De eerste gedichtenbundel van Tjitske Jansen Het moest maar eens gaan sneeuwen (2003) is met ruim tienduizend exemplaren het best verkochte poëziedebuut van Nederland sinds Neeltje Maria Mins Voor wie ik liefheb wil ik heten (1966). Jansen las voor van Terschelling tot Kaapstad, en staat bekend om haar adembenemende optredens.
Vorig jaar liet ze op de Vlaamse radio nieuw werk horen. 'Ze trekt je mee, prikkelt je verbeelding, eist je aandacht, laat je achter met het gevoel: nee, dit kan nog niet gedaan zijn, zeg me dat het niet waar is, is dit nu al gedaan, ik eis méér!' schreef een bewonderaar op zijn weblog nadat hij de opnames had bijgewoond. Omdat de dichteres zelf ook vond dat dit uit fragmenten opgebouwde gedicht om meer vroeg, werkte ze eraan verder. In liefdevolle observaties laat ze het verleden botsen op het heden, schakelt ze moeiteloos tussen anti-aanbakpan en God, en mixt ze documentairestijl met sprookjesfiguren. Ze toont de condition humaine aan de hand van haar persoonlijke geschiedenis.
Koerikoeloem is een zinderende compositie. Het is een mozaïek vol herinneringen. Een mozaïek van verbeelding. Eigenzinnig nieuw werk van een van de meest populaire dichteressen van dit moment.
'Er was een helderziende vrouw die me aanraadde een anti-aanbakpan te kopen. Dat zou me veel tijd besparen.'
'Er was iemand ontzettend op me aan het schelden. Ik moest huilen, niet vanwege dat schelden maar omdat ik voor het eerst van mijn leven begreep dat als iemand kwaad op je is, dit niet betekent dat je dan weg moet.'
'Er was mos. Het levende bewijs dat je kunt groeien zonder wortels.'
'Er was iemand met ogen in de kleur van chocolade. Puur.'
Want het leven is geen cyclus en geen doorgetrokken lijn, het is een reeks punten waarop je je plotseling bewust bent: dit ben ik, hier ben ik, dit is het. Alles ertussen in is een koortsdroom waarvan je je de wazige flarden herinnert, zijn de kleuren die je ziet dansen in witregels.
4.2* - Er was die tweede bundel van Tjitske Jansen en een jongen die er maar niet toe kwam deze bundel te lezen. Die jongen heeft daardoor opnieuw een stuk van zijn leven verspild. / De vorm is wat wennen (eerder prozagedichten), maar de inhoud doet wat goede poëzie altijd doet: die bepaalde toestand, die bepaalde gevoelens... zo onder woorden brengen dat alles, heel kort, even duidelijker of ... wordt. Aanrader!
Een mooi boekje waarin je ziet hoe het is om mens te zijn. Je voelt je weer gewoon mens. Niet uniek, belast, speciaal of bezwaard, maar gewoon mens. Een gevoel wat het leven lichter maakt en waardoor ik me meer betrokken voel tot de mensheid als soort.
Er was de dag dat ik Koerikoeloem van Tjitske Jansen las en dacht: 'Als ik in deze stijl gebeurtenissen beschrijf, kan ik eindelijk weer een dagboek bijhouden zonder mijn eigen schrijfsels lelijk te vinden.'
Er was de dag dat ik weer aanving met een dagboek bij te houden. Het was een nacht.
Mooi, grappig en pijnlijk: hoe bepaalde gebeurtenissen iemand kan vormen en voor (on)bewuste keuzes kan zorgen. De pijn die je ervan kan ervaren, en de verrijking die het kan geven wanneer je het hebt verwerkt en ervan hebt geleerd. Optimisme in het leven.
Ik had nog geen ervaring met dit soort boekjes, maar dit is denk ik een hele mooie opening. Ik begrijp nog niet alles, maar veel vind ik erg mooi.
Aangezien het toch amper tijd kost om eens te lezen, is er geen reden het niet te doen. Wellicht dat ik het nog een tweede keer lees.
Ergens voelt dit boek een beetje als een Redditpagina waar mensen hun meest vage en awkward momenten uit hun leven delen. De enorme willekeurigheid van de scènes versterkt dit. Tegelijkertijd laat het juist zien wat de schrijfster juist beoogt- de ontregeling en ontworteling die ontstaat door het trieste gebeuren dat Jeugdzorg heet.
Echter, niet alles is verloren. Per slot van rekening bewijst het mos dat groei ook mogelijk is zonder wortels.
"Ik kneep harder met mijn ogen en handen en zag nog steeds niks. Ja, ik zag wel iets, een soort vlekken en zwart. Misschien was dat God. Misschien herkende ik hem niet omdat ik niet wist hoe hij eruitzag."
De eerste paar bladzijden was ik nog niet wild enthousiast, de laatste paar moest ik af en toe even stoppen om adem te halen.
Kostte me even om overtuigd te worden dat dit meer is dan een verzameling lollige prozagedichtjes die allemaal beginnen met de woorden ‘Er was’ of ‘Er waren’, maar naarmate Jansen meer ging praten over religie, liefde en haar jeugd in pleeggezinnen slaagde dit er toch in om een emotionele snaar te raken – zelfs in dat gedicht waarin ze in bad poept.
zo mooi!!!! dankje Tjitske dat je mij dit boekje opstuurde en daardoor een kijkje in je leven kreeg. Hoe jij dingen bewaard en in woorden vastlegt, dat zou ik ook wel willen doen.
Ik wist eerst niet zo goed wat ik van de stijlvorm vond dat alles begon met "er was" of iets dergelijks. Het voelde eerst een beetje makkelijk of goedkoop, maar kon het uiteindelijk wel waarderen. Door die stijl las het bijna als sprookje of dagboek. Voelt meer als proza dan poëzie. Raakt mooie onderwerpen aan over jeugd, opgroeien in pleeggezinnen, (hint naar misbruik?,) relaties en geloof.
Blz 27 was een van mijn favorieten, over bochtjes leren fietsen in het bos.
En: "Er was iemand met wie ik na een avond uitgaan en een paar uur in de nachttrein, hand in hand naar onze fietsen liep. ik had de gedachte dat ik wel voor altijd zo zou willen lopen en hij zei een paar seconden nadat ik dit dacht: 'Nu zou ik het niet erg vinden om dood te gaan.'" (x)
"Er was een dominee aan wie ik schreef: ik heb het gevoel dat ik God helemaal niet nodig heb.' En die terugschreef: 'God wíl helemaal niet nodig zijn.' " (Blz. 30)
Proza, poëzie, los zand - whatever; Tjitske Jansen lijkt niet te forceren, niet moeilijk te doen - of soms juist even wel - om te zeggen: kijk dit was er, en dit ook, het is er (nog) allemaal tegelijk. Zo poëtisch mooi en pijnlijk, gewoon door er te zijn en in eenvoud bewaard.
"Er was mijn eerste geliefde die zes jaar nadat hij het uit had gemaakt bij mij op bezoek kwam. Op een bank in het park zat ik naast hem en keek naar zijn oren. Ik dacht: o ja, zo waren zijn oren."
Echt geniaal. Of:
"Er was de tante die bij me in bed kwam liggen. 'Wie is jouw lievelingstante?' vroeg ze. Zonder aarzelen antwoordde ik: 'Tante Coby.' 'En daarna?' Ik noemde nog een tante die ik lief vond. 'En als derde?' Pas toen realiseerde ik me dat zij natuurlijk ook een tante van me was."
Normaal ben ik nooit zo van de poëzie, maar dit was zo heerlijk niet-pretentieus en mooi in elkaar gevlochten, hier moet je wel van houden! Alle gedichten beginnen met de sprookjesvorm ("Er was eens...") en variëren van de kleine ergernissen in het leven tot de heftigere gebeurtenissen die mevrouw Jansen heeft meegemaakt. Geschreven met veel spot en droge humor.
Enchantingly beautiful telling of an innocent childhood, disillusionment with the hollowness of religion and a semi-problematic youth. It captures a life in memories.
The single drawback is that Tjitske Jansen writes so little but on the other hand her books stand up to rereading fantastically.
Ik begrijp dat dit boek onder poëzie wordt geschaard, maar zowel qua vorm als qua inhoud zit het heel dicht tegen proza aan. Misschien is dit wel een goed begin voor wie nog niet zo goed aan poëzie durft te beginnen.
De observaties in Koerikoeloem laten zich kenmerken door eenvoudigheid, maar ook door een kinderlijke eerlijkheid en naïviteit. Ik heb genoten van dit klein bundeltje waarnemingen.