Een kunsthistorica probeert na haar studie haar weg te vinden. Bij verschillende baantjes, van losse freelanceklussen tot haar saaie baan in een vintagewinkel, ondergaat ze een sterk gevoel van surrealisme en vervreemding. Dan treft de meedogenloze realiteit haar: ze verliest haar moeder. Om haar rouw op afstand te houden en haar zinnen te verzetten begint ze te schrijven. Zo vindt ze troost in de beschrijving van verweesde voorwerpen, deelt ze graag haar kennis over vergeten vrouwelijke kunstenaars en ontwikkelt ze een zwak voor flora en fauna. Knokige duiven en doffe motten worden aankondigers van nieuwe verhalen.
In sterke alledaagse scènes, waarin de absurditeit altijd op de loer ligt, beschrijft Binkie Bloemheuvel in Stilleven de eeuwige spanning tussen vitaliteit en vergankelijkheid.
Dit boek heeft interessante thema’s, vooral de manier waarop rouw en vervreemding doorwerken in het alledaagse. Toch bleef ik tijdens het lezen op afstand. Ik kan er niet precies de vinger op leggen, maar het verhaal wist me minder te raken dan ik had gehoopt. Geen slecht boek, alleen voor mij geen boek dat blijft hangen.
De schrijfstijl is beeldend, eenvoudig en tegelijkertijd vol emotie. Een veerkrachtig hoofdpersonage, alledaagse scènes en rouw vormen het hart van deze debuutroman en juist die combinatie wist me enorm te raken. Ik kan eigenlijk alleen maar zeggen: Binkie, dit is een debuut waar je trots op mag zijn én alsjeblieft, blijf doorschrijven!
Behalve dat het soepel geschreven is en makkelijk wegleest, valt op hoe beeldend het geschreven is. Ook als het met de hoofdpersoon eigenlijk niet zo lekker gaat, komt het romantisch over. Een boek over veerkracht na verlies, over idiote situaties die we stiekem allemaal meemaken en geborgenheid bij familie en vrienden.