De boeken van Madelief zijn klassiekers. Als kind heb ik altijd erg genoten van het stoere, grappige meisje dat in herkenbare situaties terecht komt.
In Krassen in het tafelblad lezen we een wat serieuzer verhaal over Madelief. De oma van Madelief is overleden, maar echt verdrietig is ze hier niet om. Ze heeft haar oma eigenlijk nauwelijks gekend. Van haar moeder krijgt ze niets los over hoe haar oma was en waarom de relatie tussen haar moeder en oma zo slecht was. Wanneer haar opa bij Madelief thuis komt logeren lukt het haar stukje bij beetje meer over het leven van haar oma te weten te komen. Opa vertelt, terwijl Madelief de vragen stelt.
De oma van Madelief was een vrije vrouw. Ze wilde de wereld zien en het onbekende ontdekken. In een leven, waarin van vrouwen verwacht werd dat ze thuis bleven om voor de kinderen te zorgen, voelde zij zich gevangen. Het leven maakte haar ongelukkig en van een vrolijke, onbezonnen jonge vrouw veranderde ze in star, hard en minder toegankelijk voor de mensen om zich heen.
Wanneer Madelief van opa het tuinhuisje te zien krijgt ontstaat er meer begrip voor haar oma en de situatie waarin zij zich bevond.
Ondanks het treurige verhaal, het moeilijke onderwerp, dat anders is dan de andere delen van de Madelief-serie, blijft het herkenbaar, lief, echt en stoer, zoals we dat van Madelief gewend zijn.