Op een koude ochtend in 1961 beginnen twee jongens hun werkzame leven in een kantoor aan een slordige gracht in Amsterdam. Meer dan veertig jaar later moet een van beiden afscheid nemen. Terwijl alles om hem heen veranderd is, lijkt Karl Dijk al die tijd dezelfde te zijn gebleven. Maar juist dat maakt hem voor zijn collega zo raadselachtig. Wat verklaart bijvoorbeeld dat Dijk op zijn eigen afscheidsreceptie niet verschijnt? Is meegaandheid tegenover je superieuren en je collega’s beter dan het vasthouden aan principes? En wat blijft er van een leven lang toegewijde arbeid uiteindelijk over?
Dijk is een lyrische evocatie van de verloren kleine middenstand. Een verhaal over ambtenarij, kaasgeur en zeelucht. De macht van de markt en de trilling van atomen. Over de standaardkilo van platina en iridium die voor de eeuwigheid bewaard wordt in een kluis nabij Parijs. En over herinneringen die net zo vaak van vorm veranderen als de wolken boven een Noord-Hollandse polder.
Hans Maarten van den Brink (1956) is a Dutch writer and journalist who has won many literary awards with his novel Over het water (translated as On the water).
Veel gemiste kansen in dit boek: het bestaat bijna alleen uit beschrijving van gebeurtenissen achteraf in plaats van directe scènes met dialogen. De personages in dit boek krijgen geen van allen een stem: de waard, de aardappelboer, de oudjes in het kruidenierswinkeltje, Dijk zelf, ze komen niet of nauwelijks aan het woord.Een geval van tell, don’t show. En doordat er ook geen echt conflict of crisis in het verhaal zit, wordt het na verloop van tijd erg saai. De auteur drijft de vergelijkingen met de begrippen uit het ijkwezen ook te ver door. Het aardigste van het boek is dat de wereld van de jaren ‘50 en ‘60 heel goed opgeroepen wordt. Het is mij echter niet duidelijk wat de auteur met dit boek wilde: waarom moest dit verhaal verteld worden?
1 Eerst even iets zeggen over de uitgave van dit boek: de dossiermapachtige kleur van de kaft, de layout van de titel (de hoofdletters D I J K 90° gekanteld), de bordeauxrood beklede binnenkant van de kaft en tenslotte de microscoopscherpe broodletter ademen het jaren50-gevoel dat bij dit verhaal past consequent uit. Hulde daarvoor.
2 Mysterieus verhaal in verzorgde taal maar de hoofdpersonen, de 2 collega's op het ijkkantoor blijven in nevelen gehuld.
Knap geschreven roman over het ijkwezen in Nederland. Doet vaak denken aan Voskuil, maar van den Brink heeft een kloeke eigen stem. Beetje voorspelbaar en teleurstellend einde, maar voor de rest een prima read.
Voordat in 1993 De vooruitgang, het romandebuut van journalist H.M. (Hans Maarten) van den Brink, werd uitgebracht, was hij al auteur van een aantal non-fictieboeken. Hij brak echter door met Over het water (1998), waarvoor hij diverse literaire prijzen won. Hierna heeft hij, wegens gebrek aan tijd, lange tijd niet veel kunnen schrijven, maar uiteindelijk verscheen in 2016 de roman Dijk, dat letterlijk en figuurlijk over de (on)betrouwbaarheid van het geheugen gaat. Zowel dit boek als een aantal andere is in verschillende talen vertaald.
Op de eerste werkdag van januari 1961 beginnen twee jongemannen aan hun allereerste kantoorbaan bij de Rijksdienst voor het IJkwezen in Amsterdam. Ze blijven hier hun hele leven werken en na ruim veertig jaar moet Karl Dijk, een van de twee, het inmiddels geprivatiseerde bedrijf verlaten. Hij is ook degene die zich, ondanks de vele veranderingen, niet aan de vernieuwde omstandigheden heeft aangepast. Hierdoor is hij een enigszins markante en zich aan principes vasthoudende figuur geworden. Dit uit zich bijvoorbeeld doordat hij niet op zijn eigen afscheidsreceptie aanwezig is.
Het verhaal begint met de beschrijving van een repeterende droom van de onbekend blijvende verteller. De lezer wordt hierdoor enigszins nieuwsgierig gemaakt, want wie is deze Dijk, waarover gedroomd wordt. In het vervolg van de plot kom je een stuk meer over deze mysterieus blijvende man te weten, maar je kunt je – achteraf – afvragen of dit voldoende is om hem een gezicht te geven. Hij speelt op de achtergrond en naar blijkt in het leven van de verteller een belangrijke rol, maar die is en blijft nogal onderbelicht, terwijl juist die rol een erg interessante en waardevolle toevoeging op de roman had kunnen zijn. De geheimzinnigheid zorgt er echter wel weer voor dat er in een groot deel van het boek een licht spanningsveld wordt gecreëerd. Je blijft benieuwd wie de persoon Dijk is en of er niet toch nog een tipje van de sluier over hem wordt opgelicht.
Ondanks je verwacht dat Dijk de rode draad van het verhaal is, draait het voornamelijk om het ijkwezen. De auteur geeft de lezer een globale indruk van de werkzaamheden die door hen worden verricht, maar de belevenissen en ervaringen van de verteller krijgen tevens ruim aandacht. Dit levert deels interessante anekdotes op, maar eveneens veel theoretische informatie over de metrologie. Hierdoor is dit een roman met twee gezichten. Aan de ene kant is het een boeiende weergave van wat een medewerker van de dienst meemaakt, maar aan de andere kant ook een wat saai en technisch relaas over verschillende meetinstrumenten. Toch brengt Van den Brink dit alles zodanig dat je aandachtig door blijft lezen en het boek eigenlijk niet verveelt.
De schrijfwijze van de auteur is bijzonder beeldend, het is daarom absoluut niet moeilijk om je de diverse scènes levendig voor je te zien. Veel beschrijvingen van situaties zijn daarnaast realistisch, alle perikelen rond het afscheid van Dijk zijn niet ondenkbeeldig en kunnen en zullen in werkelijk vast en zeker voorkomen. Daarnaast wordt de sfeer van het begin van de jaren zestig van de vorige eeuw prima weergegeven, waarbij de auteur handig gebruikmaakt van enkele waargebeurde feiten. De troosteloosheid van sommige gebieden, de armoede van sommige mensen en de vijandigheid ten opzichte van de controleurs komen goed over. Aan het eind van de plot mag de lezer zijn verbeelding de vrije loop laten, want de receptie ter gelegenheid van het gedwongen afscheid van daarbij niet aanwezige Dijk heeft een afsluiting die niet wordt beschreven, maar waaruit wel blijkt wat er staat te gebeuren.
Als tenslotte alle plussen en minnen tegen elkaar afgewogen worden, is Dijk een aardige roman die niet voortdurend weet te boeien, maar evenmin vervelend is om te lezen.
I enjoyed listening to this book during a long walk through the Flemish countryside. The atmosphere reminds me a lot of Jeroen Brouwers' Geheime kamers: an elderly man looking back on his career, writing down memories, contemplating life, wondering what's real and what's not. I like the style of van den Brink: you can almost feel, hear, smell how life in the Netherlands in the 1960s felt like.
The end of the story was a bit disappointing for me. It didn't feel as if everything fell in place like it should have, but maybe that's just me. All in all: a great writer, love his style, but I think the story could have been a bit better.
Thoroughly enjoyed this book. Van den Brink's choice of wording not scared of using 'old fashioned' words (as if words would go out of fashion;-)) draws a great picture of 1950's office culture. He deeply grasped the difficulty of being Dijk.
„Ein Leben nach Maß“ konnte mich in all seiner Ruhe und mit elegantem Schreibstil durchaus begeistern. In der Rolle des Ich-Erzählers wird die Arbeit gleich zweier Beamter und jahrelanger Kollegen im Wandel der Zeit erzählt und was wie ein vielleicht eher langweiliger Plot klingt, wird hier nebst informativer Darstellung der Abläufe im Eichamt zu einer unheimlich sensiblen Charakterstudie. Wie gehen Menschen, die feste Pfeiler in ihren Leben brauchen, mit (drohenden) Veränderungen um? Wie das System mit denen, die sich dem Umbruch nicht anpassen oder gar unterordnen können? H.M. van den Brink ist es gelungen, mir leise Gedanken dazu einzuflüstern, demnach kann ich eine klare Leseempfehlung für diesen Roman aussprechen. Einzig für’s Ende hätte ich mir vielleicht ganz banal griffig gewünscht, mehr über den Verbleib des Karl Dijk zu erfahren.
Een man meent Karl Dijk, een oud-collega te zien, eerst op straat in de regen, later in zijn slaapkamer waarbij hij een plasje vormt op het vloerkleed. Dit draagt ertoe bij dat hij gaat nadenken over zijn eigen carrière bij het ijkwezen waar hij destijds in 1961 gelijk met Karl Dijk is begonnen. Eigenlijk gebeurt er weinig in het boek. Het wordt pas was levendig als de collega's Noord-Holland in gaan om daar weegschalen te ijken bij kruideniers, slagers, etc. Eerst met z'n tweeën, later alleen. Herinneringen aan de jaren '60 komen boven: de slagers en de kruideniers, zelfs het 'snoepje van de week'. Wel aardig als je zelf die tijd nog hebt meegemaakt. Het boek eindigt met het (vervroegde) afscheid van Karl Dijk. De directrice houdt een toespraak, geschreven door de hoofdpersoon, maar Karl Dijk is er zelf niet bij.
Bijzondere roman over twee mannen met een beroep dat langzaam uit de tijd raakt. Karl Dijk en de Ik-figuur werken vanaf 1961 tot hun pensioen bij het IJkwezen. Toch kennen ze elkaar eigenlijk niet.
Dijk blijft ook voor de lezer ongrijpbaar. Hij gaat niet met zijn tijd mee en verzet zich tegen relativeringen. Dat maakt hem in het begin sterk, maar naarmate de tijd verstrijkt zwak. De tijd is de eenheid die overwint, zou je kunnen zeggen.
Ook stilistisch een goed boek en ik hou ook wel van het open einde dat genoeg opwerpt om over na te denken. Misschien wel iets te veel aandacht voor het IJkwezen, dat zo meer nadruk krijgt dan de interessante hoofdpersonen en hun onderlinge verhouding.
Livre mis en avant dans ma bibliothèque, d'un auteur néerlandais que je ne connaissais pas et sur un thème qui m'intrigue, il n'en fallait pas plus. Comme je commence à en avoir l'habitude avec la littérature néerlandophone, ce livre est assez inhabituelle, très intimiste, et nous plonge ici dans les souvenirs d'un ancien employé des poids et mesures. Le titre original "Dijk" reflète plus précisément de quoi il est question: la relation du narrateur avec son collègue Karl Dijk, qui est entré en fonction la même année. C'est un livre sur le temps qui passe, sur la privatisation de la fonction publique aussi, sur ce qu'on laisse derrière soi. Une lecture intéressante mais pas remarquable.
Een feest van herkenning. Elke organisatie heeft wel ergens in een achterkamertje een Dijk, oftewel een fossiel van het bedrijf zitten. Iemand die er al sinds het begin der tijden zit en langzamerhand niet mer mee heeft kunnen gaan in de veranderingen van het bedrijf. Misschien was ik het zelf wel, zonder het te weten. Of misschien dat ik zelf wel in de mijmering naar het verleden kom en mijn eigen fossiel tegen kom. Los van dit verhaal was het ook interessant om te lezen over hoe het ijkwezen vroeger werkte, Kan het me nog goed voorstellen maar niet meer van deze tijd. Al met al een leuk boekje om tussendoor even mee te nemen.
Een verrassend mooi boek: 'Dijk' van H.M. van den Brink. Over een medewerker van het voormalige IJkwezen, die - door het schrijven van een afscheidsspeech voor een collega, die jaren geleden gelijk met hem begonnen was - terugblikt op de vervlogen jaren. Klinkt saai. Maar waarom verschijnt die collega niet op dat afscheids-feestje, of is hij er uiteindelijk wel, maar in een heel andere rol? Ken je mensen met wie je jaren samenwerkt wel echt? En hoe zit het met vasthouden aan vaste normen als de tijd verglijdt en andere dingen van je vraagt? En uiteindelijk: wat is de zin van het leven? Een boek vol vragen, met prachtige zinnen, in een eenvoudig jasje.
De beschrijving van het kantoorleven in de jaren zestig doet mij sterk denken aan de serie Het Bureau. Een andere overeenkomst is het reizen, vaak naar dorpen op het platteland. Ik vind het niet erg dat Dijk maar een fractie beslaat van die geweldige serie, want het boeit me een stuk minder. Ik mis het persoonlijke; het is afstandelijk. Waar ik mij herkende in de gedachten van Maarten Koning van het Bureau, kan ik me niet identificeren met de naamloze verteller van dit boek.
De gepensioneerde hoofdpersoon denkt terug aan het afscheid van zijn collega waar hij mee op het ijkkantoor heeft gewerkt. Door herinneringen aan hem en zijn werk krijgt de lezer een beeld van een wereld waar alles aan regels en wetten moet voldoen. De wereld verandert echter en de regels zijn ook minder star dan gedacht. Ook het beeld dat de hoofdpersoon van zijn collega Karl Dijk had, moet worden bijgesteld. Wat begon als een overzichtelijk relaas, eindigt in een koortsdroom waar niets meer is wat het lijkt te zijn (en zelfs dat niet).
Ik had meer spanning en actie verwacht na het lezen van de achterkant. Steeds een hoofdstukje lezen en het boek dan weer wegleggen helpt ook niet echt. De beschrijvingen van de mensen en (weinige) gebeurtenissen zijn wel erg gedetailleerd en leuk om zo een beeld te krijgen van hoe dingen er aan toe gingen in de jaren zestig. Als je het gaat lezen is het aan te raden om het in een wat vlotter tempo te lezen
Full disclosure, I happen to know the author. I consider the book to be a work of art, it bring stillness whilst having pace. It recounts of times past, but reflects on human nature which is of course timeless.
Het doet mij denken aan Het Bureau van Voskuijl. Droog maar wel mooi geschreven, vooral de beschrijving van de Noord-Hollandse dorpen die ik zo goed ken.
Weet niet zo goed wat ik ermee aan moet. Achterin staat dat het geen geschiedenis van het ijkwezen is. Maar veel meer dan dat haal ik er toch niet uit. De twee hoofdpersonen komen in elk geval niet tot leven. Karl Dijk al helemaal niet. Een ondoordringbare man. Gelijkhebber zonder gelijk, want erg alleen. Wel mooie en zorgvuldige stijl, zij het vrij onpersoonlijk.
Gekozen op de kaft, maar al snel gegrepen door de achterkant. Hoewel ik er even in moest komen, werd het beter en beter naar mate ik verder en verder verstrikt raakte. De sfeer van het boek en de boodschap vloeien op natuurlijke wijze van de pagina's en vormen een beeld dat ik graag onthou en aan terug denk.
De grauwigheid van het bestaan van de hoofdpersoon straalt van de pagina's af. Mooie vertelling over een (haast) uitgestorven vak. Het boek doet een beetje aan de cyclus Het Bureau denken, omdat het gaat over de ambtenarij in het algemeen en de vraag hoe men zich op het werk kan handhaven en de eigen waarden kan verweven in de uitoefening van zijn beroep.
Ik ben er nog niet uit of de titel een dubbele bodem (of zelfs meerdere) bevat: 'D-ijk,' 'Een vergel-ijking,' 'Een verge-lijk-ing,' 'Een ver-gelijk-ing'... Iets om over na te denken.
(Helaas...?) niet helemaal uitgelezen. Schrijfstijl wel prettig en leuke 'setting' (ijkwezen, NL vanaf de jaren '60), maar er zit weinig 'warmte' in het boek, het gaat nergens echt leven (maar ergens heb ik het idee dat dit wellicht ook de bedoeling van de schrijver is geweest..). Het is dus niet onaardig, maar ik had gewoon geen zin meer om het uit te lezen.
Mijn verwachtingen waren wat te hoog gespannen. "Over het water" heb ik als briljant ervaren, misschien omdat ik zelf ook geroeid heb. Met de hoofdpersonen van "Dijk" kan ik me minder vereenzelfigen. Het boek is prachtig geschreven met hele beeldende, mooie zinnen. En ook leerzaam!
Een fantastisch mooi boek dat je in één keer wilt uitlezen. Het boek brengt misschien vooral voor diegenen die vóór 1965/1965 geboren zijn een vloed aan herinneringen naar voren over hoe het dagelijks leven ooit was en hoe langzaam maar zeker de wereld om ons heen verandert. Een dijk van een boek.