Op het tovenaarseiland Loh is voor het eerst sinds eeuwen iemand geboren zonder enige aanleg voor magie: een onmagiër. De knaap, Lethe, blijkt een onmisbaar talent te hebben bij het bestrijden van het gevaar dat het keizerrijk bedreigt: de kleurloze magie. Samen met een aantal reisgenoten, waaronder Matei, een van de machtigste magiërs van het keizerrijk Romander, begint Lethe een wanhopige queeste naar de oorsprong van de kleurloze magie. Terwijl Lethe probeert de Inscripties van de mysterieuze tovenaar Randoel te ontcijferen, smeden vijanden in paleis Kryst Valaere een onzalig verbond: zowel onder de solitairen als de Hoogmysters bevindt zich een verrader! De gebeurtenissen raken in een stroomversnelling als Lethe op het eiland Lan-Gyt een geheimzinnig magie ontmoet en in de mysterieuze Kloven eindelijk de ware aard van zijn magie ontdekt.
'Maryson weet op geheel eigen wijze vorm te geven aan traditionele fantasy-elementen.' Holland SF
W.J. Maryson is het pseudoniem van Wim Stolk (1950), afkomstig uit het Westlandse dorp De Lier, verscholen tussen Naaldwijk en Delft. Hij was kunstschilder, probeerde enige tijd als muzikant aan de kost te komen en is een jaar of twintig actief geweest als reclameschrijver. Hij vestigde zich daarna als voltijds schrijver-musicus gevestigd in het Zeeuwse dorpje Kats, samen met zijn vrouw, vier kinderen en een gevarieerd assortiment (pluim)vee. Op 10 maart 2011 overleed hij onverwachts door hartfalen.
Na de fikse tegenvaller die deel 1 betekende, wordt het er niet beter op. Het boek blijft vol vaagheden zitten en schijnbaar niets ter zake doende visioenen. De eigenlijke queeste neemt steeds minder plaats in en zo wordt het zelfs heel moeilijk om de plot te volgen. Telkens onnieuw schrijft de auteur dat hij nu de definitie van onmagie heeft gevonden (elfenmagie, zwarte kunst, afwezigheid van magie, het kader van alle andere magie, ...) om dan telkens te besluiten dat het dat toch echt niet is. Oervervelend en je krijgt als lezer het gevoel dat je aan het lijntje wordt gehouden omdat de uitgever recht heeft op x aantal bladzijden. Ik vestig nu mijn hoop op het derde en laatste deel maar het blijft bang afwachten.
Na het teleurstellende eerste deel van de Onmagiër serie, brengt dit tweede deel geen verbetering. De queeste speelt een minder belangrijke rol en blijft vaag, met niet ter zake doende visioenen.
Steeds weer wordt beweert dat de bron van de onmagie is gevonden, om daarna weer te zeggen dat dit toch niet het geval is. Na de zoveelste keer dat dit gebeurt begin je je als lezer toch af te vragen of je niet aan het lijntje wordt gehouden omdat de auteur nog zoveel bladzijden moet leveren aan de uitgever.
Het geheel is wat mij betreft geen aanrader, en dat is jammer want het idee van de onmagie spreekt wel aan.
"Los abismos de Lan-Gyt", sigue la línea de la anterior novela, que me gustó mucho. Aunque se agravan algunos defectos. Las transiciones entre capítulos no están demasiado bien tratadas, y la aparición del que parecía personaje central se va reduciendo cada vez más. La historia se centra en desarrollar otros aspectos mucho más lentos, como la traición de un Alto Myster o las disputas en torno al trono de Romander. Por si fuera poco, los momentos «oníricos», en los que uno de los personajes vive una experiencia mágica o paranormal, se van ampliando excesivamente, haciendo que la historia sea más lenta, flojeando allí donde la anterior brillaba.