Interessant kijkje in het hoofd van een topsporter; en dan ook nog niet zomaar een topsporter, maar van de judoka Edith Bosch. Ik ben opgegroeid met haar wedstrijden op de mat, maar zag als niet judoka enkel de grootste toernooien voorbijkomen. Desalniettemin heb ik altijd respect voor haar gehad, naast alle vragen die altijd in mijn hoofd spelen wanneer ik denk aan topsporters: Hoe doe je het? Hoe ga je om met wedstrijdspanning? Hoe houdt je het strenge regime vol, hoe laadt je jezelf op en bovenal, hoe bewaar je de balans tussen het egoïsme, dat nodig is voor topsport, en jezelf als mens? Edith geeft in dit boek antwoord op deze vragen, maar ook op nog veel meer.
Mijn bewondering voor Edith nam flink toe tijdens de olympische spelen in Londen, met een piek tijdens (en na) Expeditie Robinson. Dit boek bewijst waarom.
Het grootste pluspunt van dit boek is echter misschien wel de manier waarop alles is omschreven. Het verhaal is hier en daar luchtig, soms zelfs grappig en bovenal is het leven van een topsporter toegankelijk omschreven voor mensen die niet in het regime hebben gezeten. Ik zou bijna willen zeggen dat dit het perfecte boek zou zijn voor op het strand, want het leest gemakkelijk weg. Dat zou echter afdoen aan de kennis die je meekrijgt uit het boek, over topsport, judo en hoe belangrijk persoonlijke ontwikkeling kan blijken.