Op de laatste dag van het jaar rijdt een achttienjarige Franse pianiste met haar familie naar een hotel aan de Engelse zuidkust. s Avonds delen zij een tafel met een Hongaars gezin. Ze zit naast een jongen van elf. Hij buigt zich naar haar toe en begint iets te vertellen. Bij hem ruikt ze dat wat aan iedere geur voorafgaat. Er is nog geen keuze gemaakt voor de lucht van een roos of een dadel, van peper of banket, verbrand hout of gestreken katoen. Toch komt dat alles hiervandaan, vindt hier zijn oorsprong, zijn begin. Dat probeert ze met haar muziek te vermengen. Overal speelt ze de geur, van Kopenhagen tot Nice, van Djakarta tot Rome. Wie naar haar luistert, bezit kort wat hem eens is ontgaan. Maar elk stuk dat ze speelt is een bekentenis van het verlies. Met ieder concert geeft ze toe dat ze wat in haar muziek is opgegaan nooit echt kan bezitten.
Jaren later besluit ze de geur te gaan zoeken.
Vluchtig eigendom is een zwerftocht van een veertigjarige pianiste naar de jeugd. Muziek en erotiek raken verstrikt met de magie van de kinderwereld.
Dertig jaar al staren enkele romans van K. Schippers me aan vanuit de boekenkast. Nu toch maar een ter hand genomen. Schitterende premisse: een wereldberoemde pianiste meent het geheim van haar virtuose pianospel te kennen: telkens weer gaat ze via de muziek op zoek naar een geur, die een jongetje van 13 met zich meedroeg toen ze hem op haar twintigste ontmoette op een oudejaarsavond in een hotel in Zuid-Engeland. Twintig jaar later wil ze naar die geur op zoek. Wat een mooie queeste zou kunnen zijn, wordt totaal onbelangrijk in dit boek. Het verhaaltje wordt niet "dikker" dan ik het hierboven beschrijf. De plot doet er niet toe en dat hoeft ook niet per se, maar wat ervoor in de plaats komt, boeit me dan ook weer zeer matig. Het eindeloos ontrafelen van elke zintuiglijke gewaarwording, de kruisbestuiving tussen zintuigen, de betekenis achter de kleinste beweging, de vaagste geur, de subtielste gewaarwording: noem het taalvirtuositeit, maar het heeft net zo goed iets van worstenvullerij... Ik schoffeer hiermee een van de boeiende figuren van de na-oorlogse Nederlandse literatuur (hij is de man van schitterende Light Verse, zoals "Een koe is een merkwaardig beest wat er ook in haar geest moge zijn haar laatste woord is altijd boe…", maar in "Vluchtig Eigendom" is hij mij in elk geval totaal kwijt geraakt. Terwijl ik zo graag de startidee van deze roman zelf had bedacht: op zoek gaan naar een betoverende geur uit je jeugd. Madeleinekoekjes quoi?
Een van de hoogtepunten van de Nederlandse literatuur. Schippers speelt met taal zoals ik dat nog nooit iemand heb zien doen. Hij speelt tegelijk met tijd en plaats. “Ze zijn een Franse laagvlakte binnengereden, worden nu door velden met te veel groente begeleid.” Je moet er wel van houden en er de tijd voor nemen. Omdat wij lezers een zin lezen vanuit een bepaalde verwachting, worden we in deze roman vaak op het verkeerde been gezet. Deel twee van de zin klopt niet met wat je dacht dat er zou komen. De betekenis van de titel kan worden ontleend aan een uitspraak van Ihara Saikaku, die in de 17e eeuw schreef:’..en er wordt ons geen tijd gegund het te bezitten’. En wat is dan ‘het’? ‘Het mengt zich meestal ongezien tussen de echt belangrijke gebeurtenissen (..)’