Chris Seutorius heeft zich teruggetrokken in de Belgische Ardennen. Hij is van plan om een monografie te schrijven over de Italiaanse filosoof Pico della Mirandola. Zijn werkzaamheden vorderen maar traag. Chris verdoet zijn tijd voornamelijk met terugblikken op zijn leven en de verbouwing van de oude pastorie die hij betrokken heeft. Ook het dorpsleven eist zijn tol.
In het omzien naar het verleden concentreert hij zich op de momenten waarop hij meende in te zien hoe een mens kan ontsnappen aan zowel het leven als de dood. Deze momenten komen naar voren in een bontgekleurd relaas van liefde en dood, van vriendschap en verlies, van vrolijkheid en eenzaamheid, van schoonheid en lelijkheid. Het wordt steeds duidelijker dat Seutorius van plan is om zijn volmaakte ontsnapping te realiseren.
Wie denkt dat schraalheid heerst in de Nederlandse letteren kan bij Hemker opgelucht ademhalen. Geen amechtig gehaast: Hoogmoed toont een schrijver die zijn taal tot in de finesses beheerst en die als geen ander een verhaal uit de doeken kan doen.
Richard Hemker (1967) studeerde Italiaanse letterkunde en debuteerde in 2009 met de verhalenbundel Scherzo. Aan Hoogmoed is zes jaar zorgvuldig gewerkt, zoals Hemker zorgvuldig lijkt te werken aan de totstandkoming van een klein maar krachtig en oorspronkelijk oeuvre.
Genoten van de weelderige taal en woordenschat, hoewel ik veel woorden moest opzoeken. Of weet jij wat daimon, epistemologie, theosofisch, exercitie, cartoleria, aviditeit, antroposofisch, statuur en demiurg betekenen? Afwisselend gestructureerd verhaal over zijn leven in de Ardennen nu, en het verhaal van zijn jeugd. Vrienden, vriendinnen en ouders passeren de revue, de beschrijving van zijn moeder is tenenkrullend goed. Het blijft wel allemaal vrij hermetisch, en hoe verder je komt, hoe hermetischer het wordt. Maar zoals ik al zei: de rijke taal maakt veel goed. Lang geleden dat ik nog zo van ellen-, soms zelfs paginalange zinnen genoten heb. Je merkt dat de schrijver een klassieke opleiding heeft gehad, maar hij springt heel origineel om met die kennis. De hervertellingen van de klassieke mythen hebben me echt bekoord. Groot beeldend schrijftalent. Maakt toch wel wat gevoelens van jaloezie bij me wakker.
Het is geen toeval dat de bibliofiele editie van Richard Hemkers ‘Hoogmoed’ (gedrukt op vijfentwintig exemplaren “en door de auteur genummerd en gesigneerd”) onder een andere titel verscheen: ‘Daimon’. Een titel die veel beter de lading dekt, want die daimon duikt om de zoveel hoofdstukken op (en is zowat de rode draad in het verhaal), terwijl het woord hoogmoed exact één keer vermeld wordt. Maar zelfs de moedige en eigenzinnige uitgeverij Van Oorschot heeft het niet aangedurfd een roman op de markt te brengen met zo’n cryptische (lees: anti-commerciële) titel. En dus is het Hoogmoed geworden – een begrijpelijke en wijze beslissing, want het zou jammer geweest zijn als deze uitmuntende roman zijn weg naar een breed lezerspubliek niet had gevonden.
De verhaallijn is simpel (de jury van de Fintro Literatuurprijs spreekt van een “uitgebeend plot”): hoofdfiguur Chris Seutorius, een dertigjarige Nederlander, neemt zijn intrek in een leegstaande pastorie in de Belgische Ardennen. Zijn bedoeling is in alle rust te werken aan een biografie van de Italiaanse filosoof Pico della Mirandola. Veel haast heeft hij niet, want geholpen door een speling van het lot (en voorzien van de nodige financiële middelen), koopt hij de pastorie en vat de verbouwing ervan aan. En hij reflecteert: over zijn schooljaren, de gesmede vriendschappen, de “onmogelijke” verliefdheden, over zijn getroebleerde relatie met zijn ouders,… Verleden (de jeugdherinneringen) en heden (de verbouwingsperikelen, de contacten met de dorpsbewoners) wisselen elkaar af in korte hoofdstukken. Raakpunt tussen beide (de gulden snede?) vindt hij in zijn studie van Pico.
Is de verhaallijn simpel, het boek is het beslist niet. Noem ‘Hoogmoed’ gerust een moeilijk boek. Inhoudelijk moeilijk, vanwege de elementen uit de filosofie, mythologie, theologie, etc. die erin verwerkt zijn. Stilistisch moeilijk, vanwege het bewust archaïsch taalgebruik (“metterwoon”, “genadiglijk”, “mijns ondanks”,…) en de soms ellenlange zinnen, de ongebruikelijke zinsstructuur, het karig gebruik van interpunctie. Het resultaat? Alinea’s en halve pagina’s moeten herlezen worden om de betekenis te doorgronden – in dat verband een grappig detail: Hemker laat ook zijn protagonist Seutorius sakkeren bij “het kraken van de puzzel van een monstrueuze zin” van zijn studieobject Pico…
Veel reflectie dus, en nauwelijks actie, en wat die fameuze daimon (δαίμων) dan wel is wordt niet duidelijk gedefinieerd. In ieder geval is het niet “de daemon van het middaguur” waarover Marnix Gijsen het had in zijn ‘Klaaglied om Agnes’. Dat het in de Griekse mythologie een wezen is “met zowel goddelijke als menselijke eigenschappen” helpt ons ook niet echt verder. Hemkers daimon is vooral een vaag gevoel, een onbestemd verlangen, heimwee naar wat onherroepelijk voorbij is:
“[…] en ik stond daar, achttien jaar was ik, en het oordeel was geveld, niets groots zou ik in mijn leven teweegbrengen, en alles van belang lag al achter mij. Gek, niet? Dat stond voor mij toen en daar vast en ik heb ernaar geleefd.”
Dat klinkt zwaar op de hand (en dat is het ook wel). Maar de bravoure en de stilistische verfijning waarmee deze roman geschreven is, maken ‘Hoogmoed’ tot een wel heel bijzondere leeservaring. Richard Hemker is erudiet en geestig, denkt en formuleert uiterst zorgvuldig. Zes jaar zou hij gewerkt hebben aan ‘Hoogmoed’, en dat is er aan te merken. Het resultaat is een caleidoscopisch verhaal waarvan de fragmenten uiteindelijk naadloos (of net niet) in elkaar worden gepast. Toegegeven, Hemker vraagt wel een inspanning van zijn lezers, en het is beslist even wennen aan zijn stijl. Maar de tempowisselingen houden de vaart erin, en wie volhoudt wordt ruimschoots beloond. Zeer benieuwd naar méér van Hemker!
Een tragisch verhaal eigenlijk, Chris Seutorius verschanst zichzelf achter een intellectueel masker vol grote namen, filosofische bespiegelingen, verweesde hartstocht en ultieme eenzaamheid en zelfbedrog. Zwaar op de hand, niet zomaar te lezen, lange, lange, lange zinnen waarbij de draad soms verloren gaat. Soms prachtige passages en schetsen maar de essentie gaat als het ware verloren in de overdaad en dat maakt het wat jammer. Ik had eigenlijk beter verwacht.
Citaat: "''Uiteindelijk sterf je eenzaam." Spreekt mijn moeder ongemeen fel. Als ik haar beoordeel op haar intenties moet deze hysterie mij vertederen. Ze heeft het goed met mij voor. 'Mijn ambitie is juist om niet te sterven. Maar dat kan alleen als ik erin slaag de manier te vinden om niet te hebben geleefd.'"
Chris Seutorius verblijft vijftien weken in de Belgische Ardennen. Het bevalt hem. Wanneer de eigendom van de oude pastorie die hij betrekt iets duidelijker wordt, besluit hij het pand te kopen. Zijn ouders vinden het maar niets, dit vertoon, maar hij werkt traag verder aan zijn biografie over Pico, een Italiaanse filosoof, terwijl enkele dorpslui zijn pastorie opknappen. Evenmin kan hij het niet laten te mijmeren over zijn jeugd, zijn mooie, maar uiteenbrokkelende jeugd.
In mei of juni 2016 was ik er al eens aan begonnen, maar na 80 pagina's strandde ik. Hoewel ik de kwaliteit voelde, overhaalde iets mij niet om verder te lezen. Vandaag deed ik dat wel en las het in één ruk uit. Ik moet dus met enige vertraging melden hoe fantastisch Hoogmoed van Hemker is.
Het is een trage, filosofische roman. Ik kan mij vinden met het hoofdpersonage en het karakter ervan is heel goed uitgewerkt. geleidelijk aan werkt de inhoud zich op tot een plot met wat verrassingen en kunnen we met het hoofdpersonage zijn mentale toestand meevoelen. Ik heb ervan genoten om de korte hoofdstukken op een rustig tempo te lezen, te laten bezinken en niet proberen te snel er doorheen te gaan. Even nadenken bij elk hoofdstuk maakt dat de inhoud meer aandacht krijgt en beter begrepen en geplaats kan worden.
Richard Hemker zal wellicht bij veel Vlamingen geen belletje doen rinkelen. Hemker (1967) studeerde Italiaanse letterkunde en debuteerde in 2009 met de verhalenbundel "Scherzo". Aan zijn romandebuut "Hoogmoed" heeft hij zes jaar gewerkt. In "Hoogmoed" vertelt Hemker het verhaal van de 30-jarige Chris Seutorius die een oude pastorie koopt in de Belgische Ardennen. Daar wil hij werken aan een monografie over de 15de eeuwse Italiaanse filosoof Pico della Mirandola. Maar van dat werk komt weinig terecht. Seutorius verliest zich vanuit zijn "luie zetel met zicht op het verleden" voortdurend in gedachten en herinneringen aan zijn eindexamenjaar en de ontmanteling van zijn vriendengroep 13 jaar voordien. Die keuze voor de voortdurende blik in de achteruitkijkspiegel is geen toeval want, zo staat er meermaals, "de toekomst staat vast, het verleden verandert". En dat veranderlijke verleden wordt door Hemker doorspekt met eigenzinnige verwijzingen naar de mythologie, het bovennatuurlijke, de filosofie en de kunst. Zo zijn er de variaties op mythologische verhalen of het grappige verhaal over de goddelijke schepping als een 'ongelukje' of misverstand. En er is het weerkerende beeld van de tuffatore, een 2.500 jaar oude fresco op een graftombe in Paestum. Dat beeld, dat verwerkt is op de cover van het boek, toont een duikende jongeman. Het is een beeld dat zich moeilijk laat ontraadselen en in het verhaal onder meer verweven wordt met dat van de hoogmoedige Icarus. Ergens wordt ook gezegd dat de jongeman in de fresco "de eeuwigheid tegemoet springt" en dat het gaat om "een sprong in het ongewisse". Maar met die verklaring verdwijnt meteen ook "de betovering" van het beeld. Dat lijkt ook van toepassing op verschillende verwijzingen van Hemker. Niet alles behoeft een verklaring of uitleg. Laat sommige zaken maar ontsnappen aan het streven van de taal om alles te willen vatten. Hemker kiest vormelijk voor korte hoofdstukken waarin heden en verleden elkaar voortdurend afwisselen. Maar minder dan door de structuur of het plot springt het verhaal in het oog door de hoogdravende, rijk versierde stijl van Hemker. En, zoals De Standaard der Letteren schreef, vallen er "veel mooie zinnen en beelden te rapen". Een voorbeeld: "Zie de mens die trekt en duwt, knijpt, kneedt en wringt aan een reeks toevallige gebeurtenissen om het geheel maar de indruk te geven van een onvermijdelijke lotsbestemming". Maar af en toe gaat Hemker ook in een soort Rik Torfs-modus, bijvoorbeeld met zinnen als: "Mijn ambitie is juist om niet te sterven. Maar dat kan alleen als ik erin slaag de manier te vinden om niet te hebben geleefd." En af en toe maakt Hemker het met zijn stilistisch vuurwerk wel heel bont met eindeloze zinnen als: "Hoe verleidelijk is het om in de tic die zijn zware onderkaak met een ruk naar links beweegt het teken waar te nemen van de verraderlijke dienaar die zich zesenhalf jaar later ontpoppen zal, op een natte novermberdag in de weer met flesjes van roestgroen gekleurd glas bevattende een licht naar knoflook ruikend amenietsubstraat, gestampt arseen en versneden vingerhoedskruid, een en ander gemengd door een beker wijn en naar de eerste etage van villa Belcanto gebracht waar Christoforo's meester Pico, die op deze kille dag met een onschuldig griepje het bed gehouden heeft, de beker aan zijn lippen zet en na een worsteling vol onbeschrijflijke hallucinaties met al zijn projecties in het oneindige verdwijnt".
De protagonist in dit verhaal is Chris Seutorius. De Nederlandse Seutorius kan zich als 30-jarige dankzij een gelukkig lot terugtrekken in een pastorij in een Ardens dorp om de levensloop van een Italiaanse renaissance-denker, de genaamde Pico della Mirandola (1463-1494), te bestuderen en te beschrijven in een monografie.
Hij houdt zich echter vooral bezig met het verbouwen van zijn pastorij en het reflecteren over zijn eigen jeugd, zijn ouders, en de enkele vrienden die hij toen had. Al van in zijn jeugd heeft hij een filosofische en een in zichzelf terugtrekkende aard waardoor hij er niet echt een vrolijke hans op wordt, maar wel optrekt met die klasgenoten die een zelfde soort interesse hebben in oud Griekse en Romeinse/Italiaanse cultuur en filosofie. Zijn vriend Panos is van Macedonische afkomst en Dimitri oogst bijval met de bewerking op de speelplaats van mythen van oude Griekse en Romeinse goden. Ook 2 meisjes die hem het dichtst bij komen, maken deel uit van dit groepje vrienden gedurende hun gezamenlijke middelbare schooltijd. Dimitri vormt voor Chris - met alle gevolgen vandien - een voorbeeld van hoe iemand zijn eigen leven naar zijn eigen wonderlijke wereldbeeld probeert vorm te geven.
Chris zoekt zelf in feite naar een uitgang uit de werkelijke wereld om een hoger doel te bereiken, en spreekt regelmatig over zijn daimon, een wezen dat in "de Griekse mythologie oorspronkelijk de aanduiding is voor een meestal goedwillend wezen dat ergens tussen goden en stervelingen in staat, een bovennatuurlijk wezen zoals een inferieure godheid." (Wikipedia) Net zoals deze term die al een zoektocht vereist, zijn er nog vele andere dergelijke referenties die heel wat lezers niet zo maar uit hun dagelijkse leven zullen kennen. Dat is de 'hoogmoed' uit de titel die Chris in zich heeft, die hem ertoe aanzet zich te onttrekken uit het aardse en een wereld in de tijd en ruimte daarrond te leren kennen.
Het thema van het boek is dus allesbehalve evident en ook de barokke taal met redelijk complexe zinnen werkt niet bepaald mee aan een goed begrip van het verhaal. Sommige lezers zullen hun hartje wel ophalen aan het semi-filosofische van het boek en de talrijke verwijzingen. Het kan echter ook te zwaar op de hand worden. De schrijver is een schoolvoorbeeld van een erudiete taalkunstenaar. Het verhaal wordt echter te gekunsteld en is m.i. niet toegankelijk genoeg om er je voldoende in te kunnen inleven. Hopelijk vindt dit boek toch zijn deel fans die van een dergelijk, in 6 jaar vorm gegeven, zorgvuldig ineengezet, boek weten te genieten.
Citaat : Twee weken zijn verstreken sinds ik in Vezoul ben. Gekleed in slechts een blauwgroen gestreepte badjas, bedaagd wiegend op bleke voeten, tuur ik door de deuren in de wintertuin naar buiten waar een kille herfstregen neerslaat en een pauw pikt in de restanten van een muis. Review : Richard Hemker (1967) studeerde Italiaanse letterkunde en debuteerde in 2009 met de verhalenbundel Scherzo. In de roman Hoogmoed van Richard Hemker (1967) heeft hoofdpersoon Chris Seutorius heeft zich teruggetrokken in de Ardennen in een verlaten pastorie om te werken aan een biografie van de vijftiende-eeuwse Italiaanse edelman en humanist Giovanni Pico della Mirandola, het meest bekend geworden met een oratie over de eenheid van de waarheid en van het menselijk weten. Met zijn leermeester Ermalao Barbaro voerde Mirandola een briefwisseling over de literatuur. Wat heeft voorrang: de waarheid zonder retoriek of de esthetische verwoording. Mirandola kiest voor de wijsgerige, wetenschappelijke inhoud, Barbaro voor de verzorgde vorm. Seutorius kwam toevallig terecht in het Belgische dorp dat in de buurt van Bouillon ligt. Hoogmoed bestaat uit twee verhaallijnen. De eerste speelt halverwege de jaren negentig. Seutorius haalt herinneringen op aan zijn vriendengroep, voordat het leven hen uit elkaar trok en andere kanten opstuurde. Ze zijn vroegwijze gymnasiasten. Eén van de vrienden, Dimitri, past Griekse mythen aan; de helft van de groep gelooft in ‘de daimon’, een uit de Griekse filosofie afkomstige term die een soort openbaring inhoudt waarin het goddelijke zich manifesteert. Allemaal houden ze van het voeren van hoogdravende gesprekken. De verwikkelingen rond de pastorie worden afgewisseld met stukken over de verhoudingen met de dorpsbewoners. De nieuweling tegen de rest, de zonderling in wording. Hemker weet het filosofische aspect juist in de originaliteit van zijn taal te vangen. En in de manier waarop het totaalbeeld invulling krijgt. Het werk aan de biografie vordert mondjesmaat. Chris heeft besloten dat hij de pastorie wil verwerven en verbouwen. (Een staatslot heeft hem een kleine twee miljoen euro in de schoot geworpen, een schaamtevolle verwerving, vindt hij. Niet iets waarmee je naar buiten kunt treden. Maar het geeft tijd, de illusie van vrijheid. Richard Hemker concentreert zich puur op de tekst en je merkt dat hij er zich flink voor heeft ingezet om een wezenlijke, tragische kant van het menselijke bewustzijn in een ijzersterke roman te vatten.
Een ode aan de samengestelde zin met onderschikking! Knap opgebouwd verhaal in een bezwerende taal die je met aandrang vraagt verder te lezen. Soms kon ik ' less is more' zucht niet late. De climax van het boek is paradoxaal genoeg een anti-climax die je van verre zag aankomen. De auteur goochelt met de verwachtingen van de lezer en is daarbij veeleisend. De titel lonkt naar zelfspot. Ik heb van het boek genoten.
Hoewel ik niet alle filosofische bespiegelingen over de aard van de daimon helemaal kon doorgronden, heb ik dit boek toch heel graag gelezen. Een hele fijne manier van schrijven, vond ik, balsem voor de geest. Niet hapklaar, en toch was het nooit een opgave om verder te lezen.
zwaar op de hand, vol volzinnen van 5 regels (of meer), overdaad aan beschrijvende uitweidingen (hou nochtans van mooie beschrijvingen),... Een bekroonde schrijver ... maar ligt mij absoluut niet.
Zeldzaam: een goede, intelligente, erudiete en leesbare nieuwe Nederlandse roman. Dit is er één. Waarom de tamelijk onuitstaanbare Chris Seutorius ertoe komt een pastorie in een dorpje in de Belgische Ardennen te kopen, wat dit te maken heeft met zijn tijd als scholier en zijn relatie met zijn ouders, waarom hij de Italiaanse filosoof Giovanni Pico della Mirandola bestudeert, het komt uiteindelijk allemaal samen zonder dat het raadsel volledig wordt opgelost. De dialogen zijn soms wat gekunsteld, maar het taalgebruik is rijk, de taalbeheersing voorbeeldig. Dit is kortom gewoon een heel mooi boek.
Chris Seutorius heeft zich teruggetrokken in Vezoul, een doprje de Belgische Ardennen. Hij is van plan om een monografie te schrijven over de Italiaanse filosoof Pico della Mirandola. Maar dat werk vordert niet. Seutorius blikt om de 2 hoofdstukken terug op zijn jeugdjaren met zijn 4 vrienden waaronder Flo, een meisje dat hij niet kan vergeten. Een filosofische roman waarbij Seutorius meent ontdekt te hebben hoe een mens aan de dood maar ook aan het leven kan ontsnappen. Mooi maar niet altijd makkelijk leesbaar boek omwille van de filosifische kronkels. Bij wijlen deed de sfeer van het boek me denken aan Donna Tarts jongerenclubje.
So, 'Hoogmoed'. It's a bit of a double-edged sword, really. On the one hand, I respect Hemker's stubborn intellectualism, on the other hand, I feel as if the novel is like an airplane that never really takes off succesfully.
Protagonist Chris Seutorius is a somewhat unpleasant man who decides to retreat to the Ardennes village of Vezoul, supposedly to write about the philosopher Pico della Mirandola. In reality, though, he is mostly contemplating his own past, which is filled with all kinds of semi-poetic and philosophical occurences. If you are looking for credibility, 'Hoogmoed' is not your novel, really. The dialogues often make you feel as if Hemker is force-feeding his characters their lines.
The descriptions of the sad Ardennes village are worth reading, though, and the general depression of the book settles down neatly. For every advantage, though, there seems to be a disadvantage lurking somewhere. Reflections about the 'daemon' seem too incoherent to be good reading material, and the parts about the Kwast delivery firm, which delivers letters only years after you send them, are equally flawed.
That being said, Hemker's book has a certain elegance when it is not too busy being overbearing. Good enough to give the benefit of the doubt, but certainly not suitable for those who don't fit into the niche audience of intellectual bavards Hemker is trying to serve.
Hoogmoed was een boeiende roman met veel interessante facetten. Het is erg mysterieuze en soms ietwat onbegrijpelijk, maar ik werd meteen aangetrokken door de eerste pagina’s. Het hielp natuurlijk wel dat de setting – een ongetwijfeld prachtige pastorie in een pittoresk Ardens dorpje – uitgesproken was en makkelijk voor de geest te halen waardoor je je toch eventjes in de Ardennen waande. Het belangwekkende (waar wilt Chris naar toe?) bleef doorheen heel het boek aan. De schrijver beschikt over de bijzondere gave om zeer geconcentreerd geslepen te schrijven zonder te geleerd over te komen. Ondanks die zweverige en veelomvattende volzinnen -voor mij net niet te- grijpen zowel de hoofdstukken uit Chris zijn jeugd als het heden aan.
Er werd goed nagedacht over de opstelling van de roman. Hoofdstukken uit Chris’ jeugd uit de jaren negentig met hoogdravende polylogen worden afgewisseld met voornamelijk doordeweekse pastorie-verhalen en zijn literatuurstudie voor een monografie over Giovanni Pico della Mirandola, een alibi voor zijn zelfonderzoek. Daarnaast heb je nog enkele passages met zijn ouders, waar een ongedwongen sfeertje wordt gecreëerd. Ook die titels per kapittel waren boeiend, de titel dekte letterlijk de inhoud. Die aflossing van hoofdstukken maakt duidelijk dat het niet zomaar gaat van een Chris die eventjes mijmert over de jonge Chris.
Ik ervaarde een zoektocht naar iets goddelijks. Zoiets is natuurlijk zeer moeilijk onder woorden te brengen, zeker gezien de filosofische en mythologische achtergrond in het boek. Een soort van daimon-ideaal, aangebracht door Dimitri, valt niet makkelijk te begrijpen, maar we accepteren dit als een openbaring van het goddelijke, ongeacht of we er in geloven of niet. De weinige zinsneden over een vliegende tafel gingen er voor mij net over, gezien dit voor een agnost redelijk onverklaarbaar is. Echter hoeft dit metafysische ook niet verklaard te worden. De spanning van Chris Seutorius zijn onuitgesproken zoektocht naar ‘het hogere’ zorgt voor een evenwichtige balans.
Ik oordeel dat dit zeker een goed boek is. Sommige passages over de Griekse mythologie waren voor mij –gezien mijn beperkte kennis- niet nodig. De schrijver kon ‘het hogere’ op andere manieren suggereren. Doorheen de roman voelde ik een queeste naar verklaringen van alles wat het menselijke te maken heeft, waardoor schijnbaar irrelevante hoofdstukken een diepere betekenis meekregen. Die fascinatie van zijn ontdekkingsreis naar ‘het hogere’ fascineerde op zijn beurt mezelf.
Ik heb me door dit boek moeten worstelen. Sommigen houden er misschien van, maar voor mij bevat dit verhaal te veel woorden, te veel en vooral te lange zinnen, wat resulteert in een taalgebruik dat helemaal niet natuurlijk overkomt. Een deel van mijn ergernis komt daarbij waarschijnlijk doordat ik weinig binding heb met de Griekse mythen en de middeleeuwse filosofische beschouwingen die door het verhaal verweven zijn – maar zoals die in dit boek gebracht zijn zetten ze me ook niet aan om daar meer over te weten te willen komen. Het verhaal bevat goede elementen, en is structureel best goed opgebouwd rond de zoektocht naar de vraag of het verleden vast ligt en de toekomst nog bepaald moet worden, dan wel of het verleden nu nog verandert en de toekomst al onveranderlijk vastligt. Het principe van de uitwisselbaarheid van tijd en ruimte biedt daarbij perspectieven om een goed mysterieus verhaal op te bouwen, en de metafoor van de Firma Kwast die brieven aflevert na x aantal jaren is goed gevonden, maar dit wordt volledig tenietgedaan door het overdreven taalgebruik. Het enige waarmee ik mij een beetje kon associëren en bij het lezen van kon genieten, was het verhaal rond het betrekken en aankopen van de pastorie, en de integratie van het hoofdpersonage Chris Seutorius in het Ardense dorpje.