In 1927 verrees Asterdorp, een wijk voor ‘ontoelaatbaren’, asocialen, aan de noordkant van het IJ. Om de wijk stond een muur, achter de wijk lag een ideaal: verheffing van de armste, lastigste arbeiders tot beschaafde burgers.
Kinderen groeiden er op, vrouwen bezochten het badhuis, mannen sprokkelden een inkomen bij elkaar en ouderen sleten er hun laatste jaren. Stephan Steinmetz vertelt hun geschiedenis van binnenuit, aan de hand van brieven, archiefonderzoek, verslagen van opzichteressen en gesprekken met oud-bewoners. De realiteit achter het ideaal blijkt verre van idyllisch te zijn geweest. Met het verheffingsideaal kwam stigmatisering. En de Amsterdamse politiek van die jaren was een slangenkuil met Arie Keppler en wethouders Wibaut en De Miranda als hoofdrolspelers in de opkomst en ondergang van Asterdorp. In 1955 werd de wijk stilletjes gesloopt.
In Asterdorp behoedt Steinmetz deze wrange Amsterdamse geschiedenis voor de vergetelheid. Dat is nodig, want vragen als ‘Hoe maakbaar is onze samenleving?’ en ‘Hoe ver mag de overheid het privéleven van burgers betreden?’ zijn prangender dan ooit.
Stephan Steinmetz (1956) is auteur en was journalist, bestuurder en ambtenaar. Van 1990 tot 1998 was hij voorzitter van het Amsterdamse stadsdeel Zeeburg. Van zijn hand verschenen onder andere Schiphol. Biografie van een luchthaven (2020), De wieg (2017), Asterdorp. Een Amsterdamse geschiedenis van verheffing en vernedering (2016) en De brievenbus van mevrouw De Vries (2013).
Interessant boek over een stukje geschiedenis van Amsterdam Noord. Op een integere en soms humoristische manier vertelt de schrijver over de 'ontoelaatbaren' die in het dorp verbleven. Het boek is breder dan alleen het reilen en zeilen in het dorp zelf, er wordt ook ingegaan op de veranderende maatschappelijke omstandigheden aan het begin van de 20ste eeuw waarin het dorp ontstaan is.
Mega interessant boek over de wijze waarop men sinds ca 1900 de huisvesting van ‘asocialen’ regelde, met als doel hun manieren bij te brengen en zo ‘te verheffen’. Concentreert zich vooral op Asterdorp. Woonwijk in Amsterdam Noord, dat met dit doel gebouwd is. Gaat ook in op de stigmatisering die de inwoners voelden, en de politieke verhoudingen in het Amsterdamse. In de oorlog is het Asterdorp nog een tijdje in gebruik geweest als huisvesting voor Joodse families. Blijft Schokkend om te lezen hoe in die tijd de ambtelijke molens braaf doorgingen. Ook periode net na de oorlog, waarin hele gezinnen gedeporteerd werden naar Drentse werkkampen, omdat ze te weinig geld hadden is best verbijsterend. Bijzonder om je te bedenken hoe kort geleden het nog maar is dat er beslissingen werden genomen die nu echt niet meer kunnen.
Boeiend boek over een intussen verdwenen plek in Amsterdam. Het meandert tussen ambtelijk-bestuurlijk gewoel en de praktijk die zich daar - op zn zachtst gezegd - niet helemaal naar voegt. En daarmee heeft het boek ook een meer universele betekenis. (En ja, zo ken ik Stephan, met een gezonde dosis relativering op de maakbaarheid van het sociale leven).
Heel interessante Amsterdamse geschiedenis. Ook leerzaam voor hedendaagse politici, bestuurders en iedereen werkzaam in Volkshuisvesting, sociale domein en stedelijke ontwikkeling.