Parijs, 1905. Een Hollandse journalist belt aan bij de weduwe Manet. Met tegenzin doet de oude dienstbode hem open. Anderhalf uur later zit madame Manet met blossen op haar wangen: ze was weer even Suzanne Leenhoff in haar vertrouwde Zaltbommel! Ze nodigt de charmante jongeman uit terug te komen. Terwijl de dienstbode het vuil van jaren van de meubels verwijdert, blaast madame Manet het stof van haar herinneringen. Alles komt weer terug: de pianolessen die ze Édouard Manet gaf en hun geheime liefde. De eerste grote wereldtentoonstelling, de kunstrellen, en de salonavonden waarop ze kunstenaars als Degas, Zola, Renoir en Monet ontving. Hoe ze model stond voor haar man Édouard Manet en bevriend raakte met de dichter Baudelaire. Wanneer de journalist informeert naar de erfenis van wijlen haar man, stokt haar woordenstroom. De dienstbode is wat loslippiger, maar krijgt daar spijt van als ze zijn ware bedoelingen begrijpt.
Dit boek vol geruchtmakende schilderijen en oude foto's is te lezen als een roman, maar biedt evengoed een sprankelend kunsthistorisch tijdsbeeld, over de Impressionisten in het culturele centrum van de wereld. Niet alleen geeft madame Manet haar herinneringen aan haar man en zijn werk als kunstenaar, ze blijkt er ook een dubieuze rol in te spelen.
Citaat : Zo'n journalist schrijft een artikel. Dat komt in een krant of een tijdschrift, dat wordt door duizenden mensen gelezen, misschien wel door tienduizenden mensen. Dan moet daar niet in staan: De veuve Manet zit te verstoffen in haar appartement in Parijs. Review : Édouard Manet (1832-1883) geldt als een van de grote vernieuwers in de schilderkunst. Hij markeert de overgang van het academisme met zijn vaste Bijbelse en mythologische thema's naar het meer persoonlijke impressionisme. Werken als 'L'Olympia' en het toendertijd controversieel bevonden 'Le déjeuner sur l'herbe' worden nu gerekend tot hoogtepunten in de kunstgeschiedenis, maar tijdens zijn leven kreeg Manet weinig waardering. Le déjeuner sur l'herbe veroorzaakte in 1865 een schandaal op een expositie van kunstenaars die niet welkom waren op de officiële Salon de Paris. Het doek toont een prostituee samen met twee artistiek geklede jongemannen.
Tijdens de Salon van 1881 kreeg Manet een medaille, de Légion d'Honneur, de erkenning die hij altijd al gewild had. In 1882 maakte hij het doek Een bar in de Folies-Bergère, dat geldt als zijn laatste meesterwerk.
Manet stierf aan de ziekte locomotorische ataxie, die het centraal zenuwstelsel aantast en verlamming veroorzaakt. De oorzaak was syfilis, mogelijk al in 1848 opgelopen. Het laatste half jaar van zijn leven had Manet bijna voortdurend pijn. Édouard Manet was getrouwd met de Nederlandse pianiste Suzanne Leenhoff uit Zaltbommel. Zij vertrok in 1847 naar Parijs om daar muziek te studeren en kwam in contact met de familie Manet. Ze trouwde in 1863 met de oudste zoon Édouard. In die tussentijd had Suzanne al een zoon gekregen, waarvan Édouard Manet vermoedelijk de vader was, al is het nooit officieel gemaakt, de jongen ging door als Suzanne’s jongere broer.
Er is veel overgebleven van Édouard Manet en Suzanne Leenhoff, en Ton van Kempen en Nicoline van de Beek hebben hier een bijzondere vorm voor gevonden; een fictief interview.
In Madame Manet krijgt Suzanne Manet in 1905 een Nederlandse journalist op bezoek die graag meer wil weten over haar leven in Parijs, de grote kunstenaars en schrijvers die ze heeft gekend en de historische gebeurtenissen waar ze getuige van is geweest.
Meneer van Mander, de journalist vraagt naar het verleden en de oude weduwe leeft weer helemaal op. Ze is gestreeld door de belangstelling van de jonge man en vertelt alles wat hij maar wil weten en vraagt zich geen moment af of de jongeman wel is wie hij zegt te zijn. Alles komt weer terug: de pianolessen die ze Édouard Manet gaf en hun geheime liefde. De eerste grote wereldtentoonstelling, de kunstrellen, en de salonavonden waarop ze kunstenaars als Degas, Zola, Renoir en Monet ontving. Hoe ze model stond voor haar man Édouard Manet en bevriend raakte met de dichter Baudelaire. Ze vertellen 17 middagen lang. Elk gesprek heeft als uitgangspunt een bepaalde straat of plaats, zoals Gare-du-Nord, Rue Saint Petersbourg, Jardin des Plantes en Rue Lafitte. Hierdoor krijgt men een aardig beeld van het Parijs van de 2e helft van de 19e eeuw. De oude meid, Marie die al van jongs af aan bij de familie in dienst was, mengt haar herinneringen zich met die van Suzanne en geeft op die manier waar nodig is de nodige bijsturing. Madame Manet is een heel erg mooi boek. Niet alleen is het verhaal bijzonder interessant, de vormgeving is ook prachtig. Het is gedrukt op mooi, dik papier en elke bladzijde is geïllustreerd met afbeeldingen van de schilderijen van Manet, foto’s van de mensen die ter sprake komen of foto’s van Parijs uit de 19e eeuw. Fijn dat hierbij niet alleen de allerbekendste werken van Manet zijn afgebeeld, maar juist ook veel minder bekende. Het werk leest als een roman, maar biedt evengoed een sprankelend kunsthistorisch tijdsbeeld.
We bevinden ons in Parijs, omstreeks 1905. Madame Manet, ook gekend als de van Nederland afkomstige pianiste Suzanne Leenhoff, is ondertussen al een tijdje weduwe en huist samen met haar oude huishoudster Marie. Het verleden was glorieus, de tegenwoordige tijd vooral eenzaam en monotoon. Maar daar komt verandering in door de bezoekjes van een Hollandse journalist. Het personage van de journalist is fictief, het interview is fictief maar al de rest is dat niet.
In een kaleidoscoop van verhalen flitsen de auteurs de lezer terug naar het Parijs van Edouard Manet en zijn tijdgenoten en familieleden (Berthe Morrisot als schoonzus van Manet, Degas als beste vriend, de vele salons….). Het is een bijzonder leuke manier om met een van de prachtigste periodes uit de kunstgeschiedenis - het impressionisme in Parijs - kennis te maken. De auteurs hebben hun huiswerk meer dan behoorlijk gemaakt en er zijn veel leuke details die het lezen meer dan de moeite waard maken. Hoe geestig is het bijvoorbeeld om te ontdekken dat er een houten olifant in de tuin van de Moulin Rouge stond, waarbij een trap in een van de poten geïnstalleerd was om zo naar een klein theaterzaaltje in de buik van de olifant te klimmen. Wie nieuwsgierig is naar hoe dat eruit zag, hoeft er geen Google bij te halen, het boek is gelardeerd met prenten en foto’s (cartes de visite - vaak uit studio Carjat of Nadar), meerdere per bladzijde - enkel slechtzienden zouden baat kunnen hebben bij een deftig vergrootglas.
De personages zelf krijgen duidelijke karaktertrekken: Madame Manet als de toch wel erg zelfbewuste weduwe en haar meid als kranige steun en getrouwe toeverlaat. Van echte vriendschap kan tussen deze twee oude besjes geen sprake zijn, daarvoor is het standenverschil te groot en staat de hoogmoed de weduwe te veel in de weg. De meid is ter goeder trouw maar kent haar plaats. De weduwe kent de waarde van elke schets en tekening van wijlen haar man en aarzelt niet om munt te slaan waar mogelijk - haar Nederlandse koopmanstalenten heeft ze nooit verleerd. Er komen een paar schrijnende getuigenissen in het boek die exemplarisch zijn voor hoe in die tijd met huispersoneel werd omgegaan.
Het moet een bijzondere tour de force geweest zijn om de vele weetjes en verhalen in 17 hoofdstukken geordend te krijgen. Naast de vele fotootjes staan er ook op elke bladzijde verschillende voetnoten die extra wetenschappelijke en historische achtergrondinformatie geven. Ik las ze wanneer het mij uitkwam om de cadans van het verhaal niet te breken.
Geen vijf sterren maar vier omdat het verhaal zelf soms wat dunnetjes aanvoelt - soms neigen de gedachtengangen van Madame of van haar meid naar drama uit een stationsromannetje - maar langs de andere kant werkte dit format of genre - hoe je het ook kan noemen - voor mij wel degelijk. Dit boek verschafte mij zoveel leesplezier en is een waar genot om in huis te hebben. Absoluut aanbevelenswaardige lectuur voor de liefhebbers van Parijs en voor de periode van de belle époque meer in het bijzonder.
Een heel compleet en boeiend boek. Geconstrueerd door middel van een zogenaamd gesprek van een journalist met de weduwe van Edouard Manet. Op basis van een uitgebreide lijst boeken, historische documenten, foto's, beschrijvingen van de schilderijen van edouard manet en tijdgenoten wordt er een levensecht beeld geschetst van Suzanne (madame) Manet en de beroemde schilder. (periode 1830-1906.) Alle beroemde tijdgenoten passeren de revue, ook de gebeurtenissen in en van Parijs worden beschreven zoals bijvoorbeeld de bouw van de Eiffeltoren. De hoofdstukken worden afgewisseld met korte fragmenten van een fictieve huishoudster die haar eigen kijk op allerlei gebeurtenissen heeft. Erg leuk boek.
Dit boek is een hele leuke manier om je kennis van de kunstgeschiedenis bij te spijkeren. Gekruid met roddels en geschiedkundige feiten komt de tijd van de impressionisten echt tot leven... Enige minpuntje, de vele voetnoten halen je soms uit je verhaal. Ik las ze uiteindelijk enkel wanneer ik iets niet volledig begreep of van iets echt het fijne wou weten.
Ik heb dit boek ingevoerd bij Goodreads en pas een week later realiseerde ik me dat ik dit in het Engels gedaan had. Ik heb geen idee hoe ik dit kan herstellen, ik mag er niet meer aan komen van de site.
Toen ik Madame Manet in de boekwinkel bekeek, dacht ik: "Ik denk niet dat ik dit boek ga lezen." Ik heb het uiteindelijk wel gekocht én gelezen, omdat ik de auteurs ken. Toch bleek mijn eerste indruk in de boekwinkel juist: wat de schrijfstijl betreft is dit niet een boek dat ik snel zou lezen. Het archaïsch taalgebruik en het in mijn ogen overbodige gebruik van grote woorden (wie zegt er nou "uitsluitend een café" wanneer hem gevraagd wordt of hij ontbeten heeft?) ging mij steeds meer ergeren.
En dat is jammer, want dit is verder een bijzonder boeiend boek dat een uitgebreid en goed onderbouwd beeld geeft van Parijs in de tijd waarin Manet leefde. In het begin wist ik niet goed hoe ik het zou lezen en probeerde ik ook alle voetnoten te lezen, die vaak net zo veel ruimte innemen als de lopende tekst. Later ging dat meer vanzelf, mogelijk vooral omdat ik er aan wende. Uit de voetnoten blijkt dat werkelijk alles dat mevrouw Manet vertelt over haar overleden man door documenten bevestigd kan worden. De hoeveelheid onderzoek die hieraan voorafgegaan moet zijn lijkt mij voldoende voor een wetenschappelijke verhandeling. Het boek wordt dan ook niet voor niets 'een museum op handtasformaat' genoemd (al is mijn handtas er niet groot genoeg voor).
In de huidige vorm is het verhaal uiteraard een stuk toegankelijker dan wanneer het een wetenschappelijke verhandeling zou zijn geweest. In de gesprekken tussen Madame Manet en de journalist Van Mander worden de feiten gepresenteerd. Het parallelle verhaal van de dienstmeid Marie voegt zowel een ander gezichtspunt als wat meer verhaal toe. Maar wat mij betreft wordt het nooit een echt verhaal in de zin van een roman. Ik zie overeenkomsten met de theatrale creaties van de schrijvers en in een theatrale setting zou ik het 'verhaal' en het taalgebruik misschien gemakkelijker geaccepteerd hebben. Echter niet als roman.
Nu is het dat natuurlijk ook niet. Het is een boek over het leven van Manet en zijn vrouw en over die periode in de kunstwereld in Parijs. En dat in de vorm van gefingeerde gesprekken die geïllustreerd worden met een enorme hoeveelheid afbeeldingen van schilderijen, schetsen, foto's, brieven en documenten. Wat dat betreft is het een geweldig boek. Ik heb ook enorm genoten van allerlei historische details. Dankzij dit boek weet ik bijvoorbeeld waarom een afvalbak in Frankrijk een [i]poubelle[/i] heet, een woord dat wij al sinds onze eerste vakantie in Frankrijk gebruiken voor de bakjes en zakjes waarin wij tijdens die vakanties ons afval verzamelden.
Ik zou willen dat ik twee keer sterren kon geven aan dit boek. De vorm zou er vijf krijgen, het verhaal twee of drie. Voor mij persoonlijk zou een goed geschreven verhaal over het leven van mevrouw Manet misschien de voorkeur hebben gehad. Aan de andere kant kan ik mij voorstellen dat de huidige vorm voor veel meer mensen de meest prettige is.