Carry van Bruggen heeft met deze roman een indrukwekkend boek neergezet. Het verhaal speelt af rond 1910 in Nederland. Beschreven worden de tradities en vieringen in een Joods gezin, maar ook hoe de gezinsleden van elkaar vervreemden. De keuzes die de kinderen maken, het gemis van de moeder en de vasthoudendheid van de vader, het komt allemaal aan de orde.
Ik las het boek in de oude Nederlandse spelling en dat was wennen, maar ook mooi. De schrijfstijl doet me wat denken aan de boeken die ik als kind las van W.G. van der Hulst. Opmerkelijk ook de soms enorm lange zinnen.
Het knap geschreven boek laat mij als lezer wat droevig achter.