`Ik wil een dubbele regenboog achter mijn tanden, mijn gehemelte bombarderen met een perfect afgestemd smaaktapijt, mijn slokdarm overrompelen en mijn maag in opperste staat van bevrediging brengen, voor minder doe ik het niet.' Aldus de hoofdpersoon in Troost. De wilde kookstijl van de 37-jarige topkok Art Troost wordt alom bejubeld en met Michelin-sterren geprezen. Troost beschouwt de wereld als een groothandel in ingrediënten: lopen er op straat drie vrouwen, dan ziet hij prompt een frêle wildschotel voor zich, gecombineerd met een gemarineerde spiering en een geraffineerde soep van raapjes, thee en zwemkrab. Door een eigen tv-kookshow, genaamd Sterallure, stijgt zijn roem naar ongekende hoogte. Tijdens de opnames van de zomereditie in een Frans château, met als gasten een marathonlopende filosoof en een wulpse schrijfster, begint Troosts succes echter onverwacht te kantelen. Troost is een bijtende, hoogst onderhoudende roman over gastronomie, liefde, roem & ondergang, door een der meest gelezen schrijvers van de moderne Nederlandse letteren.
Zelden heb ik een hoofdrolspeler zo hard aangemoedigd richting zijn eigen ondergang als in dit boek. Troost is tragisch. Elitair. Ontrouw. Maar ook een meesterkok; een culinair genie.
Die kleine stukjes genialiteit maken dit boek behapbaar. Zijn persoonlijkheidsstoornis waar emoties veranderen in gerechten, die zorgen dat je door blijft lezen.
De poging tot humor zit op iedere pagina. Hartelijk lachen doe je een enkele keer. Voor dit boek gebruik ik het woord wat Troost zo intens haat; lekker. Het is wel lekker. Maar niet meer dan dat.
Aardig boekje voor tussendoor. Tenzij je een culinaire liefhebber bent, stelt het allemaal niet zoveel voor. De auteur demonstreert vooral zijn kennis op het gebied van haute cuisine. Rommelig geheel, niet interessant, niet leerzaam, ongeloofwaardig, soms vulgair en toch wel onderhoudend.
Op elke pagina staat een poging tot humor. Één keer heb ik mezelf betrapt op het ontsnappen van lucht uit mijn neusgaten door die humor. Maar ach, het boek leest wel lekker weg en is niet te lang, dus vandaar toch nog die drie sterretjes.
Oja, bovendien beschreef Giphart een filosoof. Die was zo'n karikatuur van een filosoof dat het me best wel een beetje verdrietig maakte. Alsof een filosoof in elke bijzin een verwijzing maakt naar een filosofische uitspraak die je in elk introductieboekje filosofie leest. Gewoon slecht.
Iniziare l’anno in bellezza, pensando a cosa è stato lo scorso, sarebbe stato decisamente too much. E dunque delusione e avvilimento mi hanno accompagnata alla fine di questo libro che ho faticato a terminare, pieno com’è di iperboli gastronomiche e ottima scrittura a far da soppalco a una trama abbastanza inesistente.
Quella che dovrebbe essere ‘una satira corrosiva sulla televisione e il mondo degli chef’ ha senza dubbio il pregio di affascinarti con queste descrizioni stilosissime, geniali, iperboliche delle gesta del cuoco (pardon, chef) enfant prodige protagonista di serie TV che dà il nome alla storia; dall’altro, ti lascia l’amaro in bocca (e mai immagine fu più appropriata) giacché le 240 pagine s’avviticchiano intorno al nocciolo della cucina di grido ma di fatto non succede quasi niente. Zonde! (Che peccato)
Anders dan anders - en een leuk boek voor tussendoor. De centrale context van het leven van een topkok vond ik wel verfrissend en zelfs leerzaam 😊 het duurde wel een tijd voordat ik echt in het verhaal zat, maar uiteindelijk met plezier uitgelezen.
Ronald Giphart heeft ongetwijfeld veel plezier gehad bij het schrijven van dit boek. De liefde voor schrijven, liefde en culinair geweld spat van elke pagina. Een feestje om te lezen. Gelukkig maar dat schrijvers overal verstand van hebben :)
Of hoe een schrijver die ik bewonderde, met 1 boek zulke verwarring kan zaaien. Het veelvuldige misbruik van het in de volksmond veelvuldig misbruikte “autistische kantje” was noch grappig, noch gepast in de context en de latere, betere pagina’s konden dit gevoel bij mij niet wegnemen.
Toen ik dit ooit voor letterkunde las maakte het meer indruk dan nu. Prima boek voor tussendoor, maar de auteur lijkt een beetje te geforceerd z’n kennis over haute cuisine te willen delen. Art Troost lijkt me geïnspireerd op Marco Pierre White, daar scoor je bonuspunten mee.
Troost is voor mij op Gala na het minste leuke Giphart boek. Hij heeft zich duidelijk in het koken en de keuken verdiept, maar het wordt nergens zo grappig als voorgaand werk en raakt niet zo als ik omhels je met duizend armen. Dit lijkt op een poging in een ander genre te schrijven, die ik, al is hij zeker niet slecht, niet helemaal gelukt acht. Maar dat vind niet iedereen:[return][return]NBD|Biblion: [return]Wat ging er mis met de succesvolle t.v.-kok Art Troost? Hij zit doodziek en heel misselijk op de wc op het Normandische kasteel: de locatie waar zijn televisieshow "Sterallure" wordt opgenomen. Die beroerde situatie is tevens de metafoor voor alles wat mis is en nog verder mis zal gaan. In deze roman waarin de hoofdstukken de titels dragen van oersmaken als bitter, zout, zoet, zeep, zuur en bloed, komen bij Troost in flashbacks allerlei zaken uit het verleden terug. De verhouding met zijn vader, ook een sterkok, zijn ex-vriendin Andrea, mensen van de t.v. ploeg enz. De opnames voor deze laatste aflevering lopen niet lekker: de twee uitgenodigde gasten werken nauwelijks mee, de Franse boeren zijn in staking, dus stopt de bevoorrading, en de kok van de kasteelkeuken waar de opnamen plaatsvinden, weigert iets af te staan van zijn voorraad. Dan komt de brief van Michelin die meldt dat Troost zijn twee sterren kwijtraakt. Al die misere levert een vermakelijke, goed geschreven, boeiende roman waarvoor Giphart zich uitstekend documenteerde en die tot nu toe een van zijn beste is.
I like Giphart a ton, and I think this book is so far the best one he has written. There are no books that I don't like, so maybe I'm a little biased. But I think a lot of the critics will be happy that this isn't about a student having sex all the time. This is about a grownup in a real-life situation. Maybe a little exaggerated, but we like it that way. What goes wrong, really goes wrong. Still Giphart has this skill of writing in a way that makes you read more and more, on and on, which is a huge plus. I would recommend this to anyone who likes reading about chefs de cuisine, about reality tv, about celebrities going down.
Na 75 p gestopt. Niet mijn boek. Ik vermoed dat Giphart geprobeerd heeft een scherpzinnige parodie op BNers en reality-tv te schrijven maar dat is jammerlijk mislukt. Zijn 'kijk mij eens veel van eten weten" irriteerde me enorm. Bovendien is Giphart voor mij te veel snel scoren: hij verbergt te weinig, laat hoegenaamd niets over aan je eigen verbeelding.
Ronald Giphart's schrijfstijl is smullen! En over culinaria heeft hij veel lekkers te melden. De eerste tientallen bladzijden heb ik echt genoten. Helaas breekt het ontbreken van een aansprekende plot het boek al snel op. Net als met de heerlijke notenmix van Partí. Een handvol per dag is genoeg; straks weer echt eten!
In elk boek van Giphart dat ik tot nu toe gelezen heb ontdek ik wel iets waarvan ik denk:'hee ik ben dus niet de enige die dat doet!'. In dit boek is dat het associëren van mensen met eten (en liedjes en kleuren).
Op en top Giphart: vol met geniale anekdotes, snedige uitspraken en met een ranzig randje. Maar ook hier en daar wat stof tot nadenken. Heel knap hoe hij zich heeft verdiept in de wereld van de sterrenchef. Giphart is gewoon echt goed in zijn vak.
Ondergedompeld in de schijnbaar ware wereld van topkoks die elkaar niets gunnen, zich van smaak- naar sexorgies verplaatsen en blind voor al het andere wat zich afspeelt. Leuke flashbacks met humor en twists. Begon er juist na een tijdje in te komen. Geleend van?!