Na drieënhalf uur lopen zagen we Mikalati liggen. Op de heuvelflank stonden honderden koeien met gewelfde hoorns; daartussen liepen mannen met hoeden en stokken heen en weer, keurend, prijzend. Uit het dal steeg een zacht gegons op, dat sterker werd naarmate we, laverend tussen de koeien, dichterbij kwamen. In de gekleurde vlek in de diepte tekenden zich strooien afdaken af. Daartussen krioelde het van pratende, lachende, gebarende marktgangers. Zodra ze ons in de gaten kregen, stootten ze elkaar aan en algauw draaide de menigte zich als één man onze kant op.' Bij Uvira, een provinciestadje in Oost-Congo, rijst een bergwand op waarachter de hoogvlaktes liggen, een onherbergzame streek zonder wegen of elektriciteit die door de Belgen nauwelijks gekoloniseerd werd. Het is een gebied zoals er in Afrika zovele zijn: een mengeling van militarisme, bijgeloof en profetieën regeert het dagelijks leven. De kolonel die er de scepter zwaait, wijst Lieve Joris een gids toe. Ze trekken van markt naar markt, logerend in hutten bij lokale priesters en onderwijzers. Het landschap lijkt gedompeld in een Bijbelse rust, maar naarmate ze verder reizen, begint de macht van de kolonel te tanen en wordt de gids onzekerder. 's Nachts bezweert de bevolking haar angst voor oorlog met opzwepende kerkdiensten. Lieve Joris' reis door Congo begon bijna twintig jaar eerder in het uiterste westen van het land, waar haar heeroom missionaris was. De hoogvlaktes in het oosten zijn als de laatste hindernis die ze moet nemen. In dit oude landschap komen herinneringen aan het dorp van haar jeugd met grote kracht naar boven.
Lieve Joris
De hoogvlaktes
Met foto's van de schrijfster
lieve joris is internationaal bekend als schrijfster van Terug naar Congo, Zangeres op Zanzibar, De poorten van Damascus en Het uur van de rebellen. Dit laatste boek is inmiddels vertaald in het Frans en het Engels en verschijnt dit najaar in Duitsland. Libération noemde Lieve Joris naar aanleiding van dit boek 'een van de beste journalisten ter wereld'.
De Hoogvlaktes vind ik Lieve Joris mooiste boek - een wandeltocht (2004) van dorpje naar dorpje over de afgelegen hoogvlaktes van Oost-Kongo van Minembwe naar Uvira. De banyamulenge zijn gereserveerde veehouders, de liedjes gaan over koeien, de enige verzetjes zijn marktdagen en kerkdiensten. Nu opnieuw (nog steeds) is het een gebied met geweld en rebellen. Ook toen was er 'de kolonel', waren er rebellen en mai-maisoldaten. Lieve Joris beschrijft het landschap, de mensen heel mooi met de rust van de bergen en aandacht voor details. Lezen!
‘Na drieënhalf uur lopen zagen we Mikalati liggen. Op de heuvelflank stonden honderden koeien met gewelfde hoorns; daartussen liepen mannen met hoeden en stokken heen en weer, keurend, prijzend. Uit het dal steeg een zacht gegons op, dat sterker werd naarmate we, laverend tussen de koeien, dichterbij kwamen. In de gekleurde vlek in de diepte tekenden zich strooien afdaken af. Daartussen krioelde het van pratende, lachende, gebarende marktgangers. Zodra ze ons in de gaten kregen, stootten ze elkaar aan en algauw draaide de menigte zich als één man onze kant op.’
Sinds enige tijd, dus met veel 'achterstand', lees ik af en toe een boek van Lieve Joris. En graag. Terecht heeft ze prijzen en onderscheidingen in binnen- en buitenland ontvangen. Deze manier van reizen, heel avontuurlijk, vind ik uniek. Dat ze onderweg notitities maakt en er later een boek van maakt, vind ik dan weer haast bovenmenselijk. Boven de journalistiek uit en toch journalistiek. Dit boek meer bepaald is een aanrader; Lieve Joris bereikt een leeftijd waarop ze ook heel ver in het verleden terugblikt. En klikt. Vijf sterren. Hoewel het boek dateert van na 2000 staan er geen fouten in. Een unicum
De hoogvlaktes Jaar van publicatie 2008 Lieve Joris Dag gelezen 3 septeber 2024 8 out of 10 Ik vind Lieve Joris geweldig. Misschien is het omdat we een aantal dingen gemeenschappelijk hebben; ook ik groeide op in een Limburg in een niet zo ver verleden, ook ik vertrok naar het buitenland. Daar houdt het wellicht op; onze familiestructuur is minder kleurrijk als die van haar, en terwijl zij rondtrekt met als expliciet doel inspiratie te vinden voor haar boeken, was ik voor een tijd projectmatig bezig met ontwikkelingssamenwerking. Mijn ervaringen als blanke in een inheems dorp waren beperkt tot bezoeken met een 4WD; en alhoewel ik dan vaak een week lang terplekke bleef kan ik niet claimen dat ik ooit met de ouderen of leidinggevende figuren van het dorp praatte; het waren meestal provinciehoofdsteden waar mensen geregeld blanken zagen. De rest van de tijd bracht ik door in hoofdsteden, waar ik me als de meeste Westerlingen knus nestelde in een van de betere buurten.
Ik kijk nu al uit naar haar andere boeken over Afrika; tot nog toe las ik enkel “Terug naar Congo” en “Terug naar Neerpelt”. Ook in “De hoogvlaktes” treft Lieve Joris me telkens opnieuw door de eenvoud waarmee ze de dingen weergeeft. Bij haar geen hypocrisie of schaamte. Ze is nieuwsgierig naar wat er gebeurt achter de bergen, wat er in mensen hun hoofd speelt. Met een gezonde dosis achterdocht ontmoet ze een wereld die erg ver van de onze ligt. Met een vorm van afgrijzen ervaart ze het gebrek aan hygiëne en het ongegeneerd snotteren. Als ze ziet hoe stokoude en piepjonge mensen haar loodzware bagage moeten torsen, wordt ze telkens opnieuw geconfronteerd dat het voor die mensen vaak de enige manier is om iets te verdienen. De angst voor gewapende milities die in deze contreien door ieders hoofd speelt wordt benoemd, en de ontmoetingen met zwaargewapende tieners geven het gevoel van crisis perfect weer.
Voor de meeste mensen is het erg moeilijk om zich de erbarmelijke levensomstandigheden en praktische problemen voor te stellen die een groot deel van de wereldbevolking op dagelijkse basis moeten doorstaan. De boeken van Joris vallen steevast op omdat ze de rauwe werkelijkheid schetsen zonder melodrama, en toch het mooie en goede in mensen eruit lichten. Dit staat in sterk contrast tot de meeste romans die reizen door een niet Westers land beschrijven. Vaak vertellen ze een verhaal met opmerkelijke feiten, verrassende, grappige of angstaanjagende situaties, maar het is slechts zelden dat de reiziger het leven van de lokale bevolking deelt, al is het maar voor kort. Integendeel, meestal wordt het contrast benadrukt tussen de rijke westerling, die goed georganiseerd en door een financieel vangnet beschermd, de lokale bevolking observeert, en zelf de moeilijkheden “overwint”. Lieve Joris draagt haar zak ook niet zelf; en in tegenstelling tot een jongen die dezelfde tocht aanvat met enkel een lang T shirt en een kip, kan ook zij beroep doen op een survival kit verpakt in een samsonite koffer. Toch treft haar relaas me als oprecht, en een veel preciezere omschrijving van wat er speelt in Afrika, in dit geval in het oosten van Congo. Chapeau.
Petit bouquin d'un peu plus d'une centaine de pages, Les Hauts plateaux nous emporte aux confins de la République démocratique du Congo et à ses frontières avec le Rwanda voisin.
C'est la première fois que je lis un auteur belge sur le thème de l'Afrique, et a fortiori du Congo ; le livre semblait d'emblée prometteur : une jeune femme voyageant dans cette région très instable m'intriguant beaucoup...
Lieve Joris nous livre ici une sorte de journal de voyage autobiographique, alternant entre récits de ses journées de marche à travers les montagnes, et de ses quelques séjours dans des bourgades un peu perdues, ses réflexions sur le monde qui l'entoure et ses pensées vers sa mère, dont la mort l'a profondément marquée...Mais dont le sujet est amené de manière surprenante dans le récit, sans que l'on comprenne véritablement le lien avec les évènements qui y sont contés.
Au fur et à mesure de la lecture s'installe finalement une sorte de malaise : si certaines observations sont intéressantes et pertinentes pour quiconque s'intéresse à cette région, notamment sur les différentes ethnies qui y vivent, les mœurs et coutumes faisant peu de place à la femme, et l'atmosphère de conflit qui règne entre différentes milices congolaises, mais aussi entre Rwandais et Congolais, dont on ne connait plus très bien la nationalité au vu de la frontière mainte fois traversée tantôt pour fuir Mobutu, le génocide ou pour reconquérir un territoire, on ne parvient pas à éprouver de l'empathie pour la narratrice, qui nous conte tout cela avec un détachement étonnant et une grande froideur, que je qualifierais même parfois d'hostilité envers ce et ceux qui l'entourent. On passe donc de son désir un peu fou d'atteindre les hauts plateaux à une sorte de mépris qu'elle ne peut s'empêcher d'éprouver devant l'ignorance et la naïveté des personnes qu'elle rencontre, que ce soit sur les sujets de la religion ou du rôle de la femme dans la société. Un peu comme si l'auteur avait été prise entre la tolérance que l'on se doit observer envers des cultures qui nous sont différentes et des pays que l'on visite, et son besoin de se comporter en femme occidentale et libre, qui peut s'affranchir de l'opinion sociale.
J'en garde une impression très mitigée : à lire si le Congo vous passionne, sauvez-vous si vous préférez les bouquins un peu plus positifs sur leur contenu. Au-delà des ces remarques, ce livre est bien écrit et se lit très rapidement du fait de sa petite taille, heureusement peut-être !
‘East is east, west is west, and never the twain shall meet’ meende Rudyard Kipling. In dit reisverslag geldt hetzelfde voor Lieve Joris en de bewoners van de hoogvlaktes. Dit heeft veel te maken met het gebrek aan een gedeelde taal en begrippenkader. Daar komt bij dat de verschillende etnische groepen (Banyamulenge, Shi, Benbe, …), die geen hoge dunk hebben van elkaar, ook verschillende talen spreken en oude en nieuwe vetes onderhouden. De hoogvlaktes zijn heel verschillend van de rest van Congo. Een lokale potentaat, ‘de kolonel’, regeert in het gebied en zijn toestemming is nodig om het land te doorkruisen onder begeleiding van een door hem aangewezen gids. Op weg naar beneden, naar het Tanganyikameer, betaalt men in dollars, sigaretten en drank (om soldaten om te kopen) en koeien (als men een vrouw op het oog heeft). De zeden zijn redelijk los, al dient men het gewassen ondergoed van de dames te verbergen als het droogt. De mensen zijn bang voor het donker en misschien nog meer overdag als ze zich van het ene dorp naar het andere verplaatsen. Vanachter elke struik kan een soldaat of militieman opduiken. In het beste geval laat die zich paaien door hem sigaretten en drank aan te bieden. Lieve Joris gaat vooral in gesprek met mannen. Vrouwen blijven op de achtergrond, hun belangrijkste taak is kinderen op de wereld te zetten. Sommige mannen hebben meerdere vrouwen. Als Lieve Joris de mannen (Banyamulenge ) vraagt naar wat ze van de liefde denken, weten ze niet wat dat is, behalve de liefde voor koeien, die bezongen worden in liederen en gedichten. De schrijfster schrijft alles op zoals ze het ziet, vrijwel zonder een oordeel uit te spreken, ook zonder het wederzijdse onbegrip weg te moffelen. Alleen als ze het heeft over haar overleden moeder komen de emoties boven die ze in de rest van het verslag veilig onder controle houdt.
il s’agit d’un récit de voyage dans l’est de la République démocratique du Congo, plus précisément dans la région des Hauts Plateaux du Sud-Kivu. Lieve Joris décide de se rendre dans un territoire isolé et difficile d’accès, marqué par les tensions ethniques et l’héritage colonial. Elle y croise divers habitants et nous raconte leur quotidien.
Elle nous fait comprendre comment la colonisation belge, le génocide rwandais et les conflits régionaux ont pesé sur la vie des différents peuples qui occupent cette région.
💬 Je pensais que j’allais être emportée par ce type d’histoire mais cela n’a pas été le cas. J’ai trouvé que le récit manquait d’émotion. Il n’y a pas d’action, pas d’implication réelle de la narratrice et j’ai trouvé l’ensemble assez froid, j’ai même eu du mal à le terminer alors que c’est un roman court. Toutefois, si vous vous intéressez à l'histoire de cette région, c'est sans doute un roman qui vous plaira
Dit korte reisverhaal van Lieve Joris uit 2006 is verrassend actueel. Zij beschrijft gedetailleerd haar voettocht door Oost-Congo, zonder te oordelen. Haar gevoelens houdt ze voor zich, behalve als het over haar moeder en jeugd in Overpelt gaat en dat maakt het net geen reisverslag.
Mooi reisverhaal door een deeltje van Oost-Congo, de weg van Minembwe tot Uvira, gelegen aan het Tanganyikameer, in de buurt van Rwanda en Burundi. De verscheidenheid aan volkeren, hun manier van leven en communiceren, hun kijk op elkaar, enkele van hun verhalen, zijn mooi verteld door Lieve Joris.
Haar boek “Terug naar Kongo” heb ik jaren geleden gelezen, maar ga ik nu herlezen.