijdt ze door Duitsland, op weg naar Kopenhagen. De gele verkeersborden doen haar denken aan het geel van de op jassen genaaide sterren. Haar zusje heeft haar laatste brief niet meer kunnen posten voordat ze werd afgevoerd en vermoord. ‘Ze moet deze uit de trein hebben geworpen.’ De laatste zin van het verhaal ‘een brief posten’.
Storing verscheen in 2004, Marga Minco was toen 84. Het was het eerste boek dat ik van haar las. Onder de indruk heb ik daarna wat van de schade ingehaald. Toen ik zaterdag hoorde van haar dood, pakte ik Storing weer uit de kast en ben opnieuw blijven lezen tot het uit was. Mooi. Vooral Omtrent Helena, De Bal en de Bolero, en het titelverhaal. Ze schrijft prachtig Nederlands, vloeiende zinnen, rustig en doeltreffend. En toch heel intens en fris. Mooie taal eigenlijk, dacht ik. Nog niet doorspekt ook met anglicismen (hoewel ik het woord ‘citybag’ tegen kwam). Verder een nieuw woord geleerd: manser, van het Italiaanse ‘mancia’, dat fooi betekent. De mans is een centenbak, de manser is de man die ermee rondgaat bij het orgel. “De manser, een kleine man in een zwart pak en met een zwarte schipperspet op, rammelde met zijn centenbak onder de neuzen van de voorbijgangers. Eens heb ik met hem gedanst.” (pag. 19)
Marga (eigenlijk: Sara) Minco overleefde als enige van haar (weggevoerde) familie de oorlog (het pseudoniem 'Marga' is een overblijfsel van haar onderduikersnaam Marga Faes) en haar werk wordt grotendeels door oorlogservaringen gekleurd. Een 'must read' (ook populair bij scholieren) is en blijft haar debuut 'Het bittere kruid' (1957). 'Storing' is een bundel van 12 verhalen, verschenen in 2004 waarin ook weer de oorlogsjaren - zijdelings of rechtstreeks - in beeld komen. 'Het onvermogen om je eigen geschiedenis los te laten,' zo zegt de flaptekst, '... blijft het grote thema in het werk van Marga Minco.' Toch worden deze verhalen nergens particularistisch, maar gaan ze ook altijd over alle tijden. 'Minidrama's' noemt NRC Handelsbad ze, 'die extra diepte krijgen door het telkens heen en weer gaan in de tijd. Chinese doosjes zijn het, symbolen van de gelaagdheid van de herinnering.' Het mooiste voorbeeld daarvan is, wat mij betreft, het verhaal 'Een brief posten' waarin de hoofdpersoon door Duitsland moet om in Kopenhagen te geraken en zich voorneemt om dat zo te doen dat ze er geen voet aan de grond moet zetten. Als fijne, scherpe scherven blijven deze verhalen in je gedachten steken...
Tsja, ik vind dit een overbodig boek. Misschien was het een faveur van de uitgever om het uit te brengen, ik weet het niet.
De stijl van Minco is loepzuiver, dat wel, maar haar verhalen boeien niet. Ik verwacht van een kortverhalenbundel niet dat alles goed is, daarvoor heb je een te grote variatie aan verhalen nodig. In dit boekje vond ik jammer genoeg te weinig dat goed was. Ik heb zelfs niet alle verhalen uitgelezen.
Ik had het al eens opzij gelegd, wat veelzeggend is, want het telt maar 142 bladzijden, en zelfs nu om het uit te lezen heb ik geworsteld. En nog wat pagina's overgeslagen.
Misschien lees ik ooit nog wel iets anders van haar omwille van haar manier van schrijven die op zich wel goed is, maar dan hoop ik dat het meer beklijft of meer te bieden heeft dan goede zinsbouw en woordkeuze.