Deze bundeling van de meedogenloze bestsellers Taal is zeg maar echt mijn ding, en En dan nog iets staat vol met even nutteloze als lachwekkende analyses van ons taalgebruik. Cornelisse schrijft niet over hoe mensen met elkaar zouden moeten praten, maar over hoe ze dat per ongeluk doen.
Paulien Cornelisse draait in deze bundeling rake observaties de academische, prescriptieve taalwetenschap de rug toe om het te hebben over dagdagelijks menselijk taalgebruik. Dat leidt tot pijnlijk herkenbare voorbeelden, geestige anekdotes en eigenzinnige analyses. Taal is zeg maar echt mijn ding leest onvoorstelbaar snel en vlot weg. Ik las het boek als een mix tussen de cursus taal- en tekststructuren uit eerste kan (waar is de tijd?) en de pseudopsychologie van pakweg Flair. Maar Cornelisse blijft boeien. Op een heel gevatte manier legt ze taalkronkels bloot en confronteert ze haar lezers met hun eigen 'taalstrijd'. Van vreemde eigennamen tot de verschillende valse manieren om 'wij'-zinnen te maken. Net als Johan Goossens in zijn Heeft er iemand wél een boek bij zich? schrijft Cornelisse als een soort comedian op een heel luchtige en makkelijk verteerbare manier over heel gewone en herkenbare situaties. Haar absurde, minimalistische tekeningen maken het geheel zelfs nog prettiger. Met momenten 'heuw errug' Nederlands, maar daarom niet minder genietbaar. Ik vergelijk het boek met toastjes. Lekker. Gezellig. Lekker gezellig. Maar je honger is er niet mee gestild.
Het hardst heb ik gelachen met deze zin: "... bijvoorbeeld door op een strand vol met Duitsers keihard te roepen: 'Mein fiets zurück!'"
Het was een leuk en vermakelijk boek voor tussendoor. Hoewel ik om meerdere dingen heb kunnen lachen was het niet uitzonderlijk. Daarbij vond ik dat er in het tweede gedeelte dingen terug kwamen die vrijwel hetzelfde waren als in het eerste deel.
Ik was eerst van plan om het boek maar twee sterren te geven maar dat zou niet eerlijk geweest zijn omdat de stukjes waarin ik mezelf wel herkende, best grappig waren. Omdat ik een belg ben, begreep ik maar ongeveer de helft van de columns. Het boek toch vooral gaat over de Nederlanse taal, gesproken in Nederland. Ik kijk ook bijna nooit naar de Nederlanse tv en ik ga ook bijna nooit naar Nederland dus dat helpt waarschijnlijk ook niet.
Highly enjoyable, accessibly written, regularly laugh-out-loud funny. Yes, it might all be a bit monotonous in its style (and the little jokes she ends many parts with can become a bit repetitive), but that's alright; it's not fiction, after all; just short reflections, never too long or tedious, and very witty. I love how Cornelisse incorporated snatches she heard on the streets, on the train, or on TV, and I like how she can give her opinion, without becoming too pedantic or narrow-minded. A nice, light read that still makes you think about how we play with and use language.
Ik heb regelmatig in een scheur gelegen om dit boek. Het was wel een beetje jammer dat ik de plaatjes en korte stukjes (van enkele regels) niet altijd begreep. Misschien ga ik dit boek herlezen als ik wat ouder ben.
Leuk! Veel goeie voorbeelden een taaldingetjes, lag soms echt in een deuk. Wel wat repetatief, vooral in deze bundel van 2 boeken heb je snel dat je vergelijkbare dingen ziet en het soms misschien een beetje veel achter elkaar is.