Thomas Blankvoort is in veel opzichten een buitenbeentje. Hij voelt zich eenzaam en onbegrepen, zowel thuis als op school. Al heel jong verliest hij zijn moeder, zijn vader is een kille man, het gezin waarin hij opgroeit is bepaald geen warm bad en op school leert hij niet datgene wat er volgens hem echt toe doet. Na een aanvaring met de rector wordt hij, vlak voor de eindexamens, van school gestuurd. Eerder opgelucht dan uit het veld geslagen wijkt hij uit naar Amsterdam, waar hij de warme zomer aanvankelijk in zorgeloze ledigheid doorbrengt. Zijn leven krijgt echter een volkomen andere wending als hij in contact komt met de raadselachtige jazztrompettist Abel Bernstein. Voor het eerst voelt hij zich door iemand gezien en gewaardeerd. Als Bernstein in plaats van te komen opdagen voor een volgende ontmoeting spoorloos verdwijnt, begint Thomas aan een zoektocht zonder weerga. Ademtocht is een fascinerende verkenning van de verhouding tussen leven, liefde en dood, een ode aan de bezieling en de magische kracht van muziek. Een onvervalste pageturner, die nog lang na lezing tot nadenken stemt over het wezen van de werkelijkheid.
Ademtocht komt gelijk lekker op dreef. Ook al is het aanvankelijk nog volstrekt onduidelijk waar het verhaal heengaat en waarom de beschreven gebeurtenissen relevant zijn, pakt het meteen en maakt het nieuwsgierig. Het taalgebruik is eloquent en doet bij vlagen denken aan Harry Mulisch, maar zonder de bijbehorende verwaandheid die achter de woorden schuilgaat.
Op ongeveer een derde van het boek begint de klad erin te raken. Nog altijd is er geen duidelijke richting van het verhaal en dreigt het te verzanden in een sentimentele geschiedenisles. Maar juist op het punt dat je denkt dat het saai gaat worden, is er zo’n plotselinge en volstrekt onverwachte wending in het verhaal dat je weer op het puntje van je stoel zit. “Wat heb ik net gelezen?!”
Vanaf hier verandert het verhaal in een filosofisch en existentioneel werk dat doet denken aan de boeken van Paulo Coelho. Al het voorgaande komt mooi bij elkaar en, hoewel wat vergezocht, is het origineel en bijzonder. Het enige minpuntje vind ik het gebrek aan "show, don't tell". Er is een aantal momenten in het verhaal waarbij iets te letterlijk wordt naverteld wat er gebeurd is, vooral wara het de geschiedenis van Abel betreft. Mooier had ik het gevonden als de informatie die daar gedeeld wordt in een vorm was gegoten alsof we de scene als lezer zelf meemaken in plaats van als wat afstandelijk verslag van de gebeurtenissen. Maar dat mocht de pret niet drukken. Ik heb het met veel plezier gelezen en kijk uit naar meer boeken van deze schrijver.
De titel ‘Ademtocht’ slaat op het verschil tussen leven en dood. Het enige verschil is immers die ene ademtocht. Tevens is het een referentie aan de lucht die nodig is om trompet te spelen – de beker van de trompet van Abel Bernstein is dan ook weergegeven op het omslag van het boek – een instrument dat een centrale rol speelt in het verhaal, en schijnt de naam Abel zelf ook ‘Ademtocht’ te betekenen.