Knorrende beesten, ‘de roman van een parkeerseizoen’, is een schitterend visionair verhaal dat zich afspeelt in een badplaats, bevolkt door razende, glimmende en knorrende monsters: auto’s.
Ferdinand Bordewijk was born in Amsterdam and studied law in Leiden. After graduation he worked at a Rotterdam law firm.
His first published work was a volume of poetry titled Paddestoelen ("Mushrooms") under the pen-name Ton Ven. It was not particularly well received.
His breakthrough came with the short novels Blokken ("Blocks", 1931), Knorrende Beesten ("Growling Animals", 1933) and Bint (1934), and two longer works Rood paleis ("Red Palace", 1936) and Karakter ("Character", 1938).
His style, which is terse and symbolic, is considered magic realism. He was awarded the P.C. Hooftprijs in 1953 and the Constantijn Huygens award in 1957.
Ik kon niet zeggen dat ik het tweede deel van Bordewijks sci-fi dystopieën zo leuk vond, maar het bevatte zeker een sociaal commentaar. Het boek is zowel een kritiek op het kapitalisme als een zeer vrouwonvriendelijke uitbeelding van vrouwen, het leest vrij snel en, hoewel schijnbaar saai, omdat het over een parkeerplaats gaat, staat het vol met kleine interessante streken. Veel in deze boeken van hem is eerder beschrijvend dan verhalend, maar "Knorrende Beesten" slaagde erin iets meer actie in te pakken dan "Blokken". Ik weet niet of ik het per se zou aanraden, maar het is een zeer interessante korte novelle om te analyseren.
Na Blokken ging ik ervan uit dat ik wel wist wat knorrende beesten waren. Blokken was immers een concurrent van 1984, dus zal Knorrende Beesten dat wel zijn van Animal Farm. Zou Napoleon hier ook de hoofdrol spelen? Na de eerste hoofdstukken bleek de titel me op het verkeerde been te hebben gezet en dacht ik dat het misschien paarden waren. Gaandeweg kom je er achter dat het gaat om mechanische knorrende beesten. Zij spelen de hoofdrol in dit originele, maar zeer lastig leesbare werkje. De mensen geven het verhaal echter kleur. Het is aardig om Knorrende Beesten te lezen en het in de tijd te plaatsen vind ik. De wereld van 1933 zag ik er nu eenmaal compleet anders uit dan de wereld van nu. Strandgangers zijn en blijven echter strandgangers.
Bordewijk heeft een zeer knappe schrijfstijl; zijn beschrijvingen zijn fenomenaal en hij kiest zijn woorden zeer zorgvuldig. Helaas was dit verhaal niet echt iets voor mij.
Zoals altijd is de schrijfstijl van Bordewijk fenomenaal, hij gebruikt dure woorden om zeer specifieke beschrijvingen te kunnen doen. Het enige minpunt van dit boek is dat ik het moraal een beetje mis, het verhaal was leuk om te lezen, maar er is geen boodschap overgekomen.
Waar gaat het over? In Knorrende beesten beschrijft Bordewijk een badplaats waar auto’s — de “knorrende beesten” — tijdens het parkeerseizoen komen en waar bestuurders gaan racen. Aan het einde van het seizoen verdwijnen de auto’s weer en keert de rust terug.
Mening? Ik heb Knorrende beesten gelezen, omdat ik eerder Blokken en Bint had gelezen en dit boek bij dezelfde verhalenbundel hoort. Daarom vond ik dat ik dit verhaal ook moest lezen. Maar eerlijk gezegd vond ik het een ontzettend slecht boek. Als het niet in deze bundel had gestaan, had ik het nooit opgepakt. Het sloeg voor mijn gevoel helemaal nergens op: ik kon het niet volgen, er zat totaal geen duidelijke verhaallijn in en het was superkort, saai, ingewikkeld en vaag. Het is echt totaal niet mijn ding.
"Knorrende Beesten" is een boek dat je als lezer aan het werk zet. Voor liefhebbers van literatuur is dit boek misschien leuk of uitdagend. Voor mij persoonlijk was de overdaad aan beeldspraak echter een te grote hindernis om echt van het verhaal te kunnen genieten. Echter, ik vond mooi hoe de auto's als beesten werden omschreven.
Een erg kort boek, waarin de wereld van de knorrende beesten (auto's) wordt uitgelegd. Men dient ook rekening te houden met de tijd waarin dit boek is geschreven. In 1933 was een auto verre van vanzelfsprekend. Waarbij men nu al vrij snel door heeft dat het hier om een auto gaat, zal dat toen een stuk lastiger zijn geweest.
zo ingewikkeld en voor wat sorry hoor ik vind het taalgebruik echt wel leuk en goed gedaan maar de onleesbaarheid was voor mij toch iets te hoog gegrepen ben ik bang idk blokken had me iets anders laten verwachten en deze novella kwam daar niet geheel me overeen. niet echt mn ding
Toen ik zag dat het boek ‘Blokken’ niet op Hebban stond maar enkel in een boek dat ook ‘Bint’ en ‘Knorrende beesten’ bevat dacht ik dan luister ik ook nog wel even dit boek. Nou helaas, daar kon ik niet zoveel mee. Het was als los zand, ik kon er geen verhaal in ontdekken en ik snap derhalve ook dat scholieren die dit moeten lezen zullen denken wat een … als alle boeken zo zijn dan lees ik niets meer.
Deze novelle is nu negentig jaar geleden geschreven, maar in zekere zin is het toch modern proza. Het past binnen de stijl van de nieuwe zakelijkheid zoals de architectuur van Berlage, wars van kneuterigheid en knusheid. Knorrende beesten zijn de auto’s die in die tijd een nieuw en opkomend vervoermiddel waren. Het verhaal of liever de impressies spelen zich af in een zomerseizoen in een badplaats, waar een pier aanwezig is. Ik denk dan aan Scheveningen, een voor de Hagenaar Bordewijk bekende locatie. Het verhaal kenmerkt zich door fantastisch taalgebruik, dat associatief werkt, maar geen chronologisch overzichtelijk verhaal oplevert. Bordewijk hield van schilderachtige taal. De auto’s zijn de nieuwe dieren in het industriële tijdperk, waarbij de paarden minder belangrijk zijn geworden. De nieuwe tijd, net wat u zegt, om Wim Sonneveld te citeren in het lied over een Brabants dorp. Van dat soort nostalgie moest Bordewijk niet zo veel hebben.
I am not a great fan of Bordewijk (although I am going to read 'Bint' for a third time this year). In comparison with 'Bint' and 'Blokken' I personally think that this one scores lowest. Even though it is a very short I novel I could not stand it. Perhaps in I will read it again in a few years (I read it when I was 17) and find it a hundred times better than I did almost four years ago.