Het zou een quizvraag kunnen zijn: welke trend noemde econoom en bestsellerauteur Thomas Piketty ‘gevaarlijk’, professor Richard Wilkinson ‘een soort algemene wijdverspreide vervuiling’ en de maatpakken op het Wereld Economisch Forum in Davos ‘een mogelijke bedreiging op wereldwijde schaal’? Antwoord: de groeiende ongelijkheid. De cijfers spreken dan ook boekdelen: het vermogen van de 80 rijkste bewoners van deze planeet is nu al even groot als dat van de 3,5 miljard armsten.
In dit boek bekijkt Geert Schuermans hoe het in België zit. Het is een verslag van twaalf maanden in onze wereld van de ongelijkheid. Hebben wij een draagvlak voor meer herverdeling? Welke vorm moet die aannemen? En waarom leiden de aanvallen op vakbonden en middenveld tot meer ongelijkheid? Schuermans stelt de vragen die ertoe doen maar legt op zijn tocht ook academici en politici, van Paul De Grauwe tot Bea Cantillon, van Johan Van Overtveldt tot John Crombez, op de rooster.
Een must-read voor iedereen die inzicht in het thema wil krijgen.
Ik moest dit boek lezen als onderdeel van een opleiding op het werk. Het is een degelijk boek dat de ongelijkheid in België en wat daarbij aan de grondslag ligt in kaart brengt. Het is voornamelijk een klasse analyse met zeer weinig tot geen aandacht voor andere uitsluitingsmechanismen. In die zin zou ik het dus zelf niet meteen aanraden aan iemand.
Op het einde staan achtereenvolgens enkele interviews uitgeschreven met verschillende politici. Die verschillende interviews op een rijtje lezen zou ik dan weer wel aanraden, omdat het de verschillen (of gelijkenissen) tussen de partijen op sociaal-economisch vlak helderder maakt voor wie niet altijd mee is.
Ik werd onwel bij het interview met Koen Geens (CD&V) en Gwendolyn Rutten (Open VLD). Doordat het boek al enkele jaren oud is, had ik het gevoel dat Meryem Almaci (Groen) haar boodschap niet langer de visie is die de partij uitdraagt. Peter Mertens (PVDA) kon ik dan weer helemaal volgen. Daarnaast komen ook nog Crombez en Van Overtveldt aan het woord.