Het is juni 2001. De Twin Towers staan nog trots overeind, de beursnoteringen zijn nog niet aan hun steile val begonnen en in de bioscoopzalen van West-Europa verovert Amélie Poulain de harten van een gretig publiek. Yoko Debondt, een jonge weduwe, ziet de film en besluit om Amélies voorbeeld te volgen. Ook zij zal als een goede fee andere mensen helpen. Wanneer ze op een ochtend een lifter mee naar haar huis neemt, ontdekt ze het pijnlijke verschil tussen film en werkelijkheid. Films hebben verder het grote voordeel dat ze reukloos zijn, terwijl het in haar stad om onverklaarbare redenen hard is begonnen te stinken.
De laatste keer is een roman over liefde en vriendschap, afscheid en verlies, waarin een jonge vrouw steeds nauwer betrokken raakt bij het lot van haar stad en van de man van wie ze tot haar eigen verbijstering zielsveel houdt.'
Zo enorm veel diepgang dat ik dit boek nog eens wil lezen! Er zijn veel betekenislagen en echo’s in het boek die ik zeker eens van naderbij wil bekijken.
De laatste keer, de uitdrukking die Yoko Debondt bij zich houdt om de dood van haar man te verwerken. Na het verliezen van haar man tijdens een auto-ongeval wilt Yoko - op basis van een bekende film namelijk Le fabuleus Destin d'Amélie Poulain - de goede fee spelen in de stad, ze wil Amélie als volgpersoon gebruiken. Yoko neemt een dakloze (genaamd Hichi) in huis en wil zo proberen voor hem te zorgen en een nieuw leven op te starten. Maar al gauw komt het duidelijk in het boek - dat erg vlot leest - dat dit alles behalve een makkelijke daad is. Het boek is opgedeeld in 3 delen, waarbij in elk deel een aspect als hoofdthema wordt gebruikt. Daarnaast is het boek in een erg vlotte stijl geschreven en alles wordt er open en duidelijk aangetoond.