Jan Hendrik Wolkers was a Dutch author, sculptor and painter.
Wolkers is considered one of the "Great Four" writers of post-World War II Dutch literature, along with Willem Frederik Hermans, Harry Mulisch and Gerard Reve (the latter authors are also known as the "Great Three"). He became noted in the 1960s mainly for his strikingly direct descriptions of sex.
His 1969 novel Turks Fruit was translated into ten different languages and published in English as Turkish Delight. It was also made into a highly successful movie, the Paul Verhoeven-directed Turks Fruit (1972) which was nominated for an Academy Award for Best Foreign Language Film and in 1999 won the award for Best Dutch Film of the Century.
From 1980 until his death, Wolkers resided on the Dutch island of Texel. He died on October 19, 2007, age 81, at his Texel home and was cremated in Amsterdam at De Nieuwe Ooster cemetery.
A number of his outdoor sculptures in the Netherlands have been subject to vandalism, presumably due to his use of glass as a construction material. Some examples are the Auschwitz-monument in Amsterdam and the monument on the dike at Ceres on Texel. In reaction to the destruction of the monument in 2003, Wolkers announced that he would use less glass and more steel for such monuments in future. The Jac. P. Thijsse monument in the water at Elemert on Texel does contain more steel, but glass is still a substantial part of the artwork.
Wolkers refused to accept several literary awards. In 1982 he refused the Constantijn Huygensprijs, and in 1989 he refused the P.C. Hooftprijs.
Not as good as some other books by Wolkers. Good enough though. The short chapters give it a slightly fragmented feel to the whole, which was difficult to get into at first. Story develops well from German occupation Holland to Dutch occupation of Indonesia. Of course the love-story had to end dramatically.
Griffioen de hoofdpersoon en zijn grote liefde voor Lien,zijn verweven als zinnelijke draad in deze roman. Schilder,soldaat,minnaar ,vriend, Leiden met zijn kunstacademie,en koloniaal Nederlands Indië,worden neergezet in gulzige,aardse zintuigelijke taal,à la Jan Cremers,humor zonder schaamte. Dood en eros,dansen samen, in een tijd van tweede wereldoorlog en het kolonialisme. De mensen in deze roman houden je in hun ban, zoals de excentrieke oom,die het alledaagse met peper en Indische kruiden en verhalen boeiender maken,voor de jonge Griffioen. Nederlandse landschappen en exotisch uitbundige natuur van Nederlands Indië, elk met zijn mensen,families en drama's. Het koloniale verleden,wat hij onverbloemd als roof neerschrijft,met boten over zee en strijd. En als ijkpunt "Lien",die hij ten alle prijs na reist. Zelf kan ik deze roman goed smaken,aanrader wie boeken van Jan Wolkers wil ontdekken. Destijds nog aangeschaft in Leiden,naar aanleiding van tentoonstelling van wijlen Jan Wolkers.
In zijn druistige stijl beschrijft Wolkers de lust van Griffioen voor Lien en alles wat met haar verbonden is. Tegen de achtergrond van de Duitse bezetting en de hongerwinter enerzijds en de volstrekt zinloze aanwezigheid van een Nederlands Leger in Indië anderzijds. Waarbij in de zijlijn de gewone bevolking altijd de gebeten hond is. Hoewel het boek, mede door korte hoofdstukken de lezer wel vasthoudt, had een iets strakkere redactie in het eerste deel het verhaal sterker gemaakt en het waarom van Griffioens handelen beter in de politieke en culturele context geplaatst.
Een mooi boek, maar voorlopig heb ik genoeg Wolkers gehad. Zijn terugkerende thematiek is interessant, maar verwarrend. Ik weet niet veel over wat er in Indonesië is gebeurd na de oorlog, dus dit was een leerzaam boek.
De hoofdpersonage komt met Nederlands-Indië in aanraking via zijn oom, die daar veel is geweest. Hij is ondergedoken tijdens de Tweede Wereldoorlog en schildert, Lien voornamelijk. Lien is zijn vriendin, maar ze worden gesnapt door haar vader en ze zien elkaar niet meer. Na de oorlog vertrekt de ik-persoon naar Indië als soldaat (vrijwilliger). Lien is daar ook en er ontstaat weder een romance. Lien is echter samen met een andere (hogereranks) soldaat. Deze man ontdekt dit en schiet Lien neer. Vervolgens dood de hoofdpersonage Liens moordenaar.
This entire review has been hidden because of spoilers.
Bij herlezing vind ik dit toch een wat mindere Wolkers. Zou - als het mogelijk was - bij 3,5 ster uitkomen.
De Walgvogel is aan de ene kant - vooral in het begin - een recycling van situaties die we uit eerder werk kennen. Alleen dan vanuit een nét iets ander perspectief. Tweede Wereldoorlog, onderduiken, schildersatelier, het thuismilieu komen weer kort aan bod. Oom Louis uit Serpentina's Petticoat keert terug als oom Hendrik, die de hoofdpersoon uit dit boek liefde voor de kolonie Indië bijbrengt.
Deze hoofdpersoon - Bob Griffioen - sluit zich op het laatste moment tóch aan bij de politionele acties in Indië, omdat hij erachter komt dat zijn jeugdliefde Lien daar ook zal zijn. Daar zal de oude liefde inderdaad weer opvlammen, maar het loopt slecht af.
De Walgvogel was voor Jan Wolkers overduidelijk een manier om zijn mening over de Nederlandse politiek in de kolonie te geven. Al in het eerste hoofdstuk wordt duidelijk hoe hij daarover dacht. En in het echte leven heeft Wolkers ook menigmaal deelgenomen aan acties tegen de wandaden die door Nederland in de Oost zijn begaan. Maar het boek wordt nergens een pamflet en dat heeft de schrijver knap gedaan.
Of het verhaal je verder aanspreekt is een kwestie van smaak natuurlijk. Mij was het allemaal net iets te anekdotisch en te oppervlakkig. En met een nogal melodramatisch einde dat uit een Bouqet-reeks afkomstig zou kunnen zijn.
Maar wat me ditmaal het meest ging storen waren de vele kromme, Tantje Betje-achtige zinnen waar De Walgvogel mee volstaat. Jan Wolkers was kennelijk op dit moment in zijn carrière een dermate commercieel interessant auteur dat de uitgeverij het niet waagde ook maar een letter aan het manuscript ter discussie te stellen.
Wolkers werkt in 'De Walgvogel' de hem zo typerende tragiek het mooist uit.
Al zal de Oosterse sfeer in de laatste hoofdstukken en het opduiken van het gedachtegoed van Lao Tse in het bijzonder mijn faveur ook wel hebben versterkt.